MoM | Physics of Society (2)

65536 coalities en hun interne frictie. Slechts twee coalities zijn stabiel.

In het eerste stukje legde ik uit dat “physics of society” veronderstelt dat veel menselijke gedragingen zijn te herleiden tot een beperkt aantal regels, die je in een computerprogramma kunt simuleren. Daarmee kunnen ook onverwachte gebeurtenissen worden verklaard. Het gaat hier echter vooral om redelijk alledaagse situaties. Kun je het ook gebruiken op de menselijke geschiedenis? Het antwoord is dat er wel wat mogelijk is en dat je, door zo’n computersimulatie duizenden keren te laten draaien, zou kunnen benaderen welke factoren er werkelijk toe doen. De implicatie is dat je dan ook de toekomst kunt voorspellen en dat voelt intuïtief niet aan alsof dat klopt. Slecht verzonnen science fiction. Misschien is het ook wel zo, maar laten we eerst eens kijken naar wat mogelijk is.

Een mooi voorbeeld is het ontstaan van de allianties die in de Tweede Wereldoorlog tegenover elkaar kwamen staan, zoals deze is beschreven door de Amerikaanse onderzoekers Robert Axelrod en Scott Bennett (“A Landscape Theory of Aggregation“, 1993). Ze gingen ervan uit dat er niet één aantrekkende en afstotende kracht was, zoals in de voorbeelden uit het voorgaande stukje, maar vijf. Elk land kon zich tot een ander aangetrokken voelen (of juist niet) om economische, etnische, ideologische, religieuze en historische redenen. Dit duidden Axelrod en Bennett aan als +1 of -1. Een zesde factor waren grensconflicten, die alleen als -1 konden worden aangegeven. Daarnaast werd de macht van elk land berekend aan de hand van zaken als demografie, militaire kracht en bruto nationaal product.

Om het niet te complex te maken, is neutraliteit geen optie en bestaan enkele kleine landen (zoals de Benelux) niet. Uiteindelijk komen er zo zeventien spelers op het bord, met duidelijke voor- en afkeuren en een zekere kracht om deze uit te leven. Deze zeventien spelers konden zich op 65.536 manieren verbinden in twee coalities. De betrokken partijen zijn niet per se gelukkig met de alliantie waarin ze zijn terechtgekomen, dus er is enige frictie, die ook weer in een getal kan worden uitgedrukt. Hoe lager dit getal, hoe stabieler de coalitie.

In de afbeelding bovenaan zijn alle denkbare allianties uitgezet op een schaakbord van 256 bij 256, met langs de verticale as de mate van frictie. Het blijkt dat slechts twee coalitieparen een redelijke stabiliteit hebben, waarvan er één sterk doet denken aan de coalities die feitelijk hebben bestaan, namelijk die van de Asmogendheden en de Geallieerden: Coalitiepaar A.

Coalitiepaar A   Coalitiepaar B
Alliantie 1 Alliantie 2
Alliantie 1 Alliantie 2
Groot-Brittannië Duitsland   Sovjet-Unie Groot-Britannië
Frankrijk Italië   Joegoslavië Frankrijk
Tsjechoslowakije Polen   Griekenland Tsjechoslowakije
Denemarken Roemenië     Denemarken
Sovjet-Unie Hongarije     Duitsland
Joegoslavië Finland     Italië
Griekenland Letland     Polen
  Litouwen     Roemenië
  Estland     Hongarije
  Portugal     Portugal
        Finland
        Letland
        Estland
        Litouwen
‘Geallieerden’ ‘Asmogendheden’      

Coalitiepaar A komt heel redelijk overeen met de feitelijke coalities. De enige landen die niet in de juiste coalitie zijn terechtgekomen, zijn Polen en Portugal. Omdat de kans dat men door toeval op een zó nauwkeurige overeenkomst tussen de berekeningen en de feitelijke situatie uitkomt, minder dan een half procent bedraagt, mogen we aannemen dat de door Axelrod en Bennett geselecteerde variabelen de werkelijkheid redelijk benaderen.

Het andere coalitiepaar – heel Europa tegen de Sovjet-Unie met twee bondgenoten – is bovendien geen onwaarschijnlijk alternatief. Het is bekend dat de samenwerking tussen Churchill en Stalin bepaald niet hartelijk was en pas ontstond nadat Hitler had besloten de Sovjet-Unie aan te vallen.

