Faits divers (26)

Net als vorige week maandag ook deze maandag een aflevering van de reeks faits divers, die hiermee bijna regelmatig dreigt te worden. Wat voor een onregelmatig verschijnende rubriek niet de bedoeling is, zeker niet als het tijdslot op maandag eigenlijk is gereserveerd voor oudheidkundige methoden, theorie en technieken.

***

Barbara Levick

De Britse Oxford-oudhistorica Barbara Levick is overleden. Een paar maanden geleden alweer, maar ik wist er nog niet van. Het is moeilijk te zeggen wat haar belangrijkste boeken zijn, want het zijn allemaal monumentjes. Als herdruk een criterium is, zal haar bronnenboek The Government of the Roman Empire (1985) wel het meest invloedrijk zijn. Het is een collectie van bijna 250 teksten die documenteren hoe het Romeinse keizerrijk functioneerde. De verzameling was misschien niet heel innoverend, maar het is leuk hoe ze systematisch literaire bronnen koppelt aan inscripties. Dat het boek alweer wat ouder is, blijkt uit het feit dat er slechts één tekst in is opgenomen die niet in het Latijn of Grieks is. Dat is geen verwijt. 1985 is al een half mensenleven geleden. Het zou echter, vermoed ik, nu anders zijn.

Lees verder “Faits divers (26)”

Klassieke literatuur (9): biografie

Seneca en Sokrates, twee volken in één cultuur: het culturele ideaal van Ploutarchos. Herme uit Rome, nu in het Altes Museum in Berlijn.

[Bij mijn mail zat een tijdje geleden de vraag welke klassieke teksten en vertalingen ik mensen zou aanraden. In deze onregelmatig verschijnende reeks zal ik een persoonlijk antwoord geven, waarbij leesplezier voorop staat. Wie zich er echt in wil verdiepen, kan het beste aan een universiteit bij een cursus aanschuiven. Voor de Latijnse literatuur is er Piet Gerbrandy’s Het feest van Saturnus. Voor de Griekse en christelijke literatuur is zo’n boek er niet. Vandaag behandel ik het genre van de biografie.]

Ik heb er al eerder op gewezen dat de Grieken en Romeinen methodisch individualisten waren, wetenschapsbargoens om aan te geven dat alleen individuen de oorzaak kunnen zijn van historische gebeurtenissen. Deze visie geldt als achterhaald: er bestaat zoiets als “institutionele overmacht”, wat wil zeggen dat menselijk gedrag wordt veroorzaakt door abstracte zaken die niet zijn te herleiden tot individuen. Over deze stof hoeven wij ons nu het hoofd niet te breken; waar het mij vandaag om gaat is dat het antieke denken over oorzakelijkheid met zich meebrengt dat men het karakter van de diverse historische personages relatief belangrijk vond. Dus ontstond een nieuw literair genre: de biografie.

Lees verder “Klassieke literatuur (9): biografie”