Met een fiets in de trein

Wie niet van Brussel houdt is gek

De trein! Daar had ik al een tijdje niet over geschreven, hoewel dat toch de populairste stukjes zijn op deze blog. Ik zal u niet teleurstellen: hier is een nieuwe aflevering. Ik ging heen en weer naar Bergen. En ik nam een fiets mee.

Romeins Wallonië heeft, zoals u zich wellicht herinnert, mijn professionele belangstelling. Het idee was om om 11:28 te vertrekken vanaf Amsterdam-Zuid en dan op Schiphol over te stappen op de internationale trein naar Brussel. Daarvandaan wilde ik verder fietsen door het gebied van de Romeinse heerbaan en zo zou ik aan het begin van de avond Bergen bereiken.

De trein heen

Behalve dat de internationale trein tussen Schiphol en Rotterdam niet reed. En ik een gewone NS-trein naar Rotterdam moest nemen. Wat geen gevolgen had voor mijn trein naar Schiphol. Waar bleek dat de NS-treinen allemaal vertraagd waren. Zodat ik een boemel moest nemen naar Leiden. Waar ik kon overstappen op een trein naar Rotterdam. Waar ik gelukkig wel een plek vond in de internationale trein. Die vervolgens niet vertrok omdat er geen machinist was. Waarna er een reservemachinist kwam. Die de trein uiteindelijk naar Brussel reed. Ik had een goed boek bij me, dus mijn humeur bleef opperbest.

Lees verder “Met een fiets in de trein”

4. De fuik

Een van mijn eerste Amsterdamse huizen: de studentenflats in Diemen

[Vandaag bestaat de Mainzer Beobachter tien jaar en daarom maak ik een persoonlijke balans op. De trouwe lezers van de blog zullen weinig nieuws tegenkomen, maar het is goed eens te kijken of mijn ambities overeenkomen met de praktijk. Dit is het vierde van twaalf stukjes; het eerste was hier.]

Ik denk dat ik het bovenstaande niet zo zou hebben geformuleerd toen ik in 1985 naar Amsterdam verhuisde om te studeren. Ik herinner me echter dat ik veel verwachtte van mijn wetenschappelijke vorming. Ik zou worden opgeleid om ooit mijn bijdrage te leveren aan de kennis die volken en generaties verbindt.

Nu waren de universiteiten kort daarvoor gereorganiseerd. In de “Tweefasenstructuur” duurden alle opleidingen vier jaar, ook als voordien zeven jaar nodig was geweest om het voor wetenschap vereiste niveau te bereiken. Opdat althans een deel van de studenten zo ver kon komen, zou er voor 10% van hen een tweede fase komen. Wie vier jaar had gestudeerd, heette “doctorandus 1”; wie ook de vervolgopleiding had afgerond, was “doctorandus 2” en kon solliciteren naar een promotieplaats.

Lees verder “4. De fuik”

De dwarse meningen van Hemelrijk

Een scherf van een vaas, beschilderd door de Sarpedon-schilder, uit de collectie van het Allard Pierson.

Om een dreigend misverstand weg te nemen: er zijn twee Amsterdamse professoren Hemelrijk, een jongere die tegenwoordig oude geschiedenis doceert en een oudere, kunsthistoricus van huis uit, die ook directeur was van het Allard Pierson-museum. Na zijn emeritaat schreef hij een stuk of zestig stukken over de Griekse kunstgeschiedenis in Amphora, het sympathieke tijdschrift van de Vrienden van het Gymnasium; die bundelde hij in 2009 en 2014 in twee boeken, Makron en zijn makkers. Fijne lectuur.

Dwarse meningen

Al was het maar omdat de oude Hemelrijk af en toe lekker dwars kon zijn. Zo vertelt hij met smaak over de wijze waarop de georganiseerde misdaad in Italië Etruskische graven plunderde en het spul vervolgens verkocht aan buitenlandse musea, zoals het Metropolitan Museum in New York en het Getty-museum in Malibu. Die zorgden voor wetenschappelijke uitgaven die, zo schrijft Hemelrijk, de wetenschap van de kunstgeschiedenis verder brachten. De politie rolde het netwerk echter op en dus gingen de voorwerpen terug naar Italië. Maar de Italianen, die zorgden niet voor goede publicaties. Hemelrijk was niet blij

