Wettelijke kaders

90 de hoek om aan het einde van het Singel
90° de hoek om aan het einde van het Singel

Twee jaar geleden beschreef ik op deze kleine blog de absurde verkeerssituatie op de plek waar het Singel (een van de grachten bij ons in het dorp) het Centraal Station nadert. Bij de inrichting was ervan uitgegaan dat fietsers zich alleen bewogen zoals de wet hun voorschrijft: als je dus naar een fietspad moest dat aan de linkerzijde van de straat begint, zoals getoond op het plaatje, moest je naar een bepaald punt oprijden, in dit geval voorbij de zebra, en daar 90° naar links buigen. Aangezien ons doel de tunnel achteraan op de foto is, volgt nog een bocht 90° naar rechts.

Dat was keurig volgens de verkeersregels, maar geen fietser zal zulke tegennatuurlijke bochten draaien, want het betekent dat hij snelheid mindert, ruimte laat aan een achteropkomende auto en dus wordt geschept als hij eenmaal die 90°-bocht naar links maakt. Omdat ook Amsterdamse fietsers zichzelf niet graag in levensgevaar brengen, hielden ze zich niet aan de regels. Inmiddels is de situatie daarom veranderd. Of het nu veiliger is weet ik niet, maar het punt is nu in elk geval logischer en automobilisten worden nu niet langer geconfronteerd met fietsers die onverwacht contra-intuïtieve bochten draaien.

Wat ik maar zeggen wil: soms is het letterlijk volgen van de wet niet zo handig. In dit geval sloten de verkeersregels niet aan bij de “natuurlijke” verkeersbewegingen. De Rozengracht/Raadhuisstraat is ook zo’n situatie: de fietser die hier op de verkeerslichten gaat letten, ziet gegarandeerd de auto niet aankomen die hem doodrijdt, en dus letten fietsers hier op de auto’s en niet op verkeerslichten.

Anders gezegd: elke wet heeft een punt waar ze absurd wordt en beter kan worden genegeerd. Dat wil echter niet zeggen dat we maar wat moeten aanrommelen. En dat brengt me bij het RijnWaalpad, een fietspad dat Arnhem en Nijmegen verbindt. In De Volkskrant van afgelopen zaterdag las ik daarover een leuk artikel met daarin een redelijk bizar detail.

De Stadsregio wilde het RijnWaalpad een eigen karakter geven en liet als proef paars-witte bordjes plaatsen. Dat was buiten de wet gerekend. Van de Nationale Bewegwijzeringsdienst moeten borden voor fietspaden in Nederland rood-wit zijn. … Gevolg is dat alle paars-witte bordjes vervangen moeten worden.

Hier is het dus een overheidsorgaan, de Stadsregio, dat besloot de officiële regels te negeren, met als geen andere reden dat een fietspad een eigen karakter moest hebben. Waarom, in vredesnaam? We geven de spoorwegovergangen en de vluchtstroken in de Overbetuwe toch ook geen eigen karakter? De projectleider noemt het een “foutje”, maar ik vrees dat het toch ernstiger is.

Zoals ik aangaf zijn er situaties waarin de grenzen van de toepasbaarheid van de wet in zicht komen. Maar dat is pas als een eerst volgens de regels ingerichte situatie onhandig blijkt. Na verloop van tijd en enige burgerprotesten kunnen we het aanpassen en dan kun je spreken van een foutje. Maar een overheidsorgaan dat de wetgeving vooraf al negeert, met geen ander doel dan een fietspad een eigen karakter te geven, is totaal ontspoord.

13 gedachtes over “Wettelijke kaders

  1. Een Amsterdammer die zich aan verkeersregels houdt ?? Grapje zeker, meneer Lendering. Bovendien kan van de grote steden zich alleen Den Haag historisch juist “Ons Dorp” noemen. Overigens ben ik het met de strekking van de blog van harte eens.

  2. Manfred

    Welke plek bedoel je precies met ‘Rozengracht/Paleisstraat’? Deze straten raken elkaar nergens. Bedoel je misschien het kruispunt Raadhuisstraat/Nieuwezijds Voorburgwal (achter het paleis)?

  3. Dirk

    Dit stukje gaf me weer stof tot nadenken, maar niet over verkeer. Is “ons dorp” of “het dorp” een gangbare bijnaam voor Amsterdam? Ik vraag het morgen even aan mijn Amsterdamse leerling. Er is bij mijn weten geen Vlaamse stad die zichzelf zo zou omschrijven. Antwerpen wordt in ieder geval ” ’t Stad” genoemd, om het te onderscheiden van de rest van Vlaanderen, “den boerenbuiten”, andere zogenaamde steden incluis, al willen we van Brussel met tegenzin toegeven dat het enige stedelijke kenmerken vertoont. Rond “het Stad” loopt trouwens bij ons “de Singel”. Lidwoorden, vreemd toch.

    1. Sarcasme. Ik gebruik “ons dorp” als ik het heb over vergissingen van het Amsterdamse stadsbestuur, dat, zeker als het gaat om de openbare ruimte, wel eens de professionaliteit vertoont van een dorpsbestuur.

