De “primitieve” mens

Een tijdje geleden kon ik hier enkele keren verwijzen naar het boek dat Johan Hendriks had geschreven over de Romeinse keizers, Augusti (2023). En zoals het gaat met schrijvers: met het eerste boek toont een auteur zijn potentie, bij het tweede boek heeft ’ie het in de vingers en schrijft ’ie iets geweldigs. Hendriks’ tweede boek is inderdaad geweldig.

Het draagt maar liefst drie titels: de romantische hoofdtitel Dageraad, de intrigerende ondertitel Van Ardi tot Vercingetorix, en de verhelderende onder-ondertitel De vroege geschiedenis van Europa. Ik zal er nog wel een paar keer over bloggen, want het is niet alleen een fijn boek over de Prehistorie, het vult ook een lacune. Een lacune die in elk geval ik ervaar sinds mijn colleges Prehistorie: we hebben in ons taalgebied niet voldoende toegankelijke overzichtswerken.

Een lacune gevuld (en goed)

Deze lacune is te illustreren door te verwijzen naar een eerdere poging haar te vullen: Onze vroegste voorouders (2017) van Leendert Louwe Kooijmans. Na zijn emeritaat vatte de Leidse hoogleraar Prehistorie voor het grote publiek samen wat hij jarenlang had gedoceerd aan zijn eerstejaars. Het (door hem benadrukte) probleem was dat zijn boek was ingehaald door de DNA-revolutie. Regelmatig vertelt Louwe Kooijmans iets als “zo en zo zagen we het, inmiddels is er genetisch bewijs”. Daarvan was in 2017 nog niet heel duidelijk wat het zou opleveren. In de zin dat je als archeoloog het grote publiek de twijfels moet tonen die je met je collega’s deelt, was Louwe Kooijmans’ boek voorbeeldig, maar, verschijnend op een spannend moment waarop de archeologen even niet goed wisten waar het onderzoek op uit zou lopen, bleef Onze vroegste voorouders wat onbevredigend als overzichtswerk. De lacune bleef. Maar nu is er dus Dageraad, dat profiteert van het feit dat de contouren van de DNA-revolutie zich inmiddels aftekenen.

Ik ben jaloers op Johan Hendriks. Ik zou heel graag zelf een handboek over de Oudheid schrijven, maar het zal nooit gebeuren. Ik kan immers niet achter de academische betaalmuren en ik moet eerst geld verdienen voordat ik kan beginnen aan mijn eigenlijke werk. U hoeft geen medelijden met me te hebben; ik noem het slechts omdat ik herken hoe lastig het voor Hendriks moet zijn geweest om Dageraad te schrijven.

Zoals gezegd: het is een goed boek. Als u wil lezen wat de mensheid zoal deed vóór de geschreven geschiedenis begon – en wie zou dat niet willen weten? – dan moet u Dageraad. Van Ardi tot Vercingetorix. De vroege geschiedenis van Europa lezen. Hendriks heeft bovendien een goede vorm gekozen door de stof op te splitsen in korte, overzichtelijke hoofdstukken. Ik denk dat ik een goede docent herken – Hendriks verzorgt hoger onderwijs voor ouderen (HOVO). Maar de grootste deugd is dat Dageraad uitnodigt tot verder nadenken.

Wij en zij

En dan kom ik nu dus met iets dat in schijn kritiek is. Hendriks benadrukt dat de mensheid, voordat ze leerde schrijven, niet primitief was. Die stelling vormt de ouverture van zijn boek, ze is het Leitmotiv in alles wat volgt en ze is wat Hendriks benadrukt in zijn publiciteit. De gedachte die bij mij opkwam: maar wie beweert dan eigenlijk dat wij slimmer zijn?

Ik ben hier radicaler dan Hendriks. Op het niveau waarop hij schrijft, hoger onderwijs dus, behoort de veronderstelde primitiviteit van de prehistorische mens geen kwestie te zijn. Het enige wat ons onderscheidt van de mensen die Hendriks’ boek bevolken, is het feit dat wij beschikken over het schrift: een container waarmee we informatie door tijd en ruimte kunnen verplaatsen. We hebben dus meer middelen, maar we zijn niet intelligenter; de ongeletterden waren niet primitiever; het verschil is niet kwalitatief maar kwantitatief.

