Gisela (3)

Berengarius en de monniken van Casauri

[Dit is het laatste van drie gastblogs door Dieter Verhofstadt over de Karolingische prinses Gisela. Het eerste was hier.]

Het nageslacht van Gisela

Anders dan haar moeder Judith van Beieren, lijkt Gisela geen actieve macht uitgeoefend te hebben aan de hoven van haar man of broer. Haar broer Karel de Kale was een dominante en eigengereide heerser, haar man Eberhard van Friuli een dienstbare militair. Oorzaak of gevolg, de ambities van Eberhard en Gisela situeerden zich kennelijk vooral in de religieuze sfeer. Of zij informeel toch enige invloed had, weten we niet.

Ondanks al die vrome godsdienst, bracht het huwelijk van Eberhard en Gisela twee nieuwe dynastieën voort, die met wisselend succes delen van het rijk zouden claimen.

Lees verder “Gisela (3)”

Gisela (2)

Een afschrift van het testament van Gisela en Eberhard van Friuli

[Dit is het tweede van drie gastblogs door Dieter Verhofstadt over de Karolingische prinses Gisela. Het eerste was hier.]

De abdij van Cysoing

Het vrome echtpaar Eberhard van Friuli en Gisela stichtte rond 854noot De datering is gebaseerd op latere bronnen. De eerste vermelding van de abdij dateert uit het testament uit 863-864. de abdij van Sint-Calixtus in Cysoing, nu in het uiterste noorden van Frankrijk. De oprichting van abdijen en kloosters was een gebruikelijke praktijk onder aristocratische Frankische families. Dergelijke stichting versterkte het vrome beeld van de familie en verleende hen extra politieke macht. Ze gaf verder aanleiding tot de cultus van een heilige, in dit geval Callixtus, een paus uit de derde eeuw.

Lees verder “Gisela (2)”

Gisela (1)

Lodewijk de Vrome (manuscript uit 826, Vaticaanse bibliotheek)

In het kader van de inhaalbeweging die de populaire geschiedschrijving maakt, wil ik hier aandacht besteden aan een Karolingische vrouw. Het gaat om Gisela, de dochter van keizer Lodewijk de Vrome.

Lodewijk de Vrome, zijn zoons en zijn blinde neef

De meeste lezers weten dat Lodewijk de Vrome (r.814-840) de zoon van Karel de Grote was die zijn ganse rijk erfde, na de dood van de andere zoon Pepijn van Italië. ’t Is te zeggen, de zoon van die laatste, Bernhard, vond niet geheel onterecht dat Italië hem toekwam, maar toen hij zich wat dat betrof iets te veel liet gelden, kreeg hij het loon dat de Karolingers wel vaker toebedeelden aan weerspannige vorsten: zijn ogen werden uitgestoken. De Vrome Lodewijk kreeg daar spijt van, toen Bernhard na twee dagen stierf van de pijn. Wie dergelijk oordeel overleefde, deed dat bijvoorbeeld als Karloman de Blinde. Later zou er enige herwaardering komen voor Bernhard. Zijn mannelijke afstammelingen vormden de invloedrijke dynastie der Vermandois, die een blijvende stempel op de Frankische adel drukte.

Lees verder “Gisela (1)”