
Ik vrees dat als jonge mensen – ik denk concreet aan mijn vriend S. (vijf) – het onderstaande liedje van Blondie zullen horen, ze in het historisch woordenboek moeten opzoeken wat een “phone booth” toch kan zijn geweest. Alles wordt op den duur onbegrijpelijk en dat is maar goed ook, want anders zou er niks overblijven om je over te verbazen. De energie en het enthousiasme van het onderstaande liedje zijn na bijna een halve eeuw echter nog altijd te proeven. In elk geval uw dagelijkse blogger word hier nog altijd heel erg vrolijk van.
Zangeres Debbie Harry wordt vandaag tachtig. En ik herinner me nog goed hoe mijn achterbuurjongen de LP Parallel Lines voor me afspeelde op zijn grammofoon. Dat was trouwens nóg een woord dat inmiddels is opgenomen in het lexicon van vergeten woorden. Maar verdikkeme, wat was het toch mooi om, als je veertien of vijftien bent, deze muziek voor het eerst te horen.
Zelfde tijdvak
De verledens van Spanje (3)januari 12, 2026
Irak kort (16): Een paleis van Saddam Husseinnovember 12, 2021
De inauguratie van Elias Sarkisdecember 25, 2012

Ik word vaak vrolijk van muziek uit mijn jonge jaren, maar is dat omwille van de intrinsieke kwaliteit van het nummer, of zijn de liedjes onze madeleines?
Een manier om daar antwoord op te krijgen is de vraag aan jongere generaties te stellen. Er zit geen volledige garantie op, maar als die er ook vrolijk van wordt is dat waarschijnlijk om de intrinsieke kwaliteit.
Het is een interessante oefening hitlijsten van vóór onze jonge jaren te bestuderen. Dit is overigens van alle tijden. Vergelijk bv. Von Dittersdorf en Mozart. De eerste maakte tijdens zijn leven ook aardig wat mensen vroliijk. Maar nu?
Disclaimer: noch Blondie noch Mozart behoort tot mijn favorieten.
De vrolijkheidsgraad van de luisteraar lijkt me überhaupt een uitermate dubieus criterium voor de intrinsieke kwaliteit van muziek The Cure nog eens opzetten doet
Tja, en als je Leroy Anderson’s ‘The Typewriter’ laat horen aan iemand van na +/- 1990 moet je ook eerst lange uitleg geven wat een typemachine was en hoe die klonk.
Voor het overige een heerlijk stukje nostalgie, waarvoor dank! Las ook een voortreffelijk ouder stukje in deze Blog over The Ramones en vroeg me af of er wellicht foto’s van Jona als punker/ new waver bestaan. Was en ben nog steeds dol op de amorele muziek van die tijd zoals die van The Cramps (‘People are no good’) en Teenage Jesus & The Jerks (Lydia Lunch).
De (stief)broertjes Ramone hadden overigens wel degelijk ook één moralistisch/politiek nummer: ‘Bonzo goes to Bitburg’. Bonzo = Ronald Reagan, Bitburg = WO-II begraafplaats voor (vnl) Wehrmachtsoldaten maar ook voor die van de Waffen SS.
Zou Blondie ooit live gezien hebben, maar mijn geheugen m.b.t. die tijd wordt gehinderd door een potdichte mist van hasj-walmen (love on first puff), vnl. rode of gele Libanon, waarmee we gelijk weer terug zijn bij Jona’s nieuwe boek dat ik bij deze opnieuw van harte aanbeveel!
Toen Deedee Ramone ooit verzuchtte dat hij het meer dan zat was de rol van stripfiguur te moeten spelen, wat inderdaad een beetje was hoe de Ramones zich voordeden, dommer dan ze waren, schoot Debbie Harry in de lach. “Ik doe toch niet anders?”
Debby Harry en strip… nu ga ik ineens aan iets heel anders denken…
Waar dachten jullie waar de bandnaam Blondie aan refereert….?
Toen ik 15 was heersten de Rolling Stones (“The last time”) en de Beatles (“Eight days a week”). Veel mooier kan je het niet hebben. Mijn kleinzoon (nu 15) ziet meer in Rammstein 🙂
Debbie zag er destijds wel lekker uit.