De jargonterm “container” is van de Anthony Giddens die sinds de jaren tachtig zo’n grote invloed heeft gehad op de menswetenschappen. Dat betrof vooral het structuurbegrip, en dus ons denken over culturele continuïteit, maar hij heeft zich ook uitgelaten over de verondersteld toenemende complexiteit van de samenleving. Zeker, er zijn zaken die nu complexer zijn dan vroeger, en er zijn zaken die vroeger primitiever waren dan nu, maar het is niet zo dat wij meer complexiteiten hebben dan de mensen van eerdere samenlevingen. Het zijn andere complexiteiten. Wie bijvoorbeeld de verwantschapsterminologie in verondersteld primitieve samenlevingen bekijkt, duizelt het van een complexiteit die weliswaar niet de onze is, maar even reëel. (Dat constateerden de achttiende- en negentiende-eeuwse etnografen al.) De menselijke aard zijnde zoals ze is, blijft de samenleving als geheel onveranderlijk even complex, alleen verplaatst de complexiteit zich. Althans volgens Giddens, maar ik geloof niet dat hij op dit punt veel kritiek heeft gekregen.noot Misschien brengen de theorieën dat westerse samenlevingen W.E.I.R.D. zijn, hier verandering in.

Hedendaags tribalisme

Geen menswetenschapper beschouwt de ongeletterde samenleving als primitief. De mens is, zoals Hendriks terecht zegt, altijd modern geweest. Misschien moeten we het omkeren: als we de eerste bewoners van Europa primitief vinden, dan zijn wij het ook. Wie de Nederlandse politiek volgt, herkent eeuwenoude vormen van tribalisme. Wie om negen uur op kantoor zit, leeft volgens een dagritme uit de agrarische samenleving.

Zoals gezegd: Dageraad zet aan tot nadenken. Daarbij moet de inzet mijn inziens niet de constatering zijn dát de mensen in de Prehistorie dezelfden zijn als wij, maar de vraag wát de overeenkomst is. Ik moest denken aan de Belgische socioloog Adolphe Quetelet, die benadrukte dat mensen ernaar streefden zo min mogelijk energie te verspillen en dat er zo een homme moyen ontstond. Die gemiddelde mens was in de Prehistorie niet anders dan in een postindustriële samenleving. Wij zijn net zo lui en primitief als de mensen van vroeger, en zij waren net zo slim en modern als wij.

Quetelet leefde lang geleden. Er zijn nieuwe antwoorden. Maar het is goed daarover na te denken en Hendriks’ boek zet daartoe aan. Kortom: een aanrader.

Johan Hendriks, Dageraad. Van Ardi tot Vercingetorix. De vroege geschiedenis van Europa (ISB-nummer 9789083463483; €35,00)

Deel dit:

23 gedachtes over “De “primitieve” mens

  1. FrankB

    “Misschien moeten we het omkeren: als we de eerste bewoners van Europa primitief vinden, dan zijn wij het ook.”
    Dat is mijn insteek. Want als bv Vladimir geen allesverwoestande kernoorlog veroorzaakt mag ik hopen dat over een paar millennia de dan levende mensen mij net zo onwetend achten als ik de mensen van een paar millennia geleden.

    “Wie de Nederlandse politiek volgt, herkent eeuwenoude vormen van tribalisme.”
    Voetbal. “Hoge” kunst vs. “volks”kunst. Enz. enz.

  2. Dirk Zwysen

    Ik denk dat onze samenleving wezenlijk anders is omdat wij onze complexiteiten door ICT niet meer kunnen compartimenteren. We staan voortdurend aan met een wereldwijd blikveld en denken dat we constant moeten reageren (zoals ik nu op dit stukje, dat gelukkig geen woede, angst of verontwaardiging bij me oproept). De voorbije decennia zijn een ongekend experiment met onze hersenen en onze samenleving. Misschien zijn we in ieder geval te primitief voor onze technologie. daar het doemdenken.

