De Amsterdamse Nieuwbouwprijs

Hoe het er vroeger uitzag

Zes jaar geleden – vooruit: zes jaar geleden min twaalf dagen – schreef ik een stukje over de werkzaamheden bij mij aan de overkant van de gracht. Het terrein van de voormalige stadsdeelwerf (zie boven) was in de voorafgaande maanden bouwrijp gemaakt en inmiddels was men gaan heien, wat nogal wat overlast veroorzaakte. Die was op een gegeven moment natuurlijk ook weer voorbij en de afgelopen jaren zijn er nieuwe huizen gebouwd. Het project is onlangs afgerond, de straat is weer begaanbaar en ik verwachtte eigenlijk dat ik bericht zou krijgen dat ik eens mocht langskomen om woningen te bezichtigen.

Ik ben namelijk een paar jaar geleden in een kantoortje dat tijdelijk was geopend naast het bouwproject informatie gaan vragen en heb toen aangegeven belangstelling te hebben voor iets groters dan het huis waarin ik momenteel woon. Ik heb een woonduur van meer dan een kwart eeuw, ik laat een woning achter en ik ben economisch aan deze stad gebonden, dus op voorhand zou je denken dat zo’n projectontwikkelaar me uitnodigt nu ik heb aangegeven belangstelling te hebben. Gek genoeg heb ik nooit iets vernomen. Geen briefje, geen mailtje, geen telefoontje, niets.

Lees verder “De Amsterdamse Nieuwbouwprijs”

Een Bijlmerliedje

De laatste keer dat ik Diana Tjin sprak, was bij me in de straat. Een paar maanden geleden. Ik kwam uit de supermarkt, zij was op weg naar haar kinderen en zo kruisten onze wegen. Van een tweet wist ze dat ik haar boek las, ik vertelde dat ik het leuk vond, ze zei dat het niet al te autobiografisch was en vervolgens gingen we elk ons weegs. Wat ik maar zeggen wil: ik ken de schrijfster van Een Bijlmerliedje persoonlijk. Haar vorige roman, Het geheim van mevrouw Grünwald, speelt zich zelfs af in onze buurt en ik schreef er al eens over.

Ook met de Bijlmermeer, de Amsterdamse stadswijk waar Tjins tweede roman zich afspeelt, heb ik een persoonlijke band omdat ik er een blauwe maandag heb gewoond en ik er nog altijd regelmatig kom. De slechte reputatie die de wijk ooit had, was wat overdreven maar ook niet onverdiend, en daarom ben ik blij dat Tjin de Bijlmer toont zoals ze was vóór de verloedering begon. Ze heeft er namelijk eveneens gewoond en in die zin is haar boek autobiografisch, maar hoofdpersoon Sheila is dus niet Tjins alter ego. Althans, dat zei ze me zelf.

Lees verder “Een Bijlmerliedje”

Ontsnapping uit Duitse gevangenschap

Monumentje voor het voormalige Huis van Bewaring, Amsterdam

Mijn vader, Gradus Bijvoets, had een lettergieterij/zetterij in de Jordaan, waar hij in de Tweede Wereldoorlog zetsels maakte voor verzetskrantjes en -pamfletten. Dat letterzetten ging toen nog met de hand: blokjes waarop een metalen letter een voor een in gleufjes in een groot blok schuiven. Wij vonden het leuk om daarbij te helpen, maar bij bovengenoemd werk mocht dat niet vanwege het gevaar van een inval door de bezetter.

Een zekere “Bart”, ironisch genoeg een vriend van mijn zussen die in Haarlem woonden, werkte zogenaamd als letterzetter in het bedrijf, maar in werkelijkheid leverde hij de teksten en was verbindingsman tussen mijn vader en het verzet. Op een dag laadden beide heren zetsels in fietstassen en togen op weg om ze af te leveren. Op de Prinsengracht zagen ze een Duitse patrouille die voorbijgangers, ook fietsers, aanhielden en controleerden. Haastig zetten ze hun fietsen tegen de gevel en probeerden zo, als onschuldige wandelaars die niets compromitterends bij zich hadden, langs de patrouille te komen. Helaas waren de Duitsers al te dichtbij en vermoedden verband met de fietsen. Ze werden in ieder geval, met fietsen, meegenomen naar de dichtstbijzijnde gevangenis, die waar nu Paradiso is.

Lees verder “Ontsnapping uit Duitse gevangenschap”

Kat en muis

Als de echtgenote van mijn zakenpartner me er niet op zou hebben gewezen, zou ik het nooit hebben gezien, nu houd ik altijd even in als ik er langs kom fietsen: de Herengracht tussen nummer 395 en 397, aan weerszijden van het grachtje dat opgemelde waterloop verbindt met het Singel. Anders gezegd: recht tegenover het NIOD. Nog anders gezegd: komend vanaf het Koningsplein niet doorfietsen richting Leidseplein maar meteen de hoek om slaan.

Aan de ene kant zit een kat, aan de andere kant zit een muis. Allebei zichtbaar op de foto hierboven, al is Tom links wat herkenbaarder dan Jerry rechts.

Lees verder “Kat en muis”

Bij ons in het dorp (10)

Wegwerkzaamheden vinden vaak ’s nachts plaats, als er weinig verkeer is. Dat heeft veel voordelen en een paar nadelen. Met die laatste maakte ik gisteren nogal hardhandig kennis, al was het meer een combinatie van factoren dan dat het alleen kwam door de wegwerkzaamheden.

Maar goed, ze zijn aan het einde van de Westerstraat de Marnixstraat aan het verbeteren. Als je de eerste straat uit komt fietsen, krijg je een soort omleiding waarbij je een stukje over de stoep moet rijden. Niks aan de hand. Helaas had het gisteren geregend en was de weg glad. En helaas was de afrit van de stoep wat onregelmatig. En helaas slipte ik over het natte asfalt. En helaas ligt er in de Marnixstraat een trambaan. Zodat mijn voorwiel in de sleuf van de rail raakte en over de kop sloeg.

Lees verder “Bij ons in het dorp (10)”

Bij ons in het dorp (8)

In Amsterdam waarschuwt het Gemeentelijk Vervoerbedrijf dat het onvoldoende materiaal inzet.

Ik hoop althans maar dat dit is bedoeld als een waarschuwing. Het is natuurlijk niet uit te sluiten dat er ergens een reclamebureau is geweest dat op een leutige avond heeft bedacht dat Amsterdammers het wel geinig zullen vinden in een veel te drukke stad te wonen. En dat Amsterdammers het plezierig vinden te moeten reizen in een overvolle tram.