“Briljante” nieuwe inzichten

“Ja natuurlijk, maar Schliemann was ook geen archeoloog”: ik weet niet meer hoe vaak ik dat zinnetje heb gelezen. Of iets dat erop lijkt. En steeds dezelfde context: iemand denkt een briljant inzicht te hebben, mailt me, wil dat ik er aandacht aan besteed en is verbolgen als ik uitleg dat ik er onvoldoende van verwacht om er mijn (en uw) schaarse tijd aan te besteden. Dat is geen kwaaie wil mijnerzijds, en ongetwijfeld wil ook u álles lezen, maar iedereen heeft meer te doen dan alles lezen. En we mogen sceptisch zijn over claims dat Dorestad eigenlijk Doornik is, dat de Feniciërs in Brazilië zijn geweest, dat Varus ten onder is gegaan bij Oberhausen en dat de kerstster valt te identificeren met deze of gene komeet. Allemaal heel boeiend. De beste verhalen zijn de verhalen die niemand anders vertelt. Maar dat maakt ze niet per se waar.

Opleiding en vakliteratuur

Elke gedachte valt te overwegen, zeker, maar op voorhand zijn sommige gedachten plausibeler dan andere. Bijvoorbeeld als degene die een nieuw idee oppert, ervoor heeft doorgeleerd. Een oudheidkundige opleiding is geen noodzakelijke voorwaarde om kwaliteit te leveren, maar helpt wel. Ook is de kans dat iemand een goed nieuw idee heeft, groter als zo iemand de vakliteratuur kent. En dan bedoel ik niet alleen Engelstalige publicaties, maar ook artikelen en boeken in het Duits en Frans. Als het gaat over de historische achtergrond van de Trojaanse Oorlog, wil ik verwijzingen zien naar publicaties over Wiluša.

Lees verder ““Briljante” nieuwe inzichten”

Een grap om te huilen

Een echte vervalsing van een valse papyrus.

U herinnert zich misschien de enorme hoax rond het nep-Evangelie van de Vrouw van Jezus. De herkomst (“provenance”) was onbekend en hoewel een wetenschapper dan niet kan weten of een papyrus echt is of niet, en alle wetenschappelijke gedragscodes het gebruik van dit soort ontransparante informatie ontmoedigen, ging Harvard-onderzoekster King toch verder met publicatie. (In Nederland nam de Volkskrant het kritiekloos over.) Enkele dagen nadat het fragment bekend was geworden, was duidelijk waarom het natuurlijk een vervalsing was: een zetfout uit een online-editie van het Evangelie van Thomas was gekopieerd. U leest er hier meer over.

Daarop gelastte Harvard laboratoriumonderzoek. Wat niks opleverde omdat een vervalsing zó gemaakt kan worden dat ze niet te herkennen is. Gebruik oud papyrus en je hebt geen problemen met de koolstofdatering, gebruik het recept van antieke inkt (te vinden in elk handboek) en je komt langs de spectrometer, gebruik een kwast (te koop in elke winkel met tekenbenodigdheden) en de elektronenmicroscoop ziet geen recente krasjes. Klaar.

Lees verder “Een grap om te huilen”

Het schild van Achilleus (2)

[Tweede deel van een stuk over pseudowetenschap, wetenschap en wetenschapscommunicatie. Het eerste was hier.]

Speculaties

Oudheidkunde kenmerkt zich door dataschaarste en dus speculatie. De waarde van het vak is dat je leert nadenken over die onzekerheid en dan kom je al snel bij het onderscheid tussen speculaties over gedocumenteerde en ongedocumenteerde verschijnselen. Ik zal het uitleggen aan de hand van een voorbeeld.

Een classicus kan, als hij op een onbekend woord stuit, speculeren dat het gaat om een bekend maar ongebruikelijk gespeld woord. Hij of zij weet namelijk dat spelfouten bestaan. De diverse typen in kaart zijn gebracht. (Ik zal nog bloggen over zaken als permutatie, dittografie, haplografie.) De classicus kan dus speculeren over het rare woord door te verwijzen naar een verschijnsel dat goed is gedocumenteerd.

