Marcus Antonius en de Mommsenthese

Zegelring met het portret van Marcus Antonius (British Museum, Londen)

Voor zover ik weet – of beter: ik heb geen zin om het na te trekken – is de Nobelprijs voor de Letteren maar tweemaal gegeven aan een geschiedwerk. (Dat zegt veel over de verschraling van de humaniora, maar dat terzijde.) De laatste keer telt bovendien niet mee. Toen werd de onderscheiding verleend aan Winston Churchill en dat was evident politiek. Tot overmaat van ramp bleek een fors deel van zijn oeuvre het werk van ghost writers. Feitelijk is de Nobelprijs voor de Letteren dus slechts één keer uitgereikt voor de geschiedschrijving, en dat was in 1902 aan de Duitse historicus Theodor Mommsen. Hij nam het initiatief tot het Corpus Inscriptionum Latinarum, schreef een Römisches Staatsrecht (nog altijd hét standaardwerk) en voltooide vier delen van een Römische Geschichte. Een samenvatting in één band is antiquarisch volop leverbaar en je hoeft maar een paar bladzijden te lezen om te weten: dit is klasse.

Mommsens centrale gedachte, weleens aangeduid als de Mommsenthese, is dat de Romeinen traditionele vormen gebruikten voor revolutionaire innovaties. Het bekendste voorbeeld is de monarchie van keizer Augustus, die werd uitgedrukt in republikeinse staatsrechtelijke termen, zodat “herstel van de republiek” feitelijk “einde van de republiek” betekende. Andere voorbeelden zijn de Tetrarchie en de kerkelijke innovaties in Nikaia. Ik vond eergisteren nog een mooi voorbeeld.

Marcus Antonius

Op 1 april in het jaar waarin Marcus Claudius Marcellus en Lucius Cornelius Lentulus  Crus consuls waren (of, zoals wij zeggen: 10 februari 49 v.Chr.) kwam in Rome de Senaat samen. Drie maanden eerder had Julius Caesar de republiek aangevallen en de consuls uit Italië verjaagd. Hun generaal Pompeius had met de republikeinse rekruten weten te ontkomen, en de Tweede Burgeroorlog zou dus nog vele maanden duren. Caesar voorzag die duur: hij kondigde aan dat hij pas kon afrekenen met “die generaal zonder leger” als hij korte metten had gemaakt met diens “leger zonder generaal” in Spanje. De Senaatsvergadering van die eerste april verliep dus in een absolute grafstemming.

Omdat Caesar zelf naar Spanje vertrok, had hij adjudanten nodig. Hij had al eens iemand naar Sicilië gestuurd, die daar het bestuur had overgenomen met geen ander argument dan dat “de machthebber in Italië” hem had gestuurd. Dat was wel heel cynisch en Caesar wist dat hij een vorm van legaliteit moest vinden. De man die hij nu aanwees als bestuurder voor Italië, moest minimaal de schijn van een ambt hebben. En dus koos hij een van de volkstribunen van dat jaar, Marcus Antonius, en verleende hem de bevoegdheden van praetor.

Theodor Mommsen (Alte Nationalgalerie, Berlijn)

De Mommsenthese

Volkstribunaat en praetuur waren constitutionele functies. De combinatie was – althans bij mijn weten – een improvisatie, hoewel het combineren zélf niets nieuws was. Er waren al eens colleges van krijgstribunen geweest met consulaire bevoegdheden. Dit keer betrof het dus een volkstribuun met de bevoegdheden van praetor. De Romeinen gebruikten traditionele vormen voor revolutionaire innovaties.

Daar bleef het niet bij. Marcus Antonius was maar één jaar volkstribuun. We zien hem echter in het volgende jaar in Brindisi als commandant en we zien hem even later troepen overvaren naar Dyrrhachion. Dat was dus na zijn ambtstermijn. Ook zoiets was niet zonder precedent, want de Romeinen kenden zogeheten promagistraturen: praetoren en consuls konden na hun ambtsjaar hun bevoegdheden houden, bijvoorbeeld omdat een militaire operatie nog niet was afgerond. Zo iemand handelde dan pro praetore of pro consule. Hoewel ik er geen bronnen over vind, lijkt Marcus Antonius nu een titel als pro tribuno praetori potestate te hebben gehad. Opnieuw: een revolutionaire innovatie, uitgedrukt in traditionele vormen.

Het feit dat ik er geen bronnen over vind, kan betekenen dat ik niet goed kan zoeken, want zoals bekend ligt allerlei materiaal achter de academische betaalmuren. Het kan ook betekenen dat het er gewoon niet is. Het lijkt in elk geval een improvisatie die weinig vervolg heeft gekregen, maar het illustreert mooi de Mommsenthese.

Deel dit:

Een gedachte over “Marcus Antonius en de Mommsenthese

Reageren is alleen mogelijk voor site‑leden.
Log in met je uitgenodigde account of vraag lidmaatschap aan bij de redactie.