Elie Aron Cohen

Oorlogsmonument in Aduard

Een monumentje voor de gevallenen. Het staat in Aduard, even ten westen van Groningen. Het trof me door het opschrift: “Aduard gedenkt zijn gevallenen”, waarna niet alleen de mensen staan vermeld die in Nederland zijn gedood – wellicht verzetsstrijders – maar ook degenen die zijn vermoord in Auschwitz, Sobibor, Neuengamme en Malchow. Zo te zien richtte Aduard het monument al op vóór alle slachtoffers bekend waren, want drie namen zijn later toegevoegd.

Zoals gezegd trof het opschrift me. Het onderscheid dat je soms ziet, waarbij de joden een apart monument krijgen, ontbreekt. Ik heb daar altijd twee gedachten bij. Soms denk ik: wat de joden overkwam, was zo uitzonderlijk dat het een speciaal monument verdient. Dan weer denk ik: door de joden apart van andere Nederlanders een monument te geven, presenteer je ze als bijzonder en neem je het standpunt over van de bezetter. Ik weet niet goed wat ik ervan moet denken.

Lees verder “Elie Aron Cohen”

Hongerwinter in Amsterdam

Twee deelnemers aan een hongertocht (Wikimedia Commons; fotograaf onbekend / Anefo)

Voor mensen met hart- en vaatziekten, diabetes, vetzucht en nog zo wat ziekten van een welvarende maatschappij, meestal de rijkeren dus, was de Hongerwinter eigenlijk wel een goede medicijn. Sommigen hadden daarna geen last meer van die kwalen. Maar de meesten leden honger, of stierven zelfs.

De Hongerwinter van 1945

De boeren in Noord-Holland boven het Noordzeekanaal leverden in ruil voor waardevolle spullen of koffie en thee, zakken met graan en aardappelen en groenten zoals kool. Je moest daarvoor al gauw helemaal naar de Kop, voorbij Hoorn en Alkmaar. Hele gezinnen trokken met handkarren de pont over op weg naar voedsel. Barre tochten waren dat, want het was een strenge winter en veel warme kleren had men niet. De Duitsers wisten van de hongertochten en soms stonden er soldaten bij de toegang tot de pont naar Amsterdam en dan kwamen de mensen na hun barre tocht terug met lege handen – de handkarren werden ook in beslag genomen – thuis.

Lees verder “Hongerwinter in Amsterdam”

De B-25 Mitchell: vliegend erfgoed

Een landende B25 Mitchell bommenwerper

Ook als we geen coronacrisis hadden, zou ik een flink deel van mijn tijd thuis werken. Dat gaat echter niet altijd even gemakkelijk. Als een vliegtuig overkomt, verlies ik concentratie. Dat geldt ook voor bouwvakkers of andere kabaal. Of, als ik zit te werken in de trein, voor geklets in de stiltecoupé. Petities om de vliegbewegingen van Schiphol terug te brengen tot een aanvaardbaarder niveau, of om rolkoffers uit de Amsterdamse straten te weren, of om de stiltecoupés te voorzien van automatische schietstoelen voor mensen die blijven kletsen, zal ik ongezien tekenen. Geluidsoverlast veroorzaakt hart- en vaatziekten. Het RIVM schat dat we door onvoldoende bestreden geluidsoverlast elk jaar ruim tachtig extra doden hebben.

Ik sympathiseer dan ook ten diepste met de mensen in Gilze, die deze zomer klaagden over een B-25 Mitchell-bommenwerper. Die vloog nogal laag over en bleef laag overvliegen. “Je kunt buiten geen gesprek meer voeren als het gevaarte overkomt.” Heel herkenbaar. Ik zou een grap over luchtdoelgeschut maken als die grap niet al duizend keer gemaakt was.

Lees verder “De B-25 Mitchell: vliegend erfgoed”

Oorlog in Nijmegen (11)

Monument voor het verzet in Nijmegen

Ook het Canisiuscollege is uitgeleefd door de militairen en beschadigd door granaten. Omdat de bioscopen in het centrum, over het algemeen niet meer functioneren, is de aula van ’t Hok (Canisiuscollege) ingericht als bioscoop. De kruk van de deur achter in de zaal ontbreekt. Als we vrij kwartier hebben, staan we soms om de beurt door het gat naar de middagfilm te kijken, onder andere naar Desert Victory met Montgomery bij El Alamein in Noord Afrika.

Een 6-gymklas van het Canisius nodigt 6-gym van Mater Dei uit voor een filmvoorstelling. Zij hebben ’s morgens les. Zus B. is er ook bij. Ik zie de jongens en meisjes plaatsnemen, terwijl ik door het gat in de deur kijk. De paters mogen het niet weten!

Lees verder “Oorlog in Nijmegen (11)”

Oorlog in Nijmegen (10)

Na het bombardement van en de veldslag in Nijmegen was de schade immens. Dit is een luchtfoto uit 1945, toen al veel puin was geruimd

Vader en moeder zijn gaan kaarten bij vrienden. Ik zit een donkerblauwe wollen cloqué rok van zus B. korter te maken. We zetten radio Oranje aan. En dan vertelt “de Rotterdammer” met bewogen stem, dat in hotel De Wereld in Wageningen de wapenstilstand is gesloten tussen generaal Foulkes en generaal Blaskowitz, in aanwezigheid van prins Bernard.

We halen vliegensvlug de vlag van de zolder, maar hebben geen vlaggenstok meer. We volgen het voorbeeld van anderen en bevestigen de vlag aan twee kanten aan de gevel. Mijn zussen tillen mij daarvoor vanuit het raam op de erker. In het midden wordt de oranje wimpel om de vlag geknoopt. Er ontstaat een soort vlinder. Tijdens deze werkzaamheden klinkt er een knal. Mijn zussen rennen in een reflex richting kelder, maar keren gelukkig terug om mij naar binnen te tillen. Het was vuurwerk of een vreugdeschot.