Lees verder “Het schild van Achilleus (2)”

Het schild van Achilleus (1)

Hefaistos en Thetis met de nieuwe wapenrusting van Achilleus (Musée royal de Mariemont, Morlanwelz )

Er valt iets te zeggen vóór pseudowetenschap. De theorieën zijn vaak origineel en tonen de menselijke fantasie op haar mooist. Bovendien vinden pseudowetenschappers, steeds op zoek naar argumenten, hun aanwijzingen overal. Ze denken interdisciplinair en dat is goed. Pseudowetenschap daagt je daardoor uit na te denken over wat echte wetenschap is. Als je die uitdaging echter aangaat, lopen de rillingen je over het lijf.

Alle redenatiefouten die je aanwijst in een pseudowetenschappelijke theorie, zie je namelijk ook in de officiële wetenschap (wat dat ook moge zijn). Je zou willen zeggen dat de peer-review weliswaar niet onfeilbaar is maar excessen toch verhindert, maar je kent legio voorbeelden van het tegendeel. Je zou willen zeggen dat het zelfreinigend vermogen van de academische wetenschap blunders uiteindelijk corrigeert. Alleen weet je dat dit verrotte langzaam gaat of onvolledig is. Je zou willen zeggen dat de toetsing aan de empirie uiteindelijk allesbeslissend is. Maar je weet dat dat in de oudheidkunde niet gaat. Er is immers dataschaarste en dus onvoldoende empirie.

Lees verder “Het schild van Achilleus (1)”

De invloed van Domitianus

Domitianus (Louvre, Parijs)

Per e-mail kwam een vraag binnen: wat bedoel je als je zegt dat Domitianus, die met de Fiscus Judaicus het schisma tussen joden en christenen op scherp zette, een van de weinige keizers is wier beleid nog altijd een documenteerbare invloed heeft?

Dat zijn diverse vragen in een keer:

  1. hoe zette hij het schisma op scherp?
  2. wat is invloed?
  3. hoe heeft dat nu invloed?
  4. hoe is dat te documenteren?

En, vooruit, vraag 5: wat doet het ertoe?

Lees verder “De invloed van Domitianus”

De Bagdadbatterij

Het potje dat bekendstaat als de Bagdadbatterij (Nationaal Museum van Irak, Bagdad)

En daar was ’ie ineens. Niet eens onopvallend stond het daar in het Nationaal Museum van Irak in Bagdad: een van die voorwerpen die een Von Däniken blij zou hebben gemaakt. De Bagdadbatterij dus.

Het voorwerp is bij de aanleg van een spoorlijn in 1936 gevonden in Khujut Rabu, een van de dorpen op het terrein van de Parthische en Sasanidische hoofdstad Ktesifon. Het gaat om een potje van een centimeter of dertien hoog (zie boven), waarin een koperen kokertje stond, waarin weer een ijzeren staafje zat. Het kokertje is niet waterdicht: als het potje met een vloeistof zou zijn gevuld, zou ook het staafje nat worden. Men had – en heeft – geen idee wat het is. Wel vermoeden we dat het potje stamt uit de Sasanidische tijd.

Lees verder “De Bagdadbatterij”

Nep-hunebed van de dag: Gasselte

De heuvel waarin geen hunebed was

Het is alweer tien maanden geleden dat ik schreef over het nep-hunebed van Gasselte. Het gaat om een achter dorpshuis De Trefkoel gelegen heuvel, waarin zich volgens mensen die zich voor amateurarcheologen uitgaven, een prehistorisch graf zou bevinden. Hun “ontdekking” mag in deze reeks niet ontbreken, want er zijn nogal wat rare dingen aan de hand.