De volgende illustratie toont wat er gebeurt als we de twee coalities door de tijd heen volgen. De macht van de twee coalities varieerde immers: in 1936 militariseerde Duitsland het Rijnland opnieuw en sloot het een alliantie met Italië, in 1938 vond de Anschluss van Oostenrijk plaats en annexeerde Duitsland het Sudetenland, in 1939 volgde de bezetting van de rest van Tsjechië. Ook andere landen waren met wisselend succes bezig zich voor te bereiden op een tweede Grote Oorlog. Hierdoor veranderen de getallen voortdurend en varieert de frictie (“energy”) binnen de coalities.

Coalities door de tijd heen

We zien hierboven dat in 1935 en 1936 beide coalitieparen nog mogelijk waren, maar dat ergens in 1937 een punt werd gepasseerd waarop coalitiepaar B niet langer mogelijk was. Het verdrag dat Rusland en Duitsland in de zomer van 1939 sloten, was gedoemd te mislukken. Het cruciale jaar in de aanloop naar de Tweede Wereldoorlog was 1937.

Mocht het u boeien: hetzelfde type redenering, waarin een bepaalde situatie wordt gevolgd en er twee mogelijke toekomsten zijn, vindt u in dit onheilspellende artikel, dat weliswaar niet gaat over geschiedenis maar dat wel de aanleiding was om nu eens over physics of society te bloggen.

[Wordt vervolgd]

[Geschiedenis is geen amusement, leuk voor een vrijblijvend stukje in een tijdschrift of een item op TV. Het is een wetenschap. In de reeks “Methode op Maandag” (MoM) leg ik uit wat de oudheidkundige wetenschappen, en de historische wetenschappen in het algemeen, maakt tot wetenschappen. Een overzicht van deze en vergelijkbare stukjes is hier.]

12 gedachtes over “MoM | Physics of Society (2)

  1. FrankB

    “veel menselijke gedragingen zijn te herleiden tot een beperkt aantal regels”
    Aanvulling: dit gaat op voor groepsgedrag.

    “De implicatie is dat je dan ook de toekomst kunt voorspellen en dat voelt intuïtief niet aan alsof dat klopt.”
    Die intuïtie deel ik niet. Om te beginnen zijn er vele eenvoudige één op één causale relaties die heel betrouwbare voorspellingen opleveren. Ook over honderd jaar zullen voorwerpen naar beneden vallen als je ze van een hoogte los laat. Iets ingewikkelder is al de voorspelling dat er dan nog steeds winnaars in loterijen zullen zijn. Al tientallen jaren zijn weersvoorspellingen heel populair en ze zijn veel nauwkeuriger dan vroeger.
    Triviaal – maar wie het triviale niet correct heeft mag niet hopen ingewikkelder zaken te kunnen aanpakken.

    1. jan kroeze

      @frankb: Alweer eens! Ik krijg de indruk overigens dat dat het model redelijk klopt, maar achteraf bewijsbaar. Mijn vraag is waar is dit model in feite voor nodig? En het is zo als frankB al zegt slechts toepasbaar voor groepen. Grote groepen zou ik willen zeggen. Nogmaals wat wil je met dit model.
      Overigens een goede blog! Het levert een en ander aan denkwerk op (altijd leuk!).

  2. FrankB

    “Het is bekend dat de samenwerking tussen Churchill en Stalin bepaald niet hartelijk was.”
    Dit gaat nog verder. Voor WO-2 uitbrak (in Europa – in China was hij al bezig), tijdens de München crisis en tijdens de onderhandelingen van augustus 1939, hielden Engeland en Frankrijk een coalitie met de Sovjet-Unie systematisch af, ondanks bereidwilligheid van de laatste (Stalin en co namen Mijn Strijd wel serieus).
    Wat hier speelt is vrij simpel: de rol van individuele voorkeuren is relatief groot, veel groter dan de onze als we meedoen aan een massademonstratie. Chamberlain en Daladier hadden de mogelijkheid om toenadering te zoeken tot de Sovjet-Unie, maar deden het niet. Hitler had zich aan het Verdrag van München kunnen houden ipv Tsjechië helemaal te bezetten. In plaats daarvan had hij onderhandelingen met Polen kunnen openen, dat even antisemitisch en anticommunistisch was.
    Het is merkwaardig dat Spanje buiten het onderzoek is gehouden. Overigens kwam Portugal wel degelijk in conflict met de geallieerden, nl. over Timor en Goa. Misschien moet geografie als zesde factor toegevoegd worden. “Neutraliteit is geen optie” is uiteraard eveneens een grover versimpeling – waarom Portugal dan wel meenemen en Zweden niet?