Lees verder “Oorlog in Nijmegen (10)”

Oorlog in Nijmegen (9)

Cenotaaf voor de Canadese soldaat Ernest Harrison, gesneuveld op 27/28 januari 1945 tijdens een verkenningspatrouille ten oosten van Nijmegen

Winter ’44-’45

Er is geen post en telefoon. Het enige contact met familie en vrienden in het bevrijde deel van  Nederland loopt via militairen die de groeten komen brengen.

Zo brengt Peter de groeten van familie in Roosendaal, waarbij hij ingekwartierd is geweest. Hij is een Schotse student. Hij blijft nadien regelmatig zijn vrije avond bij ons door brengen. Zo komen ook drie Canadezen groeten van vrienden brengen. Het zijn forse mannen, waarvan er één heel erg scheel kijkt.

Lees verder “Oorlog in Nijmegen (9)”

Soldatengraf bij Leuth

Cenotaaf voor Ernest Harrison, gesneuveld op 27/28 januari 1945, even ten westen van Leuth.

In de winter van 1944/1945 was Nijmegen zo’n beetje de noordelijkste stad die de Geallieerden op de Duitsers hadden heroverd. Ze hadden verder willen komen: het doel van operatie Market-Garden was Arnhem geweest. Dat was niet gelukt, maar dat wil niet zeggen dat de operatie volledig was mislukt, want Nijmegen was een basis om om de Duitse Siegfriedlinie heen te trekken. Die opmars werd door het Ardennenoffensief uitgesteld maar in het voorjaar van 1945 – op 8 februari om precies te zijn – begon operatie Veritable, met als doel het front op te schuiven richting Rijn.

Het is niet de beroemdste actie uit de Tweede Wereldoorlog. In feite is ze ronduit vergeten. Het was echter een grote operatie, waarbij de Geallieerden 400.000 soldaten inzetten, waarvan er bijna 16.000 om het leven kwamen. De Duitse verliezen worden geschat op ruim 44.000. Samen genomen is dat ruwweg een stad als Roermond of Genk. Een van de eerste slachtoffers was de eenentwintigjarige Canadese soldaat Ernest Harrison.

Lees verder “Soldatengraf bij Leuth”

Kerstmis in oorlogstijd

Ik denk dat het in 1943 is geweest. Mijn vader had een slagerij in Lochem in de Achterhoek en “de fabriek” (zo noemde wij altijd de heel grote werkplaats achter ons huis) was voor driekwart door de Duitsers gevorderd. Daar kwamen soldaten om bijvoorbeeld worst te maken maken. Dat konden ze heel goed.

Als kinderen liepen wij er in en uit, want als ze daar bezig waren, kregen we van die jongens wel eens iets lekkers, zoals een stukje gekookte tong of nier. We vonden dat heerlijk, ook als ze tongenworst of nierbrood aan het maken waren.

De leider van dat stel was een zekere heer Schneider. Hij liep nooit in uniform en was tegen  mij altijd heel aardig. Toen ik ziek was, en dat gebeurde in die tijd weleens, moest ik van de huisarts extra suiker eten. Je kon daarvoor extra rantsoenbonnen krijgen maar mijn ouders hebben daar nooit gebruik van gemaakt, want wij hadden het redelijk goed in die periode. Ik heb dat in mijn kinderlijke onschuld aan meneer Schneider verteld en wat gebeurde? De goede man, want hij was gewoon een goede Duitser, bracht elke keer een klein zakje snoepjes voor mij mee. Mijn moeder was heel gereserveerd in deze. Dat is natuurlijk ook te begrijpen. Ik mocht het aannemen, maar er met niemand over praten. Dat kon je in de oorlog ook beter niet doen.

Lees verder “Kerstmis in oorlogstijd”

Oorlog in Nijmegen (8)

Er komt een kwartiermeester vertellen, dat ’s nachts een captain R. zal komen. De soldaat krijgt de huissleutel en schrijft met krijt in grote letters de naam en het legernummer op de groene deur van een slaapkamer. Je hebt in je eigen huis niet veel meer te vertellen.

Een jaar eerder is het gras  in de achtertuin omgespit voor tabaksplanten. Vader heeft de bladeren geoogst, gedroogd en met moeders naaischaar in reepjes geknipt. Hij rookt het ongefermenteerde product in zijn pijp.

Op een herfstige dag ga ik de rijen kale overgebleven staken van de tabaksplanten uit de grond rukken. Ik ruik de herfst. Ik zie ineens major E. op het balkon. Hij staat lachend naar mijn bezigheden te kijken.

Lees verder “Oorlog in Nijmegen (8)”

Oorlog in Nijmegen (7)

grave_brug
Nijmegen werd bevoorraad langs een fragiele aanvoerlijn. Dit is de brug bij Grave.

Nijmegen frontstad

Het front is inmiddels stil komen staan. De slag bij Arnhem is verloren. Er vluchten nog steeds Nijmegenaren naar Brabant. Je moet nu wel een ‘permit’ van de geallieerden hebben om gebruik te maken van de bruggen over het Maas- en Waalkanaal. Men vlucht vaak op geallieerde voertuigen.

Nijmegen is maandenlang slechts  met het bevrijde gebied in Brabant verbonden via de “corridor”, d.w.z. de Graafseweg. Men zegt, dat de Duitsers die ’s nachts dwars oversteken. Nijmegen vormt een soort bevrijd eiland, begrensd door de Waal, Maas- en Waalkanaal, Maas en de Duitse grens.

Lees verder “Oorlog in Nijmegen (7)”