Oorlog in Nijmegen (11)

Monument voor het Verzet in Nijmegen

Nijmegen, na de oorlog

Ook het Canisiuscollege is uitgeleefd door de militairen en beschadigd door granaten. Omdat de bioscopen in het stadscentrum van Nijmegen over het algemeen niet meer functioneren, is de aula van ’t Hok (Canisiuscollege) ingericht als bioscoop. De kruk van de deur achter in de zaal ontbreekt. Als we vrij kwartier hebben, staan we soms om de beurt door het gat naar de middagfilm te kijken, onder andere naar Desert Victory met Montgomery bij El Alamein in Noord Afrika.

Een 6-gymklas van het Canisius nodigt 6-gym van Mater Dei uit voor een filmvoorstelling. Zij hebben ’s morgens les. Zus B. is er ook bij. Ik zie de jongens en meisjes plaatsnemen, terwijl ik door het gat in de deur kijk. De paters mogen het niet weten!

Lees verder “Oorlog in Nijmegen (11)”

Ontsnapping uit Duitse gevangenschap

Monumentje voor het voormalige Huis van Bewaring, Amsterdam

Mijn vader, Gradus Bijvoets, had een lettergieterij/zetterij in de Jordaan, waar hij in de Tweede Wereldoorlog zetsels maakte voor verzetskrantjes en -pamfletten. Dat letterzetten ging toen nog met de hand: blokjes waarop een metalen letter een voor een in gleufjes in een groot blok schuiven. Wij vonden het leuk om daarbij te helpen, maar bij bovengenoemd werk mocht dat niet vanwege het gevaar van een inval door de bezetter.

Een zekere “Bart”, ironisch genoeg een vriend van mijn zussen die in Haarlem woonden, werkte zogenaamd als letterzetter in het bedrijf, maar in werkelijkheid leverde hij de teksten en was verbindingsman tussen mijn vader en het verzet. Op een dag laadden beide heren zetsels in fietstassen en togen op weg om ze af te leveren. Op de Prinsengracht zagen ze een Duitse patrouille die voorbijgangers, ook fietsers, aanhielden en controleerden. Haastig zetten ze hun fietsen tegen de gevel en probeerden zo, als onschuldige wandelaars die niets compromitterends bij zich hadden, langs de patrouille te komen. Helaas waren de Duitsers al te dichtbij en vermoedden verband met de fietsen. Ze werden in ieder geval, met fietsen, meegenomen naar de dichtstbijzijnde gevangenis, die waar nu Paradiso is.

Lees verder “Ontsnapping uit Duitse gevangenschap”

Oorlogskind (1) Loopgraven

van_gogh_straat_arnhem
Van Goghstraat, Arnhem

[Zoals ik gisteren al aankondigde, doe ik het even wat rustiger aan. Ik heb echter het verhaal nog liggen dat mijn mijn vader Ben Lendering heeft geschreven over wat hij heeft meegemaakt gedurende de Tweede Wereldoorlog. Mijn zus, broer en ik hebben hem vaak gevraagd zijn herinneringen op papier te zetten, maar hij deed het nooit, tot er naast mijn ouders een meisje kwam wonen van de leeftijd die mijn vader had tijdens het laatste oorlogsjaar: ineens had hij een vorm gevonden. Het resultaat presenteer ik hieronder. De Slag om Arnhem, de evacuatie van die stad en de Bevrijding – allemaal verteld aan kinderen.]

Ik ben geboren in 1937. Van de eerste jaren van mijn leven weet ik natuurlijk helemaal niets. De oudste dingen die ik me kan herinneren moeten te maken hebben met het uitbreken van de oorlog in 1940. Ik was toen drie jaar.

Achter ons huis was een terrein dat met hoge hekken omgeven was, omdat ze daar ooit tennisbanen hadden willen aanleggen. Maar toen die hekken er eenmaal stonden werd het terrein gebruikt voor het opslaan van bouwmaterialen. Ik weet nog dat daar stapels steigerplanken lagen en balken. Wij woonden in Arnhem helemaal aan de rand van de stad. Daardoor kwam het dat iets verder op in de straat een stuk grond was waar toen nog geen huizen waren gebouwd. Daar konden wij geweldig spelen. Dat stuk grond noemden wij de hei.

Lees verder “Oorlogskind (1) Loopgraven”

Vervalst persoonsbewijs

Een zeer goede vriendin is lerares geschiedenis. Vaak moet ze vertellen over de Tweede Wereldoorlog, een onderwerp waarover haar HAVO- en VWO-leerlingen steeds weer het naadje van de kous willen weten. Een tijd geleden kon ik haar een plezier doen met een schrift waarin iemand, vermoedelijk in de zomer van 1945, allerlei herinneringen had ingeplakt: een bonnenboekje, propagandaflyers, een jodenster. Oorlogskranten zijn als herdruk opnieuw leverbaar, zodat mijn vriendin inmiddels een redelijke collectie authentiek en minder authentiek lesmateriaal bezit.

Lees verder “Vervalst persoonsbewijs”

Een monument voor het Verzet

Het zou overdreven zijn te zeggen dat Jacques Presser (1899-1970) de grootste Nederlandse historicus van de twintigste eeuw was, maar hij was wel degene met de beste pen. Die benutte hij niet alleen voor wetenschappelijke publicaties als Napoleon (1946), maar ook voor literaire werken als De nacht van de girondijnen (1957), en voor de twee delen van Ondergang (1965), die zowel wetenschappelijk als literair zijn. De grens tussen non-fictie en fictie is ook moeilijk te trekken in zijn onlangs ontdekte Homo submersus: enerzijds een roman-in-dagboekvorm, anderzijds documentatie van zijn onderduiktijd in Overwoud, een gehucht ten oosten van Barneveld.

Het eenvoudige verhaal blijft ogenschijnlijk dicht bij Pressers eigen ervaringen: een jood uit Amsterdam duikt in de zomer van 1943 onder in het huis van een onderwijzer aan een christelijke school in een dorpje aan de rand van de Veluwe. Hij is bezig met het voorbereiden van een wetenschappelijke publicatie. De onderwijzer, tevens het hoofd van de organisatie die joden helpt, is nogal loslippig, waardoor zijn tijdelijke huisgenoot veel informatie krijgt over andere onderduikers. Van hun levens en van de activiteiten van hun redders is Homo submersus de kroniek, bijgehouden om een bevriende socioloog in staat te stellen het verschijnsel onderduik te onderzoeken.

Lees verder “Een monument voor het Verzet”