
Misschien verwacht u vandaag een methodisch stukje, want het is maandag, maar ik geef u in plaats daarvan een blogje over een onontcijferde taal, het Proto-Elamitisch. Het enige methodische dat daaraan valt te ontdekken, is dat ik drie foefjes toon waarmee onderzoekers dit type probleem aanpakken.
Maar eerst even vier jaar terug. Toen blogde ik over de ontcijfering van een oude schriftsoort, het zogeheten Lineair Elamitisch, dat in het zuidwesten van Iran in gebruik is geweest tussen ongeveer 2300 en 1900 v.Chr. De taal die ermee werd geschreven, een vroeg soort Elamitisch, lijkt op geen enkele andere antieke taal, wat het interessant maakt. Helaas zijn er maar weinig geleerden die het kunnen lezen, en dat is jammer, want zeker de jongere taalfasen zijn rijk gedocumenteerd.
Proto-Elamitisch
Aan het Lineair Elamitisch gaat een ouder schrift vooraf, dat wordt aangeduid als Proto-Elamitisch: een vage naam die kan verwijzen naar
- een heel erg vroege fase van het Elamitisch
- de taal die gesproken werd vóór het Elamitisch werd gesproken.
Eigenlijk zou het dus Pre- of Proto-Elamitisch moeten heten, maar dat is ook wat complex.
We kunnen het Proto-Elamitisch niet lezen en weten dus ook niet of het wel een vroege vorm is van het Elamitisch. Het is extra problematisch doordat de meeste van de ongeveer 1700 tabletten afkomstig zijn uit oude, niet voldoende gedocumenteerde opgravingen, zodat onduidelijk is hoe oud ze zijn. Op basis van een handvol meer recente opgravingen wordt aangenomen dat dit schrift rond 3200 v.Chr. is ontstaan, en dus ruwweg even oud is als het spijkerschrift, maar we zouden robuustere conclusies willen hebben.
Er is weinig over het Proto-Elamitisch bekend, maar het weinige dat bekend is, is intrigerend. Om te beginnen: onderzoekers kunnen de cijfers al lezen en het lijkt erop dat er twee soorten cijfers waren. Als arbeiders of vee moesten worden geteld – de karakters voor diernamen zijn vrij herkenbaar – lijkt men een tientallig stelsel te hebben gebruikt, gebaseerd op het biologische gegeven dat we tien vingers hebben. Als daarentegen voorname mensen werden geteld, werd het op rekenkunde gebaseerde zestigtallige stelsel gebruikt.
De karakters die andere dingen weergaven dan cijfers, zijn slechter bekend. Het zijn er ook heel veel: honderden, misschien wel duizend of zelfs tweeduizend. Daarbij kunnen regionale varianten zijn van tekens die dezelfde klank weergeven. Maar er zijn wat kleine stapjes te zetten in de richting van de ontcijfering.
Boerderijwoorden
Eén zo’n stapje is dat er onder de vele tekens een karakter is dat “koe” lijkt te betekenen en een ander karakter voor “ploeg”. Die twee komen nooit op hetzelfde tablet voor, maar behoren wel allebei tot een verzameling die regelmatig in combinatie voorkomen. Het vermoeden is dat deze tekens verwijzen naar landbouwactiviteiten. Het is geen sleutel tot de ontcijfering, maar wel een foefje dat helpt een klein stapje te zetten.
Veel interessanter is het tweede foefje. Stel, ik stuur u de tekens 5️⃣🐮🤴, dan begrijpt u wel dat er vijf koeien naar de koning moeten worden gebracht. Elk teken staat voor een woord. Dit is hoe het hiërogliefenschrift en het spijkerschrift ontstonden. En als je zo werkt, heb je al gauw vele honderden tekens nodig. Maar in het Proto-Elamitisch gebeurde iets bijzonders: er is een deelverzameling van ongeveer 100 karakters die veel en veel vaker worden gebruikt. Dat vormt een heel sterke aanwijzing voor een lettergrepenschrift. Ook het Lineair-B heeft bijvoorbeeld ongeveer honderd tekens. Het lijkt er dus sterk op dat een deel van het Proto-Elamitisch op lettergrepen was gebaseerd. Daarvoor is nog een andere aanwijzing, namelijk dat de tekens steeds voorkomen in groepjes van tussen de vier en twaalf: meerlettergrepige woorden.
