Faits divers (47)

Het Byzantijnse fort van Madauros

Een nieuwe aflevering in de onregelmatig verschijnende reeks faits divers, met deze keer: de chronologie van Egypte, Charax, restauratietechniek, een superbelangrijk boek, beschadigd erfgoed en – het wordt een gewoonte – de bedreigde geesteswetenschappen.

Kenneth Kitchen

Als u deze blog leest, houdt u van geschiedenisboeken, waarin de resultaten van wetenschappelijk onderzoek worden gepresenteerd. Sommige onderwerpen trekken wat meer de aandacht, andere wat minder, en in die tweede categorie valt zeker het onderzoek naar de antieke chronologie. (Ik heb weleens een boek voorgesteld met de titel “hoe oud is het?” maar geen uitgever durft eraan te beginnen.) Maar een juiste chronologie is verondersteld bij alle andere onderzoek.

Lees verder “Faits divers (47)”

Brand in de Vondelkerk

Vondelkerk

De in de oudejaarsnacht afgebrande Vondelkerk staat niet ver van mijn huis. Vroeger, vóór er naast mijn huis een modern nieuw gebouw verrees, kon ik het kerkgebouw zien vanuit mijn raam. Tegenwoordig fiets ik er vrijwel elke dag wel twee keer langs. De plek ligt me na aan het hart ligt en zou nota bene een rol zou spelen in een blogje dat was gepland voor de niet al te verre toekomst.

Maar nu is die kerk dus afgebrand. Ik begrijp van iemand die er nog dichter bij woont, dat het kwam door het vuurwerk en ik heb geen reden daaraan te twijfelen. Het is ook niet de eerste kerk die hier in de stad door vuur wordt verwoest: menigeen heeft de Muiderkerk zien branden. Voor niet-Amsterdammers: de gemeente gaf daarna een sloop- en bouwvergunning af, waarna er een lelijk nieuw gebouw kwam. Later erkende de rechter wat iedereen al wist: dat de vergunningen juridisch niet in de haak waren. Wat ik maar wil zeggen: de huidige brand haalt hier in Amsterdam oude wonden open en ik sluit niet uit dat ook dit keer de monumentenstatus minder belangrijk wordt gevonden dan de zoveelste onaantrekkelijke nieuwbouw.

Lees verder “Brand in de Vondelkerk”

De Amsterdamse fietsflat

De Amsterdamse fietsflat

De fietsflat bij Amsterdam-Centraal wordt vanaf komende week verwijderd. Dat zat er al een tijdje aan te komen. Er is twee jaar geleden een grote fietskelder aangelegd en sindsdien is de enorme stalen constructie afgesloten. Ze had geen functie meer.

Ik voel geen buitengewone liefde voor de fietsflat. Zelf heb ik mijn fiets altijd wat verderop gezet, waar ik zeker wist dat ik ’m terug kon vinden. Maar toch. De flat hoort bij Amsterdam zoals het Paleis op de Dam, het Olympisch Stadion en de Nederlandse Bank. Gebouwen die je niet per se mooi hoeft te vinden, en waar je nooit binnen hoeft te zijn geweest, om toch te erkennen dat ze de stad maken tot wat ze is. De fietsflat representeerde de eigen fietscultuur. En ze ligt op het water, wat stedenbouwkundig voor Amsterdam ook niet zonder betekenis is. Ik heb elke dag toeristen gezien die de constructie fotografeerden. Ze was herkenbaar Amsterdams.

Lees verder “De Amsterdamse fietsflat”

Antiek glas

Romeins glas (Allard Pierson-museum, Amsterdam)

In het Allard Pierson-museum in Amsterdam is momenteel een geslaagde expositie met de titel Van glas, gemaakt in de Oudheid. In de zin dat ze niet heel groot van oppervlakte is en dat alle tweehonderd stukken komen uit de eigen collectie, is het een beperkte tentoonstelling, maar ze is wel heel, heel goed. Ik weet het: Amsterdam is onprettig druk, de helft van de autowegen is wegens groot onderhoud afgesloten en het openbaar vervoer functioneert slecht, maar u moet zich daardoor niet laten afschrikken. Deze expositie is de hellevaart meer dan waard.

Glas in soorten en maten

Een van de troeven is de zakelijke opstelling. De voorwerpen liggen niet in het donker geheimzinnig te zijn, maar liggen in het volle licht, zodat je ze allemaal goed kunt bekijken. Zolang de uitleg bij de vitrines gedegen is, is voor een geslaagde tentoonstelling niet méér nodig, ja, vrijwel elke toevoeging leidt af van de informatie en doet dus afbreuk aan het aanbod.

Lees verder “Antiek glas”

IV. J.C. in Amsterdam

J.C. in het Amsterdamse Begijnhof

Als ik schrijf dat het rond het midden van de maand mesore was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin onze held domweg gelukkig was met zijn favoriete leerlinge in een bloemrijke Amsterdamse achterafstraat (hij wiens moeder haar moeder was), en als ik dat voor u omreken naar “onze” 22 juli, dan weet u dat dit een gedichtje is in de reeks “Wat deed J.C. vandaag precies 2002 jaar geleden?”.

Lees verder “IV. J.C. in Amsterdam”

Cornelis de Bruijn (13) Het einde

Prinsengracht, Amsterdam; Cornelis de Bruijn leefde in het tweede, derde of vierde huis van links

Dit is het laatste stukje over Cornelis de Bruijn. Het eerste was hier.

***

Reizen over Moskovie

Het lijkt erop dat Cornelis de Bruijn rusteloos was. In de volgende jaren woonde hij op diverse plaatsen in de Republiek. In 1709-1710 leefde hij in een huis aan de Hartenstraat in Amsterdam, waar hij onder meer zijn weldoener Nicolaes Witsen ontving en Gisbert Cuper, de man die hem het schilderij van Palmyra had laten kopiëren. Cuper en De Bruijn wisselden later brieven uit over het spijkerschrift uit Persepolis. Het is verder bekend dat de kunstenaar in 1711 woonde aan de Prinsengracht in Amsterdam; in 1712 woonde hij even buiten Haarlem.

Al deze tijd was De Bruijn bezig met zijn meesterwerk: Reizen over Moskovie, door Persie en Indie. Toen hij het in 1711 publiceerde, droeg hij het op aan een Duitse bibliofiel uit Frankfurt, Zacharias Conrad von Uffenbach (1683-1734). Dat is enigszins verrassend: Nicolaes Witsen had immers veel gedaan voor De Bruijn en stond erom bekend dat hij dit soort opdrachten op prijs stelde.

Lees verder “Cornelis de Bruijn (13) Het einde”

Cornelis de Bruijn (7) Holland

Willem III, beschermer van Cornelis de Bruijn (Limburgs Museum, Venlo)

Dit is het zevende van dertien blogjes over Cornelis de Bruijn. Het eerste was hier.

***

Weer thuis

Toen Cornelis de Bruijn naar Holland terugkeerde, was hij ongeveer veertig jaar oud. Bijna de helft van zijn leven had hij doorgebracht in het buitenland en hij had meer van de wereld gezien dan zijn tijd- en landgenoten. Hoe hij zijn terugkeer heeft ervaren weten we niet. Wat wel weten, is dat hij een gerespecteerd man was. In 1694 werd hij lid van de Accademie van de Teyken-Const (de huidige Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten), die kort tevoren was gesticht door onder andere zijn voormalige leraar Theodoor van der Schuer. Deze nieuwe academie was opgericht als afscheiding van een soortgelijke instelling, Pictura, en bood de gelegenheid naakten te tekenen. Veel kunstenaars, waaronder De Bruijn, waren lid van beide instellingen.

Zijn belangrijkste project was in deze jaren de voorbereiding en uitgave van zijn eerste boek, Reizen door de vermaardste Deelen van Klein Azië. In de inleiding schreef hij dat hij nauwkeurige afbeeldingen wilde bieden van de steden, dorpen en gebouwen die hij had bezocht. Hij voegde toe dat hij zonder overdrijving kon zeggen iets te hebben gedaan dat niemand eerder had gedaan.

Lees verder “Cornelis de Bruijn (7) Holland”

Ontsnap aan Amsterdam!

Amsterdam op een doordeweekse dag

Al heel lang heb ik het idee voor een bordspel dat “Ontsnap aan Amsterdam!” moet heten. Of Escape From Amsterdam, want de helft van de bevolking spreekt geen Nederlands. Het speelbord bestaat uit een vereenvoudigd stadsplattegrond, waarbij elk kruispunt een speelvak is. De rand van het bord bestaat uit de stations Sloterdijk (voor vertrek naar Haarlem), Zuid (voor vertrek richting Schiphol), Duivendrecht (richting Utrecht) en Diemen (richting Weesp). De Waterlandse Tram rijdt voor de gelegenheid weer vanaf station Noord naar Purmerend. Diverse speelvakken gelden als beginvak, voor elke speler een ander.

Doel van het spel

Het doel is om je pion (gestileerd als fiets) van je beginvak naar een station aan de andere kant van het bord te krijgen en daar de trein te nemen. Bijvoorbeeld: een speler met een beginvak in Osdorp moet station Duivendrecht bereiken, een speler die start in Buitenveldert moet naar Noord en wie begint in de Bijlmermeer, moet de trein nemen vanaf Sloterdijk. Een blauwe dobbelsteen geeft aan hoeveel vakjes je verder mag.

Lees verder “Ontsnap aan Amsterdam!”

De Europese canon (6-10)

Priester Hendrik, een van degenen die de rechten van de Hollandse boeren hielp overbrengen naar oostelijk Europa

Voilà: de derde aflevering van de reeks over de Europese canon. Nu we de Late Oudheid en de verantwoording hebben gehad, kunnen we beginnen met de Volle Middeleeuwen.

Democratisch bestuur

Periode: vanaf ca. 1000

Alternatieven: Althing, Magna Carta, Staten-Generaal, Defensor Pacis.

Het principe was simpel, daar in de landen langs de Noordzee: wie water deert, die water keert. Dat gaf iedereen een verantwoordelijkheid in de landverdediging en dus een stem. Nu was dat wat bewerkelijk en daarom kwamen er waterschappen en hoogheemraadschappen. Het was het begin van de representatieve democratie. Later namen de bewoners van de Lage Landen hun rechten mee naar het oosten, toen ze voorbij de Elbe nieuwe gronden ontgonnen.

Lees verder “De Europese canon (6-10)”

Gevelsteen: twee schilders

Gevelsteen (Oude Looiersstraat 3, Amsterdam)

Gevelsteentjes, daar heb ik al een tijdje niet over geschreven, hoewel die kleine schilderijtjes me dierbaar zijn. Alleen al in Amsterdam zijn er honderden, ze worden nog steeds gemaakt en als ik de loterij win, vraag ik mijn huisbaas of we ook hier de gevel mogen versieren. Nu ik in verband met antropologisch veldonderzoek naar West-Aziatische wetenschapsbloggebruiken even niet in Nederland ben, plaats ik toch weer eens een stukje. Dat heb ik twee maanden geleden geschreven en gaat, terwijl ik in Libanon de ronde maak, geautomatiseerd online.

Het bovenstaande steentje is te zien in de Oude Looiersstraat 3. Het zijn twee op hun zondags geklede schilders, blijkbaar broers. De een heeft twee kwasten vast, de ander draagt er een in de hand en er ligt nog een kwast op de grond. Maar wat heeft de linker schilder in zijn rechterhand?

Lees verder “Gevelsteen: twee schilders”