
Ik zag, geloof ik, ontzettend vooruit naar een dag als deze: zonder afspraken of andere verplichtingen, zwervend door een deel van Beiroet dat ik niet goed ken. De oude stad bestaat, grosso modo, uit twee heuvels, waarvan de westelijke traditioneel soennitisch is en de oostelijke traditioneel christelijk. In het oosten is daar – om welbekende redenen – begin twintigste eeuw een Armeense voorstad bij gekomen en de afgelopen zestig, vijftig jaar groeiden in het zuiden Palestijnse vluchtelingenkampen – feitelijk stadswijken – en een sji’itische voorstad. Ik logeer doorgaans op de westelijke heuvel en wilde nu de oostelijke eens zien.
Niet dat ik hier nooit kom. Ik wist al dat ik bij café Mathaf kon ontbijten. De naam betekent zoiets als “museumcafé”, want het is recht tegenover het Nationaal Museum, dat ik dit jaar maar eens oversla. Ik was de eerste gast; men was de ramen nog aan het lappen terwijl ik mijn espressootje wegtikte, lekker lezend in de zon.



Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.