Bij ons in het dorp (8)

In Amsterdam waarschuwt het Gemeentelijk Vervoerbedrijf dat het onvoldoende materiaal inzet.

Ik hoop althans maar dat dit is bedoeld als een waarschuwing. Het is natuurlijk niet uit te sluiten dat er ergens een reclamebureau is geweest dat op een leutige avond heeft bedacht dat Amsterdammers het wel geinig zullen vinden in een veel te drukke stad te wonen. En dat Amsterdammers het plezierig vinden te moeten reizen in een overvolle tram.

Stress

Om met de deur in huis te vallen: ik maak me wat zorgen om mijn gezondheid en gebruik dit stukje om te vragen of er meer mensen zijn die ziek van geluid kunnen worden. Als u geen zin hebt in larmoyant persoonlijk geneuzel, hoeft u het onderstaande natuurlijk niet te lezen.

De stress

Wat wil het geval? Twee weken geleden keerde ik terug uit Albanië. Mooie maar vermoeiende tocht; vlak voor het einde een sprong achteruit naar de Griekse tijdzone en daarna weer vooruit naar de West-Europese; tot slot een vliegreis. Ik zat er redelijk doorheen toen ik thuis de trap beklom en zag dat mijn deur openstond. Er waren bouwvakkers aan het werk.

Nu was dát niet wat me verbaasde. Er was een lekkage en daaraan moest iets worden gedaan. Ik had echter bedongen dat het af zou zijn vóór ik van de Balkan terugkwam. Ik had de week na thuiskomst namelijk nodig om weer op krachten te komen en mijn onderwijs voor te bereiden. De aannemer had echter – als ik het goed heb begrepen – een onderaannemer die een andere planning had en daardoor was het werk pas half af toen ik bekaf de trap op kwam lopen.

Lees verder “Stress”

Duitse Surinamers

Ik mag dan wonen in de Amsterdamse Dodedichtersbuurt, met straten die een rijk literair leven suggereren, de buurt zélf lijkt niet vaak te zijn beschreven. Ik was daarom meteen geïnteresseerd toen ik hoorde dat Het geheim van mevrouw Grünwald, de debuutroman van Diana Tjin, zich voor een groot deel afspeelt in Amsterdam-West. En inderdaad, we bezoeken een huis aan de Van Lennepkade, wandelen onder de arcade langs de Kinkerstraat en doen inkopen op de Ten Katemarkt. Een feest der herkenning.

***

Wat ik dan weer niet herken, en waarom ik het boek niet alleen leuk maar ook interessant vond, is het verhaal van de Duitsers die in de jaren dertig woonden in Suriname en aan het begin van de Tweede Wereldoorlog door de Nederlandse gouverneur Johannes Kielstra werden geïnterneerd op plaatsen waarvan de namen me tot nu toe weinig zeiden: in de voormalige plantage Mariënburg, in een ressort Groningen en aan de Copieweg. Twee andere interneringskampen, de Jodensavanne en Fort Zeelandia, komen terloops aan bod – en de laatste naam is natuurlijk bekend van de decembermoorden. Het feit dat ik in deze alinea al zeven links aanbreng illustreert dat ik Het geheim van mevrouw Grünwald minder heb gelezen als roman over een jonge vrouw die een familiegeheim ontdekt dan als een verslag over een mij niet heel goed bekend stuk koloniale geschiedenis.

Lees verder “Duitse Surinamers”

Monet in Amsterdam (5)

Claude Monet, Het Kamperhoofd in Amsterdam

In 1871 en 1874 bracht de beroemde Franse impressionistische schilder Claude Monet (1840-1926) een bezoek aan Amsterdam. Hij was onder de indruk van de wolken en het grijze licht, maar was niet blij met zijn eigen schilderijen, waarvan hij vond dat ze het Amsterdamse licht niet wisten te vangen. Hij heeft deze werken dan ook nooit tentoongesteld en ze zijn nog steeds niet erg bekend. Zelfs de namen van deze schilderijen zijn niet met zekerheid bekend.

Hij maakte de meeste schilderijen bij de haven, zoals het bovenstaande – nummer 303 in de Wilderstein-catalogus – bij het Kamperhoofd. Ooit een onderdeel van de vestingwerken van het middeleeuwse Amsterdam, was het in Monets dagen een rustig deel van de haven. Tegenwoordig loopt er een grote weg langs, is het IJ afgesloten door het station en domineert de Nicolaas-basiliek de skyline.

Lees verder “Monet in Amsterdam (5)”