MoM | Wilhelm von Humboldt

Wilhelm von Humboldt (monument voor de Pruisische koning Friedrich Wilhelm III in Keulen)

Ik noemde hem al vaker, onder andere toen ik het vorige week had over een monument voor de Pruisische koning Friedrich Wilhelm III in Keulen: de taalkundige Wilhelm von Humboldt (1767-1835), de man die het Pruisische onderwijs grondig hernieuwde. Zijn ambtstermijn viel samen met de “Revolution von oben”, het hervormingsprogramma dat de koning had geïnitieerd nadat zijn leger in 1806 was verslagen door Napoleon. Omdat Pruisen, zoals men destijds zei, geen staat was met een leger maar een leger met een staat, impliceerde een legerhervorming dat de gehele samenleving op de schop ging, en zo werden in de jaren tot 1815 de agrarische sector, het grondbezit en de representatieve organen grondig aangepast omwille van de strijdkrachten. Ook het onderwijs werd gereorganiseerd.

Dat was de context waarin Von Humboldt de Friedrich Wilhelm Universität zu Berlin oprichtte, die nu Humboldt Universität heet. De ingang aan de Unter den Linden wordt geflankeerd door beelden van Wilhelm von Humboldt en zijn broer Alexander, de ontdekkingsreiziger.

Lees verder “MoM | Wilhelm von Humboldt”

De Taalgrens

Moelingen / Mouland

De Franken waren een federatie van stammen die woonden in het gebied dat we nu Overijssel en Drenthe noemen, en ook in het Roergebied en Nordrhein-Westfalen. Beide groepen werkten samen met de Romeinen, maar voerden er ook oorlog tegen. Er is weleens op gewezen dat de oostelijke groep wat agressiever lijkt te zijn geweest dan de noordelijke, maar één extra bron kan dat beeld veranderen.

Feit is dat de Franken vanaf de jaren vijftig van de derde eeuw de Rijn weleens overstaken en dat keizer Postumus rond 265 n.Chr. een lijn versterkingen aanlegde om de grote weg door Belgica te beveiligen. Die weg begon in Boulogne en leidde via Amiens, Bavay, Tongeren, Heerlen en Jülich naar Keulen en wordt vanouds aangeduid als de Chaussée Brunehaut. (Dat ’ie tegenwoordig Via Belgica moet heten, is een deprimerend ander verhaal.) In elk geval: het was een belangrijke weg die verdedigd moest worden, want ten zuiden van deze straat lagen op de vruchtbare lössgronden de grote landgoederen waar graan werd verbouwd voor steden als Keulen en de forten langs de Rijn.

Lees verder “De Taalgrens”

Livius Nieuwsbrief | September 2019

De Livius Nieuwsbrief heeft momenteel ruim 7600 abonnees, die we nooit zullen lastigvallen met abonnementsgelden of advertenties. Maar één keer per jaar bedelen we – en dat is vandaag.

Uw redacteur is per maand ongeveer drie dagdelen bezig met de Nieuwsbrief: uren waarin hij niet kan werken voor de Livius-vennootschap en in feite leeft op de kosten van de vennoten. Die doen daar niet moeilijk over, maar als u hun geste wil beantwoorden en in hun kosten wil delen, kunt u een donatie doen op

IBAN NL26 INGB 0670 7911 21
t.n.v. Livius,
o.v.v. Ondersteuning Nieuwsbrief.

Dank u wel. (Als u niet in Nederland woont: BIC/SWIFT INGBNL2A.)

Voor adreswijzigingen en afmeldingen volstaan uitsluitend mailtjes naar nieuwsbrief@livius.nl.

Jona Lendering (redactie)

Lees verder “Livius Nieuwsbrief | September 2019”

De paradox van Menon

Plato (Capitolijnse Musea, Rome)

Op een mooie zomerdag – het zal ergens in de late jaren tachtig zijn geweest – kwam ik aan op Amsterdam CS en ik wandelde naar de fietsenrekken. (Ze waren toen nog dichter bij het station, herinner ik me ineens. Waar komt zo’n herinnering, waar ik in een kwart eeuw niet over heb nagedacht, zo ineens vandaan?) Terwijl ik de plek naderde waar mijn karretje stond, zag ik een man met een oranje tuinbroek op de grond zitten. Toen ik eenmaal door had dat hij zat naast mijn fiets en mijn slot aan het losbreken was, begon ik te rennen, maar hij had mij ook gezien en ging er vandoor op mijn fiets.

Even later zat ik bij de politie. Als ze nu naar de Oudemanhuispoort gingen, de plek waar dieven andermans fietsen traditioneel aanboden, konden ze de man met de oranje tuinbroek arresteren. Ze hadden een getuige, ze konden voor één keer werkelijk iets doen. Terwijl ik duidelijk maakte dat haast was geboden, deden ze helemaal niets. Als ze hadden gezegd “tja, dan arresteren we hem en dan staat ’ie na een uur weer op straat”, dan zou ik er nog vrede mee kunnen hebben, maar ze deden helemaal niets. Gewoon, niet luisteren naar wat werd gezegd. Zoals net de herinnering terugkeerde dat de fietsenrekken ooit dichter bij het station stonden, zo ervaar ik nu ineens weer een gevoel van woede. Wat ik dan weer niet herinner is of ik nog aangifte heb gedaan of dat ik kwaad ben weggelopen.

