Op bezoek in Libanon (2): Achrafieh

Graffiti in Achrafieh

Ik zag, geloof ik, ontzettend vooruit naar een dag als deze: zonder afspraken of andere verplichtingen, zwervend door een deel van Beiroet dat ik niet goed ken. De oude stad bestaat, grosso modo, uit twee heuvels, waarvan de westelijke traditioneel soennitisch is en de oostelijke traditioneel christelijk. In het oosten is daar – om welbekende redenen – begin twintigste eeuw een Armeense voorstad bij gekomen en de afgelopen zestig, vijftig jaar groeiden in het zuiden Palestijnse vluchtelingenkampen – feitelijk stadswijken – en een sji’itische voorstad. Ik logeer doorgaans op de westelijke heuvel en wilde nu de oostelijke eens zien.

Niet dat ik hier nooit kom. Ik wist al dat ik bij café Mathaf kon ontbijten. De naam betekent zoiets als “museumcafé”, want het is recht tegenover het Nationaal Museum, dat ik dit jaar maar eens oversla. Ik was de eerste gast; men was de ramen nog aan het lappen terwijl ik mijn espressootje wegtikte, lekker lezend in de zon.

Lees verder “Op bezoek in Libanon (2): Achrafieh”

De Libanese burgeroorlogen (13)

Nieuwbouw in Beiroet

[Dit is het laatste deel van een serie van dertien artikelen. In het vorige artikel beschreef ik hoe de Taif-akkoorden werden gesloten en Syrië de feitelijke macht kreeg. Het eerste deel eerste is hier.]

Syrië was nu in feite de baas. Het erkende weliswaar Libanons soevereiniteit, maar het land zou niet meer mogen denken aan een onafhankelijk vredesverdrag met Israël, zoals president Bashir Gemayel nog had geprobeerd.

De Syriërs ontwapenden alle milities behalve Hezbollah, dat deze uitzondering had te danken aan het feit dat ze Libanon beschermde tegen Israël en het Zuid-Libanese Leger. Het Libanese leger raakte in de volgende jaren steeds beter georganiseerd en beheerste steeds grotere delen van het land, zodat Syrië een deel van zijn troepen kon terugtrekken uit wat nu een vazalstaat was. Een belangrijke politicus was de in Libanon geboren Saoedische miljardair Rafiq Hariri, die in 1993 premier werd en de middelen wist te organiseren om Beiroet weer tot een levende stad te maken.

Lees verder “De Libanese burgeroorlogen (13)”

De Libanese burgeroorlogen (8)

Gevecht in Beiroet
Gevecht in Beiroet

[Dit is het achtste deel van een serie van dertien artikelen. In het voorafgaande beschreef ik hoe in het door Syrië bezette Libanon nieuwe coalities ontstonden: Israël en de Falange tegen de PLO en Syrië. Het eerste deel is hier.]

Een moordaanslag op een Israëlische diplomaat was de vonk in het kruitvat. Op 6 juni 1982 viel Israël Libanon binnen. De Syriërs werden teruggedreven en op 11 juni kwamen zij en de Israëli’s een staakt-het-vuren overeen. Nu begon de belegering van het westelijke, islamitische deel van Beiroet, waar de PLO haar hoofdkwartier had. In het oostelijke, christelijke deel ontmoette de Israëlische minister van Defensie Sharon de falangistische leiders en kwam overeen dat zij zouden helpen bij de bezetting van het zuiden. Dit zou een politieke misrekening blijken te zijn: de druzen en de sji’ieten, die aanvankelijk de Israëlische afrekening met de PLO neutraal hadden aanschouwd, voelden zich nu gebruuskeerd en kozen steeds meer partij tegen Israël. Met hulp uit Iran, dat zijn revolutie wilde exporteren, richtten de sji’ieten – die, in de regel arm, zich al hadden georganiseerd in zelfhulpgroepen – nu de Hezbollah op, de “partij van God”. (Er was al een sji’itische partij, Amal. Deze was echter gericht op Libanon en zocht geen aansluiting bij de revolutie in Iran.)

Lees verder “De Libanese burgeroorlogen (8)”

De Libanese burgeroorlogen (6)

De beroemde foto van Françoise Demulder: de bewoners van het Palestijnse vluchtelingenkamp Karantina worden opnieuw tot vluchtelingen gemaakt.
De beroemde foto van Françoise Demulder: de bewoners van het Palestijnse vluchtelingenkamp Karantina worden opnieuw tot vluchtelingen gemaakt.

[Dit is het zesde deel van een serie van dertien artikelen. In het voorafgaande beschreef ik hoe een etnisch en religieus heterogene, jonge staat grote groepen Palestijnse vluchtelingen wist te absorberen en economisch opbloeide, maar hoe de aankomst van bewapende Palestijnen vanaf 1970 de verhoudingen op scherp zette. Het eerste deel is hier.]

In april 1975 openden enkele schutters het vuur op Pierre Gemayel, de sterk anti-Syrische leider van de Falange. Hij overleefde de aanslag, maar de eerste doden waren gevallen in wat zou escaleren tot een burgeroorlog. De Palestijnen kregen destijds de schuld en de falangisten beschoten, bij wijze van represaille, een bus met Palestijnen: zesentwintig doden. De maanden erna werd er sporadisch gevochten en even hoopte men nog dat het een incident was geweest en dat alles rustig zou blijven.

Lees verder “De Libanese burgeroorlogen (6)”