    “Het verdrag dat Rusland en Duitsland in de zomer van 1939 sloten, was gedoemd te mislukken.”
    Dat is natuurlijk maar hoe je het bekijkt. Hitler kreeg wat hij wilde en gooide het weg toen hij het niet meer nodig had. Bekijken we de militaire ontwikkeling van de Sovjet-Unie dan had hiji geen beter moment kunnen uitkiezen voor Operatie Barbarossa. Het tegenargument is dat hij helemaal niet had moeten aanvallen, maar ja, Mijn Strijd. In dit opzicht klopt het model niet. De Duitse invasie werd onvermijdelijk toen Hitler de macht greep in 1933. Hitler zonder Operatie Barbarossa is net zoiets als de paus zonder Mariaverering (met verontschuldigingen aan oa katholieke lezers – qua ethiek enz. gaat de vergelijking volstrekt niet op).

    1. jan kroeze

      Voor Hitler was alles, maar dan ook echt alles puur strijd. Degene die verloor was gedoemd om dood te gaan, in elk geval te verdwijnen.

  3. FrankB

    Al een paar jaar ben ik een enorme pessimist. Ik heb mijn zoon al een paar keer verteld dat ik het volledig zal begrijpen als ik geen grootvader word. Itt het grootste deel van de mensheid ben ik hier 30 jaar geleden al over begonnen na te denken, voordat hij geboren werd dus.
    Het artikel waar je naar linkt laat de menselijke factor, dwz. psychologie buiten beschouwing. Ja, als morgen op wonderbaarlijke wijze 90% van de mensheid van de aardbodem verdwijnt zitten we goed. Tot dan zullen korte termijn belangen altijd prevaleren boven lange termijn belangen. Zo zit de mens in elkaar. En de gevolgen van klimaatverandering zijn nog altijd een lange termijn kwestie. Pas nadat het klimatologische punt van geen terugkeer is gepasseerd zullen die gevolgen voelbaar worden.
    Wie mij niet gelooft moet de soap rond aardgas in Groningen een paar maanden volgen. Dik vijftig jaar hebben achtereenvolgende Nldse regeringen een potje kunnen opbouwen om voorbereid te zijn op het voorspelbare: schade. Nu het zover is weet de overheid nog steeds niet wat te doen. Zie de mens: kortzichtigheid en stompzinnigheid troef. Pappen en nathouden, ja, de put dempen voor het kalf verdronken is, ho maar.
    Op mijn aandringen heeft mijn zoon een exit-strategie bedacht en voorbereid. Ikzelf ben gelukkig oud genoeg om het ergste mis te lopen.
    De oude Grieken snapten dit al en knutselden het karakter Kassandra in elkaar.

  4. Manfred

    “Het antwoord is dat er wel wat mogelijk is en dat je, door zo’n computersimulatie duizenden keren te laten draaien, zou kunnen benaderen welke factoren er werkelijk toe doen. De implicatie is dat je dan ook de toekomst kunt voorspellen en dat voelt intuïtief niet aan alsof dat klopt. Slecht verzonnen science fiction.”

    Neen. Briljant verzonnen science fiction. Verzonnen namelijk door Stanislaw Lem in The Cyberiad. https://en.wikipedia.org/wiki/The_Cyberiad

  5. Weet je Frank, met die 90% kom je al snel bij Derde Rijk toestanden en afschuwelijke eliminatiemethodes. En 10 % gewetenlozen, die vrolijk weer verder gaan met het verknollen van het leven op de planeet. Voor het overige ben ik het met je eens: we zijn met teveel. Ik grap wel eens dat als de mens een torretje was, er al lang een spuitbus tegen was uitgevonden (vinden de meeste mensen helemaal geen leuk grapje). Maar een oplossing zie ik niet. Een troost: na ons gaat de aarde weer gewoon een paar miljard jaar verder tot ie ooit zelf een keer ophoudt met bestaan. We zijn volstrekt overbodig, hoezeer we nu onze stempel op deze planeet drukken.

