De technocratie ingerommeld

Breughel, “De parabel der blinden” (1568)

Voorbeeld één

In De Volkskrant van vandaag schrijft Ellen de Visser dat in het Leidse Universitair Medisch Centrum een reuma-onderzoekster vrij systematisch de resultaten van haar onderzoek heeft vervalst. Het is gelukkig uitgekomen op de normale manier: collega’s konden de resultaten niet reproduceren. Twee al gepubliceerde artikelen zijn inmiddels teruggetrokken, de vrouw is ontslagen en het onderzoek – dat had moeten leiden naar een geneesmiddel – is beëindigd. Het excuus van de onderzoekster is inmiddels al even normaal: de combinatie van hoge werkdruk en de noodzaak resultaten te kunnen tonen, leidde tot fraude. Blijkbaar vinden althans sommige onderzoekers het normaal dat bij de keuze tussen patiëntenbelang en eigenbelang het laatste prevaleert.

Voorbeeld twee

Ik vernam de afgelopen maand van twee identieke wetenschappelijke benoemingsprocedures. Beide keren ging het om een mij bekende onderzoeker – briljant, blank, Europees en man – die werd uitgenodigd te solliciteren bij een internationaal project. Beide waren de droomkandidaat. Beide keren bleek er een complicatie: op beide projecten werkten al veel briljante blanke Europese mannen en uiteindelijk werd in beide gevallen iemand benoemd met mindere wetenschappelijke kwalificaties. Dit betekent, met andere woorden, dat de wetenschap zélf inbreuk maakt op de voorwaarden waaraan moet zijn voldaan om de best-denkbare wetenschap te leveren en dus de burger dupeert. In één geval leidde het tot een boze reactie van een bedrijf dat bij het project was betrokken; die kwestie speelt nog.

Voorbeeld drie

Een onderzoeker was boos op een mij bekende wetenschapsjournalist. De onderzoeker vroeg daarop een onderzoeksschool een integriteitsonderzoek in te stellen naar de journalist. Door welke kortsluiting de onderzoeksschool de zaak in behandeling nam, is mij onbekend, maar ik weet wel dat de KNAW erop wees dat integriteitsonderzoek wordt verricht door een CvB en dat ook een CvB onbevoegd is over een niet-medewerker te oordelen. De onderzoeksschool negeerde de aanwijzing en deed uitspraak. Met andere woorden, men meende dat men, ook als de procedures het niet toestonden, mocht oordelen over niet-academici.

Voorbeeld vier

Gisteren leverde ik bij het NRC Handelsblad een stukje in over Reza Aslans Zealot. The Life and Times of Jesus of Nazareth. Misschien kent u hem van zijn opmerkelijke interview met Fox News: men vroeg hem waarom hij als moslim een boek zou schrijven over de bron van christelijke inspiratie. Aslan antwoordde dat hij een academicus is met vier titels en dat onderzoek naar religie nu eenmaal zijn werk was. Het hilarische filmpje was al snel populair, vaak met commentaren van geleerden die erop wezen dat Fox niet begreep dat in de wetenschap het persoonlijk oordeel van de onderzoekers geen rol speelt.

Maar zo hilarisch is het niet. Aslan kreeg kritiek van zijn collega’s omdat zijn titels bij dit onderzoek niet relevant zouden zijn en omdat hij geen officieel onderzoek doet. Dat is echter het feitelijke drama niet. Doordat Aslan met zijn titels schermde, en niet inging op het feit dat de interviewster en de kijkers van Fox News zich zorgen maken om de islam, bevestigde hij het vooroordeel dat academici niet echt met bezorgde burgers communiceren en kritische vragen ontwijken. Waarom herkenden degenen die bromden over Aslans kwalificaties niet dat hij in feite een middenvinger opstak naar de burger?

**

Wetenschap is het collectief bezit van de mensheid. Iedereen is er vroeg of laat bij betrokken: onderzoekers, patiënten, het bedrijfsleven en journalisten, maar ook gewone belangstellenden. Die groepen hebben allemaal hun eigen belangen en hun eigen zorgen. In de vier voorbeelden – gewone zaken waarover ik lees in de krant, waarover ik spreek met collega’s of waarover ik schrijf – conflicteerden die belangen. Wat steeds opvalt is dat de mensen die werken aan de universiteiten weinig begrip tonen voor de andere belangen.

Natuurlijk, de directie van het LUMC greep in voordat de patiënten de dupe waren. En natuurlijk, dat de genoemde onderzoeksschool weigerde de correcte procedure te volgen, lag niet aan de KNAW. Er zijn nog volop integere bestuurders en integere onderzoekers. Het gemak waarmee academici hun belang laten prevaleren, is echter verontrustend en ik begin me wat zorgen te maken of we niet, zoals Hans Harbers het verwoordde in zijn toespraakje bij het jubileum van Kennislink, de technocratie worden ingerommeld.

Tien jaar Kennislink

Paneldiscussie

Vandaag vierde Kennislink.nl zijn tienjarige jubileum, en dat werd gevierd in Nemo. Voor wie de website niet mocht kennen: er zijn ruim negenduizend artikelen te vinden over wetenschap, men geeft een nieuwsbrief uit met zo’n tienduizend abonnees en men kan zichzelf, met enig recht, typeren als een “etalage van de Nederlandse wetenschap”. Ik heb het aantal gasten in Nemo niet geteld, maar het was behoorlijk druk, en in de menigte herkende ik wetenschapsjournalisten, voorlichters, onderzoekers en enkele bestuurders.

Het programma was gevarieerd en laat zich niet goed samenvatten, maar ik heb twee A4-tjes volgeschreven met observaties die ik voor mij de moeite van het delen waard vond, waarbij ik niet pretendeer compleet te zijn of zelfs maar het belangrijkste op te schrijven.

Lees verder “Tien jaar Kennislink”