    Bedankt voor de zoveelste leestip hier en in de reacties. Ik lees nu het hier aanbevolen “Prehistoric Astronomy and Ritual” dat de verwachtingen inlost.

    1. Ik denk dat als er iets wezenlijk anders is, het komt doordat we zijn gaan lezen. Er is ook psychologisch en sociaalwetenschappelijk (hendiadys) bewijs dat de hersenen zich daardoor anders gedragen. Zeg maar dat de hardware dezelfde is gebleven maar de software is veranderd; het verschil tussen de prehistorische, niet lezende mens en de historische, wel lezende mens is dus niet kwalitatief, zoals Hendriks terecht observeert. Al is dat, om eerlijk te zijn, een open deur.

    2. FrankB

      “n denken dat we constant moeten reageren”
      Het goede nieuws is dat we onszelf kunnen aanleren dat niet te doen.

  3. Ik zal dit boek binnenkort voor mijn verjaardag vragen. Ik ben het wel met Dirk eens. Aan onze hersenen worden heel andere eisen gesteld dan aan die van onze voorouders van 100.000 jaar geleden. Die moesten alles van belang maar zelf zien te onthouden, en dat lukte ze heel aardig. Wij zouden dat niet meer kunnen, wij hebben ons geheugen grotendeels geëxternaliseerd en nu zijn onze hersenen kleiner dan die van onze verre voorouders, en dat is efficient omdat we niet meer zelf alles hoeven te onthouden. Deze ontwikkeling gaat onverdroten verder. Mijn kleinzoon leert tegenwoordig meer van ChatGPT dan van zijn leraren o.a. omdat hij zijn leerproces aan zijn persoonlijke behoeften kan aanpassen.

    1. Onze hersenen zijn hetzelfde gebleven, maar door het lezen verandert, om zo te zeggen, de bedrading. Piet Vroon heeft daarover regelmatig gepubliceerd, tot ongenoegen van sommige oudhistorici. Inmiddels is het psychologische bewijs nog sterker, ik verwees al naar W.E.I.R.D., waarover ik nog wil bloggen. Ik heb altijd het gevoel gehad dat Vroon grof onrecht is aangedaan.

      1. FrankB

        “Vroon grof onrecht is aangedaan.”
        Dit ga ik niet tegenspreken, hoewel ik eerder Wouter Buikhuizen zou noemen. Vroon’s model van het menselijk brein (Tranen van de krokodil) lijkt gefalsifieerd te zijn.

        1. Vroons model is omstreden; minder omstreden is, voor zover ik kan overzien, Vroons aanname dat je, door te gaan lezen, hersencircuits samenbrengt die bij ongeletterden niet samenkomen. Zoiets verklaart veel van het verschil tussen de “mentalité primitive” en onze eigen wijze van denken, zonder dat je hoeft aan te nemen dat mensen in ongeletterde samenlevingen wezenlijk (zeg maar biologisch) anders zijn.

          Ik denk dat Vroon op dat punt in de goede richting ging. De Nederlandse oudhistoricus Versnel was het daar (volgens mij ten onrechte) mee oneens, en dat was geen frisse discussie.

    2. Tommy

      met de externalisatie van ons geheugen, daar moet ben ik het zelf ook wel een beetje mee eens…. ik merkte eens op aan een een neuroloog/neuropsychiater dat wij in wezen toch verstandelijk niet echt gewijzigd zijn, minstens sinds de laatste ijstijd… maar hij twijfelde…. maar die mensen moesten wel meer memoriseren, dus ik ben érg benieuwd naar die w.e.i.r.d-theorie die ik niet ken….

  4. Ben Spaans

    Dit is toch niet het eerste boek van Johan Hendriks? Er is in ieder geval Prisma Archeologie in de Lage Landen https://www.deslegte.com/prisma-archeologie-in-de-lage-landen-321281/
    (ik ga er vanuit dat dit niet nog steeds dezelfde is, die hier op dit blog vroeger weleens reacties plaatste).