Lees verder “De paradox van Menon”

De historiciteit van koning David

De Mesha-stele (Louvre, Parijs)

Een van de grote oudheidkundige problemen is dat van het asymmetrische bewijs. Wat doe je als de geschreven bronnen iets anders suggereren dan het bodemarchief? Er zijn twee strategieën. De maximalist gaat ervan uit dat de bron betrouwbaar is, tenzij het tegendeel wordt bewezen. De Medische hoofdstad Ekbatana was een stad met zeven muren, tenzij we de stad opgraven en constateren dat er maar één muur was. Julius Caesar moordde een stam uit bij de samenvloeiing van Rijn en Maas, tenzij we de resten van opgemeld bloedbad op een ander punt opgraven.

De omgekeerde positie staat bekend als minimalisme. De geschreven bron geldt als fictie, tenzij we archeologisch bewijs vinden dat haar bevestigt. Het zevenmurig Ekbatana is een sprookjesmotief, tenzij we zeven muren opgraven. Caesar moordde geen stam uit, tenzij we het slagveld op de juiste plek vinden.

Beide posities zijn onhoudbaar omdat we te weinig data hebben. We weten niet waar Ekbatana in de IJzertijd heeft gelegen – wat is opgegraven, is veel jonger – en als we op de samenvloeiing van Waal en Maas enorme hoeveelheden botmateriaal vinden uit de eerste eeuw v.Chr., zouden we ook het kamp van Caesar willen vinden plus, als het even kan, een slingerkogel met het nummer van een van de relevante legioenen. Door de genoemde dataschaarste is de discussie over deze twee strategieën lastig én uitdagend. Het zou het beste uit de wetenschap boven kunnen halen maar het maximalismedebat is in de Nederlandse oudheidkunde te ruste gelegd. Als archeologen écht in discussie moeten met historici en andersom, is er in de Nederlandse wetenschap ineens weinig waarheidsliefde. Er is weinig wil tot weten. De ambitie om je eigen vak te overtreffen, is afwezig. Gelukkig hebben we Israël.

Lees verder “De historiciteit van koning David”

Een oude en een nieuwe Xerxes

Faravahar, het zichtbare aspect van Ahuramazda (Persepolis)

In het eerste hoofdstuk van Xerxes in Griekenland behandel ik de informatie waarop oudheidkundigen hun reconstructie van zijn oorlog tegen de Grieken baseren. Dat is voornamelijk de tekst die bekendstaat als de Historiën van Herodotos. Dat boek, een amusante collectie verhalen met als rode draad de expansie van het Perzische Rijk, staat bomvol informatie en je kunt er diverse Xerxes-beelden uit distilleren. Meestal lezen mensen er een verhaal in over een harde oosterse heerser die enerzijds zijn menselijke maat tegenover de goden niet kende en anderzijds in staat was tot generositeit én een open oog had vrouwelijk schoon.

Die interpretatie lijkt gebaseerd op het Bijbelboek Esther. Daarin belandt Xerxes in problemen van eigen makelij, die hij niet zou hebben gehad als hij meer pietas zou hebben bezeten: het juiste respect voor de God boven hem en de mensen onder hem – in casu een koningin die hij in een dronken bui heeft beledigd. Toen Herodotos’ Historiën in West-Europa bekend werden, was deze Bijbeltekst het model bij de lectuur en de Historiën zijn rijk genoeg om voorbeelden te vinden om Xerxes op deze manier te interpreteren.

Lees verder “Een oude en een nieuwe Xerxes”

Nog meer valse Dode Zee-rollen

Grot 4 uit Qumran, waar duizenden snippers van de Dode Zee-rollen zijn gevonden

Het is weer zo ver: vervalste antieke teksten! En u weet, zonder provenance is een snipper papyrus of een perkamentfragment van nul en generlei waarde. De vervalser die oud papyrus gebruikt (te koop op eBay), de receptuur van antieke inkt benut en geen scherp schrijfmateriaal gebruikt, is in het lab onherkenbaar. Misschien dat ramanspectroscopie in de toekomst iets zal opleveren, maar zelfs dan moet de vindplaats bekend zijn.

Het gaat dan ook altijd fout. Evangelie van de Vrouw van Jezus? Vals, ondanks rookgordijnen uit Harvard. Artemidorospapyrus? Vals, daar verandert de prijs van bijna drie miljoen euro niks aan. Vijf Dode Zee-rol-fragmenten in de Greencollectie? Vals. Er is onduidelijkheid over de Sapfo-papyri, maar dat er drie provenances zijn genoemd en is geschermd met een niet-bestaande authenticatiemethode, doet het ergste vrezen. En dan zijn er nog de Dode Zee-rol-fragmenten uit de Schøyen-collectie, waarvan al in 2013, toen ik mijn boek Israël verdeeld schreef, werd vermoed dat ze materiaal vals waren.

Lees verder “Nog meer valse Dode Zee-rollen”