Om te beginnen: vanaf het allerbeginste begin was zonneklaar dat wat er ook in de heuvel mocht zitten, er met geen mogelijkheid een hunebed kon zijn. Eén reden daarvoor is dat er nergens in de buurt ooit ook maar iets is gevonden dat aan de Trechterbekercultuur viel toe te schrijven. Een andere reden is dat de bodem ongeschikt is.

Lees verder “Nep-hunebed van de dag: Gasselte”

Verliefd, verloren

De Selle

Een noot in een publicatie van vondsten uit Thuin waarvan ik de gegevens momenteel niet bij de hand heb, was de eerste keer dat me opviel dat er weer mensen zijn die denken dat de Sabis de Samber is. Terwijl het gaat om de Selle.

Wellicht verdient dat enige uitleg.

In het jaar 57 v.Chr. viel Julius Caesar de Belgen aan. Even ten noordwesten van het huidige Reims, aan de Aisne, versloeg hij zijn tegenstanders voor de eerste keer. Daarna rukte hij verder op tot hij bij de Nerviërs kwam, die de Romeinse bereden verkenners wisten te verrassen bij de rivier de Sabis. Dankzij de routine waarmee de legionairs reageerden, wonnen de Romeinen het gevecht. Korte tijd later veroverden ze het fort van de Aduatuci, dat is geïdentificeerd bij Thuin. De vraag is nu waar tussen de Aisne en Thuin de Sabis ligt. Het woord is een hapax, dat wil zeggen dat het maar één keer voorkomt in de antieke literatuur, en wel in Caesars eigen verslag.

Lees verder “Verliefd, verloren”

De Protocollen van de Wijzen van Zion

Ophef, een jaar of drie geleden, over de website van de NOS, waar de joodse miljardair-filantroop George Soros was getypeerd als invloedrijke bemoeial met tentakels in de wereldpolitiek. Protesten, beschuldigingen van antisemitisme, een NOS die het aanvankelijk niet wilde corrigeren, een NOS die dat later wel deed. Het antisemitische aspect, waarvan ik in het midden laat of een NOS-medewerker het beoogde, is de aanname dat joden de wereldpolitiek naar hun hand zouden zetten. Die aantijging komt uit De Protocollen van de Wijzen van Zion, een beruchte vervalsing uit het laatste jaar van de negentiende eeuw.

Klaas Smelik, tot voor kort hoogleraar Hebreeuws in Gent, wijdde in 2011 een boek aan de bizarre geschiedenis van deze invloedrijke antisemitische tekst: De zeven levens van de Protocollen van de Wijzen van Zion. Het verscheen in een (nog leverbare) Nederlandse versie en een zo te zien niet meer leverbare Vlaamse versie. Smelik behandelt het ontstaan van de tekst in Russische kringen in Parijs, de wijze waarop het schotschrift naar tsaristisch Rusland kwam en daar na de Revolutie van 1917 aan invloed won, de verspreiding in de westerse wereld (Henri Ford!), het gebruik in het Derde Rijk, de huidige populariteit in het Midden-Oosten en tot slot de curieuze draai in New Age-kringen.

Lees verder “De Protocollen van de Wijzen van Zion”

Woede op zoek naar een aanleiding

Een kennis die ik al maanden niet in het echt heb gezien, gaf onlangs op de sociale media aan blij te zijn weer naar kantoor te kunnen en collega’s te kunnen zien. Eindelijk was er voor hem uitzicht.

Ik dacht: “heb je soms het empathische vermogen van een pinda?” En ik dacht ook: “je bent al die tijd doorbetaald, je kon je werk blijven doen, je hebt geen inkomen hoeven inleveren – was het nu teveel gevraagd je blijdschap iets te temperen, rekening te houden met de mensen die niet zijn gevaccineerd, te denken aan degenen die de klappen hebben opgevangen?” Ik werd onredelijk kwaad.

Lees verder “Woede op zoek naar een aanleiding”