    Piet Vroon was een hele rare hoor.

    Primitief/niet-primitief…we gaan er nooit helemaal uitkomen. Zoals met zoveel. Half vol/half leeg.

    Kinderen en pubers aan ChatGPT…de drang tot zelfvernietiging…

  5. Ben Spaans

    In 2024 verscheen The Invention of Prehistory van Stefanos Geroulanos https://www.boekenwereld.com/stefanos-new-york-university-geroulanos-the-invention-of-prehistory-9781324096122

    Geroulanos gaat de belangrijkste ideeën over ‘de prehistorie’ sinds de achttiende eeuw langs en vindt ze allemaal maar zozo, (de inslag is behoorlijk Wok…) en gaat in de conclusie zover om te zeggen dat wetenschappers maar moeten stoppen met theorieën over de prehistorie/prehistorische mens omdat ‘wij’ er toch niks zinnigs over kunnen zeggen en bijna alle theorie vorming alleen maar de eigen tijd van de wetenschappers weergeeft en veel te vaak tot dubieuze en gevaarlijke ideeën hebben bijgedragen/die hebben versterkt.

    Het is boek is wel een leuk plaatjesboek om door te bladeren, afbeeldingen can Charles Knight en Zdenek Burian e.d., wel alles in zwart wit.

  6. Ben Spaans

    De ondertitel van Geroulanos’ boek mag u niet onthouden worden:
    ‘Empire, Violence and Our Obessesion with Human Origens’

    Het boek van Johan Hendriks wordt inderdaad buiten de website van de uitgeverij door nog geen enkele boekhandel aangeboden.

  7. Jort Maas

    Ik denk dat wat de mens primitief maakt niet zijn potentie is, maar welke kennis zij beschikt. Dat zijn twee aparte relaties. Maar als dat zo is, waarom duurde het dan zo lang voordat we schrift of een Verlichting hadden? Het gaat dus om software, niet om hardware. En als dat zo is, dan moet er een remmend effect (of meervoud) zijn geweest. Die discussie hebben we te weinig.

    Maar ik heb dit boek gelijk besteld. Het ’trial and error’ aspect is cruciaal en ik ben heel benieuwd hoe dit in het boek ingezet wordt.

  8. Willem H. Kranendonk

    Het voorzetje van Jort Maas volgend, denk ik dat niet zozeer het feit dat we kunnen lezen is, maar wat we lezen, waardoor we als samenlevingen veranderd zijn. Dat we via de papyri, drukpersen en het internet de verzamelde kennis van de mensengeschiedenis tot onze beschikking hebben om verdere ontdekkingen te doen voor zover onze hersenen ons toestaan, is doorslaggevend in iedere ontwikkelingsfase. Bio-evolutionair zullen de verschillen in de millennia niet zo groot geweest zijn als socio-evolutionair.
    Over deze kwestie kun je niet vruchtbaar debatteren als het collectieve en het individuele nivo niet duidelijk onderscheiden worden: niet iedereen is professor, niet iedere leeftijdsgroep weet evenveel, niet iedere overlevingseenheid kan dezelfde middelen van agressie en defensie aan het werk zetten.

  9. Willem H. Kranendonk

    Het voorzetje van Jort Maas volgend, denk ik dat niet zozeer het feit dat we kunnen lezen is, maar wat we lezen, waardoor we als samenlevingen veranderd zijn. Dat we via de papyri, drukpersen en het internet de verzamelde kennis van de mensengeschiedenis tot onze beschikking hebben om verdere ontdekkingen te doen voor zover onze hersenen ons toestaan, is doorslaggevend in iedere ontwikkelingsfase. Bio-evolutionair zullen de verschillen in de millennia niet zo groot geweest zijn als socio-evolutionair.
    Over deze kwestie kun je niet vruchtbaar debatteren als het collectieve en het individuele nivo niet duidelijk onderscheiden worden: niet iedereen is professor, niet iedere leeftijdsgroep weet evenveel, niet iedere overlevingseenheid kan dezelfde middelen van agressie en defensie aan het werk zetten.

Reacties zijn gesloten.