Tabriz (Iran)

Tabriz, gelegen in het noordwesten van Iran, is niet de allerbekendste stad van het land. Er wordt geen aansprekend, internationaal product vervaardigd, zoals de druiven uit Shiraz of de tapijten van Kerman; er zijn geen schokkende politieke gebeurtenissen geweest, zoals in Teheran; en anders dan Isfahan, waar een bekend gedicht is gesitueerd, speelt Tabriz ook al geen rol in de internationale letteren. Heel misschien kent u de grap van F. Springer, die in zijn hilarische roman Teheran, een zwanenzang iemand een boek laat schrijven met een hoofdstuk over het bezoek dat de componist Gustav Mahler aan de stad zou hebben gebracht.

Ik heb wel eens gezocht naar CDs met een Mahlersymfonie in de bazaar van Tabriz, een schitterend, oud en groot complex dat een welverdiende plaats heeft op de UNESCO-lijst van Werelderfgoed. Als iets in de bazaar van Tabriz iets niet te koop is, zal het vermoedelijk wel niet bestaan – met uitzondering dan van Mahler-CDs, waarvan ik zeker weet dat ze bestaan en die ik desondanks niet heb kunnen vinden.

De stad geniet hier en daar enige bekendheid om zijn vijftiende-eeuwse Blauwe Moskee, een van de mooiste heiligdommen uit Iran. Bij een aardbeving is het gebouw enkele jaren geleden hard geraakt, maar de restauratie is net afgerond. Men heeft daarbij niet geprobeerd te verbergen dat er schade is geweest, maar er is voldoende hersteld om een indruk te krijgen van de schoonheid van het gebouw. De aardbevingsschade hoort immers evengoed bij de geschiedenis van het gebouw als de kunstwerken van de tegelzetters.

De vakidioot die ik ben was vooral onder de indruk van het Museum van Azerbaijan, het op een na grootste archeologische museum in Iran. Als de naam u wat bevreemdt: Atropates was een Iraanse edelman die in de dagen van Alexander de Grote aanvankelijk vocht tegen de Macedoniërs, maar later het hopeloze van de onderneming inzag en alles deed om de traditionele, Iraanse religie te beschermen toen de veroveraars optraden tegen haar religieuze leiders. Het gebied waarvan Atropates de identiteit en onafhankelijkheid wist te bewaren, heette sindsdien Atropatene, ofwel Azerbaijan, en bestond uit het noordwesten van Iran en de voormalige Sovjet-republiek. Het is eeuwenlang bestuurd geweest door de Iraanse sjah, maar in 1813 is het noordelijke deel in Russische handen gekomen.

De nagemaakte Sasanidische schaal (Museum van Azerbaijan, Tabriz)

Wat me opviel in het museum was de enorme zorg en de verstandige didactische keuzes die zijn gemaakt. De mensen staan open voor discussie. Van de schitterende schaal uit de Sassanidische tijd die zó mooi was bewaard dat ik me afvroeg of ze wel authentiek was, werd meteen erkend dat daarover discussie was geweest. Er zijn genoeg plaatsen waar je meteen als arrogante vooringenomen westerling wordt afgeserveerd als je zo’n vraag stelt, maar niet in Tabriz.

De stad heeft een kleine luchthaven, waarvan ik me vooral herinner dat de mensen van de kleine koffiebar een verdraaid straffe bak zetten. Echte koffie, niet de in het Midden-Oosten alomtegenwoordige Nescafé.

Ziezo. Nu weet u het. De stad heeft een rijk verleden. En een efficiënte horeca. Er zijn aardige bazari’s, restaurateurs met liefde voor hun vak en capabele museummensen, die vandaag mijn vrienden Richard en Shirin te gast hebben.