De Martelaren van Gorcum

Cesare Fracassini, De martelaren van Gorcum

Nog net geen dertig was hij toen hij in 1868 overleed, aan buiktyfus. De verder tamelijk onbekende Italiaanse kunstschilder Cesare Fracassini leeft in Rome voort als een borstbeeld op de Monte Pincio en in de naam van een straat in de wijk Flaminio. Wat echter vooral aan hem herinnert is één van zijn opera magna: een schilderij dat de bezoeker van de Vaticaanse Musea onmiddellijk zal opvallen vanwege het enigszins kitscherige, maar ook nogal wrede karakter. Het toont de executie van de Martelaren van Gorcum en werd door Fracassini geschilderd in 1867, het jaar waarin deze negentien geestelijken heilig werden verklaard.

Slachtoffers van religieuze fanatici

Hoe zat dat nu ook alweer met die martelaren? Wie waren zij, en hoe kwam het dat ze in de nacht van 8 op 9 juli 1572 op zo’n gruwelijke wijze (door ophanging aan de nokbalk van een schuur nabij Den Briel) om het leven kwamen? We weten daar relatief veel over, want een en ander is uitvoerig beschreven in de overwegend door rooms-katholieken opgestelde geschriften over datgene, wat gezien werd als een goed voorbeeld van religieuze opofferingsgezindheid.

Lees verder “De Martelaren van Gorcum”

Cornelis de Bruijn (2) Rome

Handtekeningen van kunstenaars uit de Lage Landen in de Santa Costanza; de handtekening van Cornelis de Bruijn ontbreekt

Dit is het tweede van dertien stukjes over Cornelis de Bruijn. Het eerste was hier.

***

Op reis

Ik eindigde mijn vorige stukje met de opmerking dat Cornelis de Bruijn Holland had verlaten. Op 1 oktober 1674 was hij met zijn collega Pieter van der Hulst (1651-1727) Nederland afgereisd naar Italië. Omdat de Guerre de Hollande nog steeds voortduurde, konden ze niet de weg langs de Rijn nemen, maar moesten ze een omweg maken. Ze bezochten dus eerst Leipzig en Wenen, en waren op de feestdag van Sint-Nikolaas, 6 december dus, in Venetië.

Hoe financierde De Bruijn zijn reis? Dit is een onopgelost raadsel. Mogelijk heeft hij geld gespaard en had hij rijke vrienden, maar er zijn geen aanwijzingen dat zij de reis hebben betaald. Ook stond hij niet op de loonlijst van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC). We weten dat de kunstenaar tekeningen verkocht en bijverdiende met het schilderen van portretten, maar het is onduidelijk of dit voldoende was. Nog verrassender is dat hij bij terugkeer een fortuin bezat, dat hij zou investeren in de publicatie van zijn reisverslag, Reizen door de vermaardste Deelen van Klein Azië.

Lees verder “Cornelis de Bruijn (2) Rome”