
Begin 1808 stond Napoleon op het hoogtepunt van zijn macht. Hij had de Rijnbond gesticht, hij had bij Jena het onoverwinnelijk geachte Pruisen verslagen, hij had goede hoop met het Continentaal Stelsel de Engelsen eindelijk op de knieën te drukken, hij had met Rusland het vredesverdrag van Tilsit gesloten. Tijd dus om op weg te gaan naar nieuwe veroveringen.
Napoleon liet zijn oog vallen op de Barbarijse Staten, zeg maar het huidige Marokko, Algerije, Tunesië en Libië. Ik blogde er al eens over. Het doel was om de Middellandse Zee tot een Franse binnenzee te maken. Bijkomend voordeel was dat hij zich kon presenteren als bestrijder van de Barbarijse kapers, die christelijke zeelieden gevangen namen en tegen hoge losgelden weer vrij lieten. In april 1808 vroeg Napoleon zijn minister van Marine of er een haven aan de Algerijnse kust was waar een eskader veilig beschermd zou kunnen landen zonder gevaar te lopen te worden aangevallen door een overmacht van vijandelijke schepen. Verder wilde de keizer weten in welk seizoen ziektes het minst te vrezen waren en welk het klimaat het geschiktst was.
Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.