Geavanceerd schrift
Als het Proto-Elamitisch inderdaad een lettergrepenschrift was, was het de andere oude schriftsoorten vóór: in het spijkerschrift en hiërogliefenschrift ontstaat zo’n deelverzameling van lettergreeptekens pas later. Het Proto-Elamitisch was dus ooit het meest geavanceerde schrift op aarde.
Het wonderlijke is dat het vervolgens verdwijnt, ergens rond 2900 v.Chr. Misschien werd het overvleugeld door het Sumerische spijkerschrift van het cultureel dominante Uruk. Misschien gaf men het schrijven op, bijvoorbeeld omdat het schrijven werd opgevat als machtsuitoefening, en niet iedereen het prettig vond door ’s konings klerken te worden beschreven. Of misschien moeten archeologen gewoon wat dieper spitten. Voor de ontcijfering zou het in elk geval prettig zijn als er meer teksten kwamen: meer data is altijd beter, en met dat foefje rond ik vandaag af.
Literatuur
Colin Barras, “Rewriting History”, in New Scientist 9 mei 2026, blz.31-34
Zelfde tijdvak
Mesopotamië in het derde millenniummaart 26, 2021
Reinigingsbekken uit Abydosjanuari 31, 2024
Hunebed van de dag: D26 (Drouwenerveld)november 10, 2021

“omdat het schrijven werd opgevat als machtsuitoefening, en niet iedereen het prettig vond door ’s konings klerken te worden beschreven”
Kennen we ook maar één geval uit de Oudheid waar zo’n proces heeft plaatsgevonden? Dit klinkt namelijk in mijn oren naar zeer modern ‘über-individualisme’, waarbij individuen ‘er iets van vinden’, vervolgens eisen ‘gehoord te worden’ en dan er voor gaan ijveren om vanwege die reden hele processen stil te leggen.
Als koning David een volkstelling houdt, straft God hem daarvoor.
Ja, maar als Keizer Augustus dat doet, gebeurt er niets. Te makkelijk, ik vind dit ook geen antwoord op mijn vraag, aangezien geen wetenschapper ooit gesteld heeft dat er a) ‘dus’ nooit neer volkstellingen door Israëlische koningen zijn gedaan en b) geen schrift werd opgedoekt omdat ‘men’ het niet eens was met het concept van een opgelegde paleisadministratie.
In dit geval (en van Lineair B) is het schrift waarschijnlijk ten onder gegaan omdat zij die het machtig waren beperkt waren en iets anders gingen doen. Ik denk daarbij vanwege de continuatie van de machtsuitoefening in Elam en omstreken bepaald niet aan een Proto-Elamitische petitie.
Leuk geprobeerd. 😉
Het is natuurlijk een hypothese, maar ik vind het minder uit de lucht gegrepen dan jij. Drie voorbeelden:
Ongetwijfeld zijn er meer voorbeelden van verzet tegen schriftelijke registratie.
Goedgoed, het kan een lont in een bestaand kruitvat zijn (ik ken ook moderne voorbeelden van wrevel), mijn punt blijft wel staan dat dit niet het einde van de volkstellingen was, en niet het einde van een schrift want ook niet het einde van de paleisadministratie.
Dit voorbeeld blijft daarom uniek als dit de ware reden van het verdwijnen zou zijn geweest.
Aangezien het schrift, zeker in het begin, vooral gebruikt werd voor registraties van personen en goederen (belastingen!), vind ik het niet per se vergezocht dat men het schrift zou afwijzen. Opstanden tegen belastingen of belastingverhogingen zijn vaak genoeg geattesteerd. Schriftelijke registratie leidt tot betere inning (=hogere belastingen), dus wijst men ook het schrift af.
Ik heb begrepen dat Lineair B door heel weinig mensen gebruikt werd, alleen voor de administratie en alleen binnen de paleizen. Het werd neergepend op klei dat relatief kort werd bewaard, soms maar enkele weken. Niemand van de bevolking buiten de paleismuren heeft ook maar enige notie van Lineair B gehad als die analyse klopt.
Ik zou het daarom heel erg vreemd vinden als we zouden gaan denken dat het schrift werd afgeschaft omdat ‘men het schrift zou afwijzen’.
een vorm van “sealioning’?