      “Het” Singel is een Amsterdamss dialectvorm, zoals je in het Haags zegt dat iemand “op” Scheveningen woont in plaats van “in” dat duindorp.

      1. Manfred

        De officiële naam van het grachtje is tegenwoordig Singel, zonder lidwoord.
        Een singel is eigenlijk niks op zichzelf, het betekent rondom. Je kunt een singelgracht hebben, een singeldijk, een singelweg, … En gracht betekent slechts dat het gegraven is, in tegenstelling tot een natuurlijke stroom zoals een rivier.
        De oorspronkelijke naam toen het grachtje in de vijftiende eeuw gegraven werd was Stedegracht. Maar het werd ’t Singel genoemd, niet eens Het Singel; misschien een verkorting van ’t Singelgrachtje? Het betrof toen de huidige Singelgracht plus Koveniersburgwal plus Geldersekade. Het was toen dus meer ‘rondom’ dan tegenwoordig.
        Omdat het parallel ligt aan de Keizersgracht, Prinsengracht en Herengracht is ooit nog eens een poging gedaan het Koningsgracht te laten heten. Maar geen zeventiende-eeuwer wilde daar aan. Het Koningsplein herinnert nog aan die faal.
        Het Zingel.

  4. Jarko Aikens

    Een Amerikaanse president kreeg eens – straight forward – in een rondvaartboot uit de mond van Harry Mulisch te horen dat hij zich in een anarchistische stad bevond. Wij vinden de daaropvolgende verbijstering van deze president pathetisch. De uitspraak van Mulisch is immers in zekere zin gewoon waar en helemaal zeker het gedrag van fietsers. De wet steunt fietsers en voetgangers bij hun misdragingen want bij welke schade dan ook veroorzaakt door alle verkeer dat meer massa met zich meedraagt dan de simpele fietser of voetganger betaalt de tegenpartij, ook al houdt de ‘zwakkere’ zich niet aan de regels. Deze wetenschap verandert de Amsterdamse fietser tot een medogenloze kamikazepiloot. Ik heb de afgelopen 20 jaar vrijwel dagelijks de Amsterdamse straten bereden per motorfiets (wonen in Haarlem en werken in Amsterdam) en ben een meester geworden in het ontwijken van roekeloze wielrijders.
    De spannenste scene deed zich voor op steenworpafstand van de in mijn ogen best behapbare fietserssituatie aan het eind (of het begin, zeg het maar) van het Singel. Daar bevindt zich een kruispunt van vijf straten voorzien van verkeerslichten. De situatie is vanuit haast elke rijrichting tamelijk tricky. Na keurig wachten (per motorfiets) bij rood kreeg ik groen en op dat moment kwam een fietser doodgemoedereerd van links, door rood dus. Al fietsend keek hij mij voortdurend recht in de ogen. Optrekkend keek ik natuurlijk terug. Dat duurde allemaal een aantal spannende seconden.
    U begrijpt wel wie er midden op deze bezopen kruising hard in de remmen kneep om deze brutale aap vrolijk door rood te laten fietsen….

    1. mnb0

      Misschien moet u uw motorfiets een paar keer laten staan en zelf in A’dam rond gaan fietsen. In de jaren 80 leerde ik heel snel dankzij mijn overlevingsinstinct dat de toepassing van verkeersregels in A’dam een zekere voortijdige dood ten gevolge heeft. Dat gold specifiek voor verkeerslichten.
      Nu studeert mijn zoon er; de situatie is gelukkig drastisch verbeterd.

      “Al fietsend keek hij mij voortdurend recht in de ogen.”
      Duidelijk een ervaren A’damse fietser. Ik wist ook precies wanneer ik andere deelnemers in de ogen moest kijken en wanneer niet.

  5. Jarko Aikens

    Dat “veroorzaken” hierboven dient ruimer opgevat te worden dan er genoteerd is; de “zwakkere” betaalt niet.
    (Ik woon overigens nu een helemaal omgekeerde situatie, te weten in Pristina, Kosovo. De positie van de fietser is in de schijnbaar rechteloze verkeerschaos hier vergelijkbaar met die van een weggewaaide doos of overstekende koe. Levensgevaarlijk dus met als gevolg dat slechts een enkele levensmoede expat het aandurft)

  6. Ambtenaren denken wel vaker dat hun project zó leuk is dat de gewone regels er niet voor gelden. Ik heb een nee/nee-sticker op mijn brievenbus maar de bezorger van het gemeentekrantje denkt dat die niet geldt voor hem.

    1. Oh ja hoor, en dan zeker jammeren dat u van niets wist omdat de overheidspublicaties u niet bereikt hebben? Natuurlijk komt dat krantje in uw brievenbus, omdat de overheid beslissingen moet publiceren en aan de burger kenbaar moet maken.
      Burgers denken wel vaker dat regels niet voor hen gelden. Maar bijna altijd berust dat op een verkeerde aanname.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s