  6. Robbert

    Tav. FrankB en Saskia: die 10% heeft weinig met Nazi’s te maken, het is een gedachtenoefening. Een computersimulatie zou kunnen aangeven hoe we naar 1 miljard of, in Nederland, naar 2 miljoen kunnen gaan en blijven zonder de kernwapens aan te spreken.
    Dat zal lang duren, maar dat de mens de aarde ondertussen heeft overlopen kunnen we het snel eens zijn.

  7. Roger Van Bever

    Op zichzelf een interessant theoretisch concept, maar ik betwijfel, net zoals jijzelf trouwens, of het wel op alle gedragingen van de mens van toepassing is. Om me te beperken tot het voorbeeld dat je aanhaalt van de potentieel meest stabiele coalities tijdens de aanloop naar WO II vraag ik me af of de reductie tot 5 parameters en een 6de (frictie die logischerwijs alleen maar de waarde van -1 kan aannemen) niet een te grote simplificatie is. Je geeft de twee meest stabiele coalities die uit het model rollen nadat de variabelen op 7 landen die er toe deden zijn toegepast.

    Ik zie echter twee complicerende factoren: de getalsmatige waarderingen van de de aantrekkings- of afstotingsvariabelen zijn weinig gedifferentieerd (+1 en -1) en dit geldt ook voor de frictie.V

    Verder is in dit model ook niet meegenomen dat plotseling een onvoorziene factor (zoals de moord in Sarajevo als ‘uitlokkende factor’ van WO I) roet in het eten kan gooien.

    Na WO II zijn er ook enorme defensieve allianties zoals de Navo tot stand gekomen die niet meer volledig passen in de thans reëel bestaande geostrategische situatie en die door andere supermachten als offensief ervaren worden. Door de globalisering laten de bovengenoemde parameters zich nog minder kwantificeren. We hebben bij de Tweede Irak- oorlog gezien dat de Navo-leden bij het kruisje konden tekenen in Washington. We hebben gezien tot wat dit in het M.O. geleid heeft.

    Overigens ben ik het met FrankB eens dat bondgenootschappen niet altijd met goede intenties tot stand komen. Hitler sloot het verdrag met de Soviet-Unie in 1939 met in zijn achterhoofd dat hij dan zijn handen vrij had in het Westen.

    Een andere factor is dat, zoals je in de tweede grafiek aangeeft, de coalities een heel ander landschap gaan vertonen in functie van hoe de strijd zich in het verloop van de tijd ontwikkelt.

    Ik geef toe, dat het een moeilijke materie is en dat ik onvoldoende in staat ben om het helemaal op zijn merites te beoordelen. Dat andere artikel moet ik nog lezen.

    Ik denk dat het model mogelijk een bijdrage kan leveren tot een verklaring achteraf, maar betwijfel of het in door jou gekozen voorbeeld een ‘voorspellende waarde’ kan hebben.

  8. Rob Duijf

    ‘Maar een oplossing zie ik niet.’

    De problemen die we met zijn allen veroorzaken zijn immens, maar dat wil nog niet zeggen, dat we maar ‘radeloos, redeloos en reddeloos’ op onze handen moefen gaan zitten tot de wal het schip keert.

    Het feit dat jij aanwezig bent, maakt je verantwoordelijk. Je bewust zijn van je eigen verantwoordelijkheid is bepalend voor de manier waarop je in de wereld staat en de keuzes die je maakt. De kwaliteit van jouw denken en handelen beïnvloed direct de wereld waarin je leeft, je relaties, je interacties. Het gaat er niet om of anderen slapen, maar of jij wakker bent. Kortom: verandering begint bij jezelf en daar eindigt het ook.

  9. Rob Duijf

    Alle politieke analyses ten spijt (er zijn boeken vol overgeschreven, maar kennelijk is het nodig om het hier nog eens dunnetjes over te doen) staat onze wereld bol van de conflicten. Dan hebben we het nog niets over de invloed van het internationaal militair-industrieel complex – en dat is meer dan de wapenlobby alleen (traditioneel bijvoorbeeld ook multinationale spelers als Shell Deterding, Krupp, Bayer, IG Farben om er eens een paar te noemen) – die wereldomvattend aan de politieke touwtjes trekken en in alle geledingen van de maatschappij zijn vervlochten.

    Waarom accepteren we dit, terwijl het NU gebeurt?

Reacties zijn gesloten.