
Vandaag een blogje buiten mijn eigenlijke expertise, maar ik schrijf het op verzoek. Het gaat over de grens tussen Bulgarije en Roemenië. Voor het grootste deel is dat de benedenloop van de rivier de Donau. Ten zuiden daarvan spreken de mensen Bulgaars, een Slavische taal, en schrijven ze met cyrillische letters, en ten noorden daarvan spreken ze Roemeens, een romaanse taal, en gebruiken ze hetzelfde alfabet als wij.
Dobruja
Alleen helemaal in het oosten ligt de grens wat anders. Zo’n zestig kilometer vóór de rivier de Zwarte Zee bereikt, buigt ’ie naar het noorden af, stroomt 130 kilometer in die richting, en buigt pas daar naar het oosten. De delta strekt zich uit over ruim honderd kilometer. Het gebied bezuiden de Donaumonding staat bekend als de Dobruja, is genoemd naar een veertiende-eeuwse heerser, is half zo groot als België, is politiek heel omstreden geweest en uiteindelijk over de twee landen verdeeld. Ik heb de indruk dat de spanningen nog niet helemaal zijn verdwenen.
Die spanningen hebben alles te maken met de neergang van het Ottomaanse Rijk. Daar zijn sindsdien de Balkanstaten ontstaan, met Bulgaarssprekenden aan de ene kant van de Donau en Roemeenssprekenden aan de andere kant, maar dat was niet altijd de meest logische uitkomst.
Religie versus taal
In de loop van de negentiende eeuw verloor de Ottomaanse sultan steeds meer van zijn Europese bezittingen. Servië was in 1817 het eerste gebied dat autonoom werd, al behield het een Ottomaans garnizoen. De Peloponnesos volgde in 1829: hier ontstond een koninkrijk dat zich later zou uitbreiden richting Athene, Thessalië en uiteindelijk Thessaloniki. En zo waren er meer gebieden die zich in diverse vormen onafhankelijk maakten.
U merkte misschien dat ik in de vorige alinea woorden als “de Serviërs” en “de Grieken” vermeed. Dat had een reden, want het verzet tegen de Ottomanen had een sterke religieuze component: de orthodoxe kerk speelde een rol. De Griekse Onafhankelijkheidsoorlog begon bijvoorbeeld toen bisschop Germanos van Patras de revolutionaire vlag ontvouwde in het klooster Agia Lavra. Er is een fase geweest waarin een deel van de opstandelingen op het Balkanschiereiland streefde naar één staat op orthodoxe grondslag.
Ondertussen ontstond echter het moderne, op taal gebaseerde nationalisme. Dat heeft veel te maken met de ontdekking van de Indo-Europese taalfamilie, waarover elders op deze blog voldoende is geschreven en dat ik nu laat rusten. Het punt is: naarmate de negentiende eeuw vorderde, werd het verzet tegen de Ottomaanse heersers steeds vaker een nationaal, dus op taal gebaseerd verzet. Je kunt niet door het moderne Bulgarije reizen zonder te horen over de Nationale Herleving, waarbij twee middeleeuwse koninkrijken (van 681 tot 1018 en van 1185 tot 1396) gelden als de eerdere levens van het volk. Waar de Dobruja aan het begin van de negentiende eeuw nog onderdeel had kunnen worden van een op orthodoxie gebaseerde staat, was dat eind negentiende niet meer mogelijk: toen was het een mix van Roemeenstaligen, Turkstaligen, Tataarstaligen, Bulgaarstaligen, Russischtaligen en Griekstaligen, met daar tussenin nog wat Duitstaligen.
De grote tegenspeler van de sultan was de tsaar. Die aasde op Constantinopel, dat niet alleen symbolische betekenis had, maar ook de toegang vormde tot de Middellandse Zee. Een groot deel van de negentiende-eeuwse diplomatie had tot doel de Russen daar weg te houden, en daarom schaarden de westerse mogendheden zich in bijvoorbeeld de Krimoorlog aan de zijde van de sultan. Op zoek naar bondgenoten wierp de tsaar zich dan op als beschermheer van de orthodoxen. Naarmate taal belangrijker werd, was de tsaar meer geïnteresseerd in de Slavischsprekende orthodoxen, en dat maakte Bulgarije tot natuurlijke bondgenoot.
Rusland en Bulgarije
Het Ottomaanse gebiedsverlies in Europa vormde voor de sultan een ernstig probleem, want de Balkan vormde het demografische zwaartepunt van zijn Rijk. Naarmate de eeuw vorderde en meer rijksdelen verloren gingen, werden de Aziatische delen belangrijker. Moslims in de nieuwe Balkanstaten verhuisden nogal eens naar het oosten – misschien bezocht u Israël en kent u het Bosnische moskeetje in Caesarea – en zo werd de Balkan steeds christelijker, werd de Levant steeds islamitischer en werd het voor sultan Abdulhamid II aantrekkelijk zich te presenteren als kalief en Ottomaanse burgers te definiëren als Turkssprekende soennieten. Waarmee de problemen voor de Arabieren, Armeniërs, joden en maronieten pas goed begonnen – maar dat is een ander verhaal.
In 1875 ontplofte de Balkan met diverse opstanden in de hele regio. De Russen vielen het Ottomaanse Rijk binnen, wonnen de oorlog en drong de legers van de sultan terug tot in Constantinopel. De Russen begrepen dat als ze die stad zouden innemen, de Britten, Fransen en Italianen zouden interveniëren, en kozen voor de op-een-na-ideaalste-oplossing: de stichting van een koninkrijk Bulgarije dat zich uitstrekte van de Donau tot aan de Egeïsche Zee. Ook het huidige Noord-Macedonië behoorde bij dit nieuwe koninkrijk. Een en ander werd vastgelegd in het Verdrag van San Stefano. Bulgarije is nooit meer zo groot geweest.
Ondanks de Russische poging westerse interventie te vermijden, grepen de westerse mogendheden in. In 1878 vond het Congres van Berlijn plaats waar de grenzen opnieuw werden getrokken. Voor de Bulgaren waren de druiven zuur: hun nieuwe staat werd gereduceerd tot het gebied tussen de Donau en het Balkangebergte. Het gebied ten zuiden van die bergen, met steden als Plovdiv, keerde terug onder Ottomaans bestuur. In 1885 werd een deel daarvan verenigd met Bulgarije en kreeg het land ruwweg zijn huidige grenzen – met uitzondering van de Dobruja.
Zelfde tijdvak
Eise Eisinga (4)december 9, 2024
Monet in Amsterdam (4)april 20, 2018
Theodor Wiegandaugustus 11, 2025

De Russen op het kaartje, weten we of dat Russisch sprekende Russen waren of Oekraïenstaligen of beide?
‘Gagaouzen’. Zelden kwam ik zo’n onbekende en intrigerende groepsnaam tegen.
Het bleken Oghuz Turken te zijn – waarom ze op het kaartje samen met ‘Grecs’ (Griekssprekenden) worden samengevoegd komt op mij heel vreemd over.
Tegenwoordig wonen de Gagauz vooral in Moldavië.
En in Odessa, Zaporizhzhia (Oekraïne) en Kabardino-Balkaria (Rusland).
En in Bulgarije, Griekenland, Roemenië, Belarus, Estland en Letland.
Maar ook in Georgië, Türkiye, Kazakhstan, Kyrgyzstan, Oezbekistan, Turkmenistan.
En in Brazilië.
De Balkan zag er in 1850 nog anders uit dan nu. Banat, Walachije , Bessarabië, Bukovina, Galicië, .. allemaal verdwenen begrippen. En onlangs claimde Orban een deel van Oekraïne om die reden, dus niet ‘verdwenen’.
Blogje waard?
En Dobruja is maar een klein deel van de chaos.