Lees verder “De dwarse meningen van Hemelrijk”

Pity the Nation

Soms maakt een diepe verslagenheid zich van je meester

Toen ik gisteren mijn hartenkreet schreef over onderwijs, cultuur en wetenschap, wilde ik dit bereiken: dat de lezers zouden begrijpen dat de discussie niet moet gaan om arbeidsvoorwaarden, studieachterstanden, cultuurbezuinigingen, werkdruk, online-onderwijs of de sluiting van musea. Al die zaken zijn belangrijk maar ze vloeien voort uit één onderliggend probleem: een bijna agressief anti-intellectualisme. Als je jarenlang niet luistert naar mensen in het basis- en middelbaar onderwijs, als je studenten vijfendertig jaar lang op de mouw speldt dat een te korte opleiding ook wetenschappelijk is, en als je de normen voortdurend naar beneden bijstelt, bereik je vooral dat mensen die verlangen naar breed inzicht gemarginaliseerd raken en dat praatjesmakers boven komen drijven.

Het leidende principe in de discussie over onderwijs, cultuur en wetenschap behoort daarom te bestaan uit één vraag: hoe committeren we ons land weer aan inzicht? Daarom schreef ik een stuk met adviezen, stuk voor stuk onpraktisch maar gericht op de mijns inziens belangrijkste kwestie.

Lees verder “Pity the Nation”

Komt er duidelijkheid over de Sapfo-fragmenten?

Enkele teruggegeven papyri (©Egypt Independent)

Er is nieuws over de in januari 2014 opgedoken fragmenten van Sapfo. De Amerikaanse familie Green, die gedwongen is een enorme collectie illegale oudheden terug te geven aan de landen van herkomst, heeft inmiddels ruim 5000 stukken teruggestuurd naar Egypte. Dit volgt op de teruggave van gestolen Mesopotamische voorwerpen aan Irak. U leest hier meer over de Egyptische retourzending en foto’s zijn daar.

Sapfo

Voor wie geïnteresseerd is in de Sapfo-papyri, een van de interessantste ontdekkingen uit het afgelopen decennium, is dit groot nieuws. Wat we momenteel denken te weten is:

  • Een tussenhandelaar heeft enkele fragmenten, behorend tot één rol, verkocht aan de Green-collectie.
  • Deze behield enkele delen en droeg andere delen (met daarop de meeste poëzie) over aan iemand anders (hierna: Anonymus 1).
  • Die liet ze door Oxford-geleerde Obbink onderzoeken.
  • Deze ontdekte dat het ging om Sapfo.
  • Wetenschappelijke publicaties dreven de veilingprijs op.

Het is zeker dat de fragmenten die bij de Greens waren, nu naar Egypte gaan. Daar komen ze in het Koptisch Museum in Cairo, waar ze onderzocht kunnen worden.

Lees verder “Komt er duidelijkheid over de Sapfo-fragmenten?”

Erfgoeddelicten

Kijk, het is zo ingewikkeld niet. Mensen willen allemaal verschillende dingen en als ze die dingen ook allemaal gaan doen, dan wordt het een reuze janboel. Om dat te vermijden zijn er wetten. En aangezien je, als je je daar niet aan houdt, de samenleving beschadigt, zijn er ook straffen. Je kunt je dus maar beter aan de wet houden, want niet alleen vermijd je zo een bekeuring, een taakstraf of een verblijf in de gevangenis, je vermijdt ook dat je je medemensen benadeelt.

Zo is het ook met de erfgoedwetgeving. Als je, om eens een niet willekeurig voorbeeld te noemen, erop wordt betrapt met een metaaldetector te zijn wezen zoeken in een gebied waar dat is verboden, kan je erop rekenen dat je je bij de rechter moet verantwoorden. Als dan ook nog blijkt dat je een Keltisch wagengraf hebt gevonden en de vondsten hebt geprobeerd te verkopen, in plaats van ze normaal te melden, dan krijg je straf.

Lees verder “Erfgoeddelicten”

Doorstroomlocaties

Een bevriende schilder exposeerde in het Museum Amstelland en omdat ik daar nog nooit was geweest, fietste ik er deze zondag even naartoe. Zes kilometer. Bij binnenkomst was er een fles zeep en een blocnote om je naam en telefoonnummer op te schrijven. Iedereen droeg mondkapjes. Er was een groot plastic scherm bij de kassa. Je kon betalen voor het museumbezoek door geld in een soort plastic kubus te gooien. Toen ik naar het volgende vertrek wilde wandelen, stapte een medewerker zorgvuldig voor me opzij. Er was prima ventilatie. Er waren maximaal tien aanwezigen tegelijk. Kortom: hier werden de corona-regels voorbeeldig nageleefd.

Ik kan hetzelfde zeggen over museum Coda in Apeldoorn en museum De Waag in Deventer, waar ik heen ben gefietst toen ik in Apeldoorn moest zijn, of het Allard Pierson in mijn woonplaats Amsterdam. Iedereen houdt zich aan de regels.

Lees verder “Doorstroomlocaties”

Sapfo: van kwaad tot erger

Nog een Sapfo waarvan we niet weten of ze echt is: een buste uit Herculaneum, nu in het Museo nazionale archeologico in Napels.

Op een bepaald moment moet iets klaar zijn. Ik wilde, nadat Bedrieglijk echt was verschenen, niet meer over papyrologie willen schrijven. Het was een afgerond project. Soms drijft de verontrusting je echter terug.

Echt of vals?

Sapfo dus. In Bedrieglijk echt behandelde ik diverse dossiers: Artemidoros (vals), Geheime Marcus (incompetent beoordeeld), het Evangelie van de Vrouw van Jezus (vals), de Dode Zee-rol-fragmenten uit de Green-collectie (vals), de Dode Zee-rol-fragmenten uit de Schøyen-collectie (vals), het Marcusfragment (gestolen) – steeds was wel duidelijk hoe de vlag erbij hing. De Sapfo-fragmenten vormden echter een open einde. Er is geen afdoende gedocumenteerde provenance.

Lees verder “Sapfo: van kwaad tot erger”

Twee keer Den Bosch

Op de bibliotheek in Den Bosch staat, zoals u hierboven ziet, elegant samengevat wat de humaniora zijn. U mag ook “onderwijs, cultuur en wetenschappen” zeggen of “het goede, schone en ware”, want dat is hetzelfde.

Hier lezen we boeken,
inspireren we tot meer,
oefenen we met taal,

vertellen we elkaar verhalen,
maken we kennis,
ontmoeten we de ander.

Anders gezegd: het gaat om het verwerven van informatie, waardoor we ontdekken dat onze eigen ideeën niet de enig mogelijke zijn (zo “ontmoeten we de ander”) en ons denken beter leren doorgronden (zo “maken we kennis”). Classica Tazuko van Berkel gaf gisteren een mooi voorbeeld: “Wat doet het met ons als wij onszelf zien als homines economici?” We kunnen, door ons eigen denken beter te begrijpen, als mensen beter worden (zo “inspireren we tot meer”).

Niet dat de humaniora de enige weg zijn, overigens. Ik heb al vaker verwezen naar de schitterende toespraak van John F. Kennedy, waarin hij erop wees dat het Apollo-project, dat toch eerder de exacte en technische wetenschappen vertegenwoordigde, diende om het beste uit de betrokkenen boven te halen.

Lees verder “Twee keer Den Bosch”

Een gewiekste zwendelaar en een verblinde wetenschapper

Wat te mooi is om waar te zijn, is vaak niet waar. Dat gold ook voor de in 2012 opgedoken papyrussnipper waarop te lezen viel hoe Jezus van Nazaret sprak over ‘mijn vrouw’. Wat een mooie bevestiging leek van Da Vinci-code-achtige theorieën en daarom enig opzien baarde, bleek al gauw een vervalsing. Daarmee paste dit ‘Evangelie van de Vrouw van Jezus’ in een eeuwenlange traditie van onechte manuscripten. Een wetenschappelijke blamage, zeker, maar geen werkelijk nieuws.

Cover-up

Dat werd het wél toen ontdekker Karen King (Harvard) zei dat het laboratorium de echtheid zou bewijzen. Die aankondiging was alarmerend. Het lab kan namelijk wel vaststellen dat een papyrustekst een slechte vervalsing is, maar herkent een goede vervalsing niet en kan zeker niet bepalen of iets authentiek is. Harvard was rookgordijnen gaan optrekken.

Lees verder “Een gewiekste zwendelaar en een verblinde wetenschapper”