Geliefd boek: Rebel land

De interessantste reisverhalen worden geschreven door auteurs die maandenlang op dezelfde plek blijven om mensen en hun omgeving goed te leren kennen. Een prachtig voorbeeld is Rebel land. Among Turkey’s Forgotten Peoples (2009) van Christopher de Bellaigue (1971). Die ‘vergeten’ volkeren zijn Alevieten (aanhangers van een vrijzinnige islamitische stroming in het soennitische Turkije), Armeniërs en Koerden.

De schrijver kent het westerse deel van Turkije goed. Liefde bracht hem naar Istanbul, maar die liefde ging over. Hij sprak toen zo goed Turks dat Turken hem vroegen uit welk deel van Turkije hij kwam. Een nieuwe liefde brengt hem naar Teheran waar hij gaat werken als correspondent voor de Britse Economist. Perzisch wordt zijn nieuwe taal.

Bloedige gebeurtenissen

Na enkele jaren in Teheran besluit hij een boek te schrijven over de herinneringen van bewoners in de kleine stad Varto, gelegen in het verre zuidoosten van Turkije, aan de moord op Armeniërs en Koerden. De oudste bewoners hebben de Armeniërs in hun stadje nog meegemaakt of kennen de bloedige gebeurtenissen uit de verhalen van hun ouders. Zijn Turks blijkt niet meer te zijn wat het is geweest, maar toch kan hij nog alle gesprekken in het Turks voeren.

De moord op Armeniërs tussen 1915-1917 is nog steeds een heikel thema in Turkije. Daarbij gaat het om getallen. In Turkije wordt niet ontkend dat er Armeense doden zijn gevallen in die periode. Maar terwijl Turkse wetenschappers hoogstens enkele tienduizenden doden noemen, spreken Armeense betrokkenen over anderhalf miljoen omgekomen burgers. Vermoord tijdens razzia’s of gestorven van uitputting tijdens transporten naar woestijngebieden in het Oosten.

In 1925 breekt een opstand uit van de Koerden in dit gebied die door het leger wordt neergeslagen, met veel doden als gevolg. Over de Armeniërs en de Koerden bestaan veel stereotypen die er allemaal op neerkomen dat ze geen ‘echte’ Turken zijn en niet trouw zijn aan hun Turkse vaderland. Vooral de Armeniërs wordt verweten dat ze nooit loyaal zijn geweest aan hun Ottomaanse thuisland. Als in 1916 het Russische leger oprukt in Oost-Turkije sluiten veel Armeniërs zich onmiddellijk aan bij de Russen in de hoop dat ze eindelijk een eigen staat kunnen stichten. Althans dat is ook in het moderne Turkije nog steeds het grote verwijt aan deze bevolkingsgroep. In werkelijkheid lag het genuanceerder, maar het laat wel zien dat sommige Armeniërs, en trouwens ook Koerden, zich als nationalistische fanaten konden en kunnen gedragen.

Varto

Met zijn keuze voor Varto maakt de schrijver het zichzelf niet gemakkelijk. Het is hem meteen duidelijk dat Varto wel heel erg verschilt van het kosmopolitische Istanbul waar hij zo van houdt. Het stadje bevindt zich in het midden van een gebied waar Koerden steeds weer gevechten beginnen. De Turkse regering moedigt zijn verblijf Varto daarom bepaald niet aan. Gedurende zijn gehele oponthoud in het stadje wordt hij in de gaten gehouden door de geheime politie en hij wordt gehuisvest in het hostel voor onderwijzers. Die controleren zijn bewegingen ook al nauwgezet. Met de onderwijzers voert hij ongemakkelijke gesprekken over wat hij vindt van de Koerden en Alevieten die in het stadje wonen.

Hij heeft nog een ander probleem dat iedere socioloog of antropoloog zal herkennen. Zelf had Bellaigue gedacht dat de Koerden, Alevieten en Armeniërs blij zouden dat er nu eindelijk iemand op bezoek kwam die in hen geïnteresseerd was en die naar verhalen over hun beroerde positie wilde luisteren. Maar het omgekeerde is het geval. De bewoners van Varto zijn wantrouwend en vragen zich af wat die Engelsman, die Turks spreekt maar in Iran woont, komt doen in hun onbelangrijke stadje. Het kost de nodige tijd om hun vertrouwen te winnen, maar sommigen blijven tot het einde van zijn verblijf vijandig.

Lange herinneringen

Gelukkig worden enkele bewoners toeschietelijker en willen zij met hem wel herinneringen ophalen. Maar die informanten hebben weer de neiging hun verhaal te dramatiseren met een altijd aanwezige ‘held’. Soms blijkt trouwens dat herinnering lang kunnen blijven bestaan. De schrijver loopt met een bevriende bewoner uit Varto door de omringende heuvels. De bewoner wijst naar een plek en zegt:

You see those old pear trees? We still call these meadows after the Armenians who owned (dus negentig jaar geleden, HS) them. Those trees were in Hagap’s meadows, and those ones in Khoren’s.

De schrijver toont een grote betrokkenheid met het lot van de huidige Armeniërs, want ver van de academische schrijfsels, gaat het in zijn ogen om gewone mensen die nog steeds niet zijn bevrijd van hun vroegere lot.

There must be in them – shivering in the rags of their identity while the Armenians scream ‘Genocide!’ and the Turks