“Ancient history”

Delfi (zelfsleuk voor "the uninitiated")
Delfi (zelfs leuk voor “the uninitiated”)

In 2000 was ik in Athene, waar ik met mijn reisgenoot ’s avonds keek naar een aflevering van Top Gear. Ik had het programma nog nooit gezien en vond het fantastisch. Dat wil zeggen: totdat presentator Jeremy Clarkson een nieuwe Duitse auto begon te bespreken en opmerkte dat “if you thought that ancient history is the most boring thing on earth, you haven’t seen the new Opel yet”.

Mijn reisgenoot bulderde het uit en ook ik heb erom gelachen. Als een boer met kiespijn. Oude geschiedenis is namelijk een prachtvak en wie er ook maar íets van weet, raakt eraan verslingerd. Mijn reisgenoot had me toch maar mooi 4000 kilometer gechauffeurd omdat ook hij ervan was gaan houden. Zijn verworven liefde was bestand gebleken tegen het zelfingenomen geneuzel van de Blue Guide, die Delfi aanprees met de woorden dat de klassieken hier zó tastbaar waren dat zelfs “the uninitiated” het konden voelen. Ondanks zulk gezwam houdt iedereen van de Oudheid en daarom stoort het me als mensen er een vooroordeel over hebben.

Ik had het over zelfingenomen geneuzel: niets beschadigt het vak méér dan de oudheidkundige zelfbewieroking. Er speelt echter meer. Een klein probleem is het woord “ancient”. Dat betekent van oorsprong natuurlijk “eerbiedwaardig oud”, zoals in het Frans de joodse Bijbel wordt aangeduid als Ancien en niet als Vieux Testament. De tegenpool was lange tijd “nieuw”, in de zin van de waan van de dag. Sinds het begin van de twintigste eeuw is de beoordeling omgekeerd: wat ooit eerbiedwaardig was, is nu verouderd, wat ooit onbeproefd was, geldt nu als innovatief. Het motto van de twintigste eeuw was dat het allemaal nog nieuwer moest wezen.

Ik verander even van onderwerp. Een week geleden kreeg ik het verzoek een stukje te schrijven over de bezuinigingen aan de faculteit geesteswetenschappen aan de UvA. Ik ben echt niet te beroerd om mijn pen te lenen aan de goede zaak – ik heb wel eens een stuk in het Handelsblad geschreven waarin ik uitlegde dat een bezuiniging op het RMO onverstandig was – maar in dit geval was het lastiger. Ik zou wel willen schrijven dat er aan de UvA tof taalkundig onderzoek plaatsvindt (dat is namelijk zo), maar ik kan mijn lezers niet zeggen “kijk maar op http://www.taalonderzoek.uva.nl”. Als een faculteit zelf de moeite al niet neemt zich professioneel te presenteren, wordt het ook voor een welwillende buitenstaander lastig uit te leggen waar zo’n faculteit toe dient.

Door dit verzoek en door mijn aarzeling raakte ik aan de praat met wat mensen over de moeilijkheid de Oudheid te “verkopen”. Zeker, er zijn goede zaken. De musea doen hun best. Ik heb laatst ademloos geluisterd hoe archeoloog Erik Graafstal uitleg gaf over het grote draagvlak bij de bevolking voor het limes-fort Leidsche Rijn. Ik ken ook de jaarcijfers van mijn schooltje, dat misschien niet rijk of groot is, maar al tien jaar bewijst dat je met de Oudheid geld kunt verdienen. Belangstelling genoeg, en dat is ook logisch, want de Oudheid is geweldig. Toch ontvang ik ook mail, waaruit blijkt dat mensen een uitgesproken dedain hebben voor de bestudering van de Oudheid.

De zelfbewieroking speelt een hoofdrol, maar niet zelden valt het verwijt dat de Oudheid lang geleden is en minder relevant dan het meer recente verleden. Ik kan dan uitleggen dat wie actualiteit verwacht van de Oudheid, het verkeerde criterium benut. Het belang van de oudheidkunde schuilt erin dat (a) ze gewoon leuk is en (b) je leert omgaan met te weinig informatie. De eerste indruk kan ik met die uitleg echter niet wegnemen: al is oude geschiedenis honderd keer in de eerste plaats geschiedenis, mensen zullen blijven denken dat het in de eerste plaats oud is. Een enkele criticus kan er, bovendien, terecht op wijzen dat de oude geschiedenis in feite een negentiende-eeuws vak is gebleven, met een hermeneutische benadering; de andere verklaringsmodellen worden zelden of zelfs niet toegepast. Oude geschiedenis is, zo bezien, inderdaad oude meuk.

En nu kan ik eindelijk ter zake komen.

Het wonderlijke is nu dat ik de enige lijk te zijn die meent dat woorden als “oud” en “ancient” een obstakel vormen. De mensen met wie ik er vorige week over sprak, herkenden het niet. Dat kán samenhangen met het feit dat zij werken in een omgeving waarin iedereen erkent waarom de Oudheid belangrijk is. Het kán ook omgekeerd zijn, dat ik een probleem zie waar het in feite niet is, doordat ik regelmatig word geconfronteerd met vragen waaruit scepsis en – niet zelden zelfs – weerzin blijkt. Uiteraard zijn dit twee kanten van dezelfde medaille: je positie in een veld bepaalt wat je weet over de perceptie van dat veld.

Ik kom er niet echt uit. Moet ik, om eens iets te noemen, het “Articles on ancient history” dat de Livius.org-website siert, weghalen? Stoot het mensen af? Antwoorden graag in de comments, en als het even kan met een korte typering van uw betrokkenheid bij het vak.

Moet ik dit aanpassen?
Moet ik dit aanpassen?

11 gedachtes over ““Ancient history”

  1. Beste Jona,
    Misschien is het alternatief “Geschiedenis van de Klassieke Wereld” wel een betere term….net zoals je “Middeleeuwse Geschiedenis” en “Geschiedenis van de Middeleeuwen” hebt.
    Zelf volgde ik het vak “Oude Geschiedenis” tussen 1981 en 1985, als hoofdvak binnen de vakgroep Geschiedenis aan de Faculteit der Letteren van de Rijksuniversiteit Groningen. en het vak is mijns inziens saai noch irrelevant. Ik heb er nog dagelijks plezier van, c.q. om.

  2. Michael van der Lee

    Nooi zo over nagedacht, maar inderdaad aanpassen. Bijvoorbeeld : Articles on Great Civilizations, Articles on Early Civilizations. Misschien niet te ‘kuis’ en iets als Articles on Essential Civilizations, Articles on Civilizations You Can’t do Without, Articles on ‘What did they ever do for us”, denk maar aan een snelle Yank 🙂 Les temps sont revolus, het is niet anders

  3. ceesvanraak

    Ik heb meer moeite met het woordje ‘leuk’. Van alles moet tegenwoordig vooral ‘leuk’ zijn. Vreselijk woord, nietszeggend. Maar, inderdaad, ‘klassieke wereld’ heeft echt meer cachet.

  4. Dirk

    Ik heb geen enkel probleem met oud, klassiek of ancient. Ook mijn leerlingen (5de leerjaar, groep 7) reageren er niet negatief op.

    In het dagelijkse taalgebruik heeft “middeleeuws” trouwens vaak een negatievere bijklank. Bij de oudheid denken mensen nog aan grote beschavingen (eerbiedwaardige filosofen en marmeren tempels in de zon) de middeleeuwen roepen het beeld op van achterlijke boeren die een heks door de modder van hun dorp naar de brandstapel sleuren.

    Uiteindelijk gaat het maar om een woord. Wie niet geïnteresseerd is in geschiedenis, krijg je ook niet aan het lezen met een andere naam voor het vak. Of je moest met spectaculaire titels beginnen (à la National Geographic Channel), maar daar heb je net een afkeer van.

  5. Enne de Jongh

    Jona, een paar jaar geleden schreef je over een clip op youtube genaamd “Viva Roma no V”. De clip eindigt met: Government law and the roman waynstill impacts our lives today.
    Voldoende reden om de stof onder welke naam dan ook te blijven uitdragen.

  6. Ancient History is de mooiste Engelse term, Oude Geschiedenis, de mooiste Nederlandse denk ik. Ik ben niet wetenschappelijk geschoold maar wel mateloos gefascineerd door wetenschap. Net als heel veel jongeren, denk ik. Het gaat er ook niet om mooie marketing termen te bedenken toch? Las net waar de naam van de Philea Lander vandaan komt, dat wist ik niet en boeide me weer mateloos!

  7. Klaas

    Beste Jona, termen als: “oud”, “ancient” en “klassiek” stoten mij niet af, integendeel, ze wekken juist belangstelling op. In hoeverre dat geldt voor de gehele potentiële doelgroep voor wetenschapscommunicatie (met z’n onderverdeling in hoog- en laagopgeleid) weet ik ook niet. Wel weet ik dat in de populaire cultuur (pulp, strips, games, televisieseries) termen als “ancient” voortdurend opduiken zonder dat ze de interesse lijken te schaden. Mijn betrokkenheid bij “het vak” is puur die van een geïnteresseerde leek.

  8. Thomas

    “Ancient” heeft in ’t Engels de bijklank van “stokoud”, “stoffig”, “achterhaald”. Voeg daarbij ’t beeld van “oude kapotte gebouwen” dat de term “ancient history” oproept. Er verschijnen onmiddellijk ruïnes & losstaande zuilen voor ’t oog van de lezer.

    Diezelfde Jeremy Clarkson vindt gladiatorengevechten waarschijnlijk “exciting!” om maar een ander cliché te noemen.

  9. Knotwilg

    Ik denk dat het woord “geschiedenis” problematischer is dan “oud”. Geschiedenis, met zijn drie doffe lettergrepen, heeft een erg lijzige uitspraak en een schoolse connotatie. Het Engelse “history” heeft een staccato uitspraak en bevat bovendien het woord “story”. Getuige hunger en andere games heeft de jeugd alvast zijn bekomst nog niet van verhalen.

    Maar dat is één mening van iemand die nogal verslingerd is aan taal én aan gesjieeeedenis bovendien. Hier past slechts de wisdom of the crowds. Een peiling dus.

Reacties zijn gesloten.