Geliefd boek: De encyclopedie

Standbeeld voor Anthony Winkler Prins (Veendam)

Meneer Janss was mijn eerste leraar geschiedenis, op de dependance van het Veluws College in Apeldoorn. Ik mocht hem en hij mocht die puberende brugklasser, die hij typeerde als encyclopedist. Daarmee had hij gelijk. Ik kende de namen van de banden van de Winkler Prins-encyclopedie uit het hoofd: A-Amor, Amos-Baat, Bab-Bin…

Ik heb die liefde voor encyclopedieën altijd behouden. Het fijne van zo’n verzamelwerk is namelijk dat je alle relevante informatie, gevarieerd als ze is, bij elkaar hebt. Het is vermoedelijk geen toeval dat ik in de oudheidkunde terechtkwam: ook daar is de informatie gevarieerd. Laat ik maar eerlijk toegeven dat Livius.org eigenlijk mijn privé-encyclopedie is.

Oudheidkundige encyclopedieën

Ik bezit een paar encyclopedieën. De Winkler Prins heb ik uit het ouderlijk huis meegenomen. De Encyclopaedia Judaica heb ik in permanente bruikleen van een rabbijn die inmiddels is overleden. Naast me – letterlijk binnen handbereik – staat de Neue Pauly, een oudheidkundige encyclopedie, waarvan ik alle delen een voor een heb gekocht toen ze uitkwamen.

De Neue Pauly is een voortzetting van een groter project, de tachtig delende Realenzyklopädie der Classischen Altertumswissenschaft. Die is bedacht door August Pauly, die midden negentiende eeuw een zesdelige encyclopedie maakte, en later hernomen door Georg Wissowa, die in 1890 de boekenkastvolle reeks ontwierp. Er is negentig jaar aan gewerkt. Het vijftiende supplement (“Acilius – Zoilos”) verscheen in 1978. Twee jaar later verscheen nog een index waarin je kunt opzoeken in welke Band, Halbband of Supplementband je je trefwoord vindt. Dit monster van kennis en inzicht is momenteel leverbaar in de vorm van een batterij PNG-bestanden. Ook al is de Neue Pauly recenter en actueler, het origineel is nog steeds nuttig.

Verrassing

De ordening van de informatie in een encyclopedie is niet thematisch, geografisch of chronologisch. Ze is daardoor niet voorspelbaar. De alfabetische ordening is in feite vrij absurd, waardoor een encyclopedie verrast – altijd. Het IJzertijd-koninkrijk Edom en het daar gesproken Edomitisch staan in een encyclopedie tussen de laat-Romeinse generaal Edobicus en de Thracische stam der Edones. Een encyclopedie is daardoor een pakhuis waarin je voortdurend de mooiste menselijke emotie ervaart: verbazing.

Tegelijk is er iets plagerigs. Je weet dat in een boekenreeks waarin álles staat, ook ergens het antwoord moet staan op de ultieme vraag over het leven, het universum en alles – en dat je dat antwoord nooit zult vinden in die oceaan aan inzichten. Maar ik teken voor het op één na mooiste, dat je voortdurend iets nieuws en verrassends vindt.

[Dit was het tweeënveertigste stukje in de reeks Geliefde Boeken. Nieuwe bijdragen blijven, zolang de lockdown duurt, welkom! U bereikt me hier.]

9 gedachtes over “Geliefd boek: De encyclopedie

  1. Er staat hier nog steeds een Encyclopaedia Brittanica (micropaedia en macropaedia) te wachten bij me totdat je zin hebt ‘m op te halen. Hij zoekt al tijden een nieuw baasje! 🙂

  2. Elizabeth

    Vele uren heb ik doorgebracht toen ik 8 of 10 was (10 of 12?), bladerend door onze “World Book Encyclopedia”. Ik begon meestal met “C” (for CAT) uit de kast te trekken en liet me verder leiden door het toeval om interessante dingen te vinden en verdere informatie erover op te zoeken. Na een sessie lagen 10 of 15 van de boeken open op de grond en was mijn dorst naar ‘meer’ even gelest.

  3. Huibert Schijf

    De Encyclopedia Judaica heb ik een tijdlang regelmatig geraadpleegd. Ik ging daarvoor naar de Bibliotheca Rosenthaliana waar hij in de kast staat. Een waardevolle bron, maar niet geheel foutloos, merkte ik. Ik moet er niet aan denken om die 22 (?) delen in huis te hebben. Dat neemt te veel ruimte in beslag. Gelukkig is de encyclopedie tegenwoordig on line te raadplegen. Dat is pas echte vooruitgang.

  4. Mijn ouders hadden vroeger thuis een oeroude encyclopedie uit wat zal het zijn, 1890 of misschien nog ouder. Hoewel een serieuze uitgave was het een reeks die bol stond van de Hollandse graven en gravinnen. Vermoedelijk was het voor een groot deel nationalistische onzin en wensdenken maar ik heb er van gesmuld. Er staat nog een Brittanica in de boekenkast maar ik heb geen aandrang om hem weg te doen. Niets heerlijker dan van het ene naar het andere onderwerp te worden gezogen en dan ineens te merken dat je al weer een uur of wat verder bent.

  5. Arnold den Teuling

    Mijn oom, die archivaris in opleiding was, had vanwege zijn beroep de Katholieke Encyclopedie gekocht, omdat de historische artikelen daarin volgens hem beter waren dan die van de Winkler Prins. Bij logeerpartijen, zo rond mijn tiende jaar, heb ik uren stadsgeschiedenissen zitten lezen.

    1. Het schijnt dat de protestantse theologische universiteiten het artikel over Protestantisme uit de katholieke encyclopedie voorschreven aan hun studenten. Dat had diverse redenen. De eerste was dat het een goed stuk was; het tweede was dat het studenten dwong met “outsider eyes” naar zichzelf te kijken; het derde was dat de diverse protestantse splintergroepen niet in staat waren even onbevooroordeeld over elkaar te schrijven.

  6. Frans

    Het allerleukste aan zo’n encyclopedie is dat je ook dingen vindt die je niet zoekt. Je wilt bijvoorbeeld iets weten over apen en voor je het weet lees je over anarchie en anatomie en Arabieren…

  7. Marcel Meijer Hof

    42 :-] Tegenwoordig blader ik digitaal in vier talen door de Wiki. En eens per jaar doneer ik een bescheiden geldbedrag.

Reacties zijn gesloten.