
Een gouden ring, gevonden in een graf uit de vijftiende eeuw v.Chr. in Tiryns in Griekenland. Nu in het Nationaal Archeologisch Museum in Athene. Van rechts af komt een optocht van figuren met leeuwenhoofden, die de kruiken met zich meedragen waarmee plengoffers worden gebracht. Het voorwerp van hun eerbetoon is de vrouw die links op een troon zit. Ze heeft ook een stuk vaatwerk in de handen. Ze zal wel een godin zin.
Lastig zichtbaar is, helemaal links, achter de troon, een adelaar: het symbool van het oppergezag, in later eeuwen het symbool van de oppergod Zeus. Midden boven is de zonneschijf te zien en rechts daarnaast een maansikkel.
Wat het betekent? We hebben geen idee, al zijn er altijd mafkezen die er een vruchtbaarheidscultus of een verzameling hemelingen in zien. Daarvoor is nul bewijs maar het schijnt erg moeilijk te zijn te erkennen dat we dingen over de Oudheid gewoon niet begrijpen.
[Dit was de achtzeventigste aflevering in mijn reeks museumstukken; een overzicht is hier.]
Zelfde tijdvak
Zarathuštradecember 22, 2023
De verstaanbaarheid van het oudste Grieksmaart 31, 2022
De Proto-Indo-Europese samenleving: bezitjuli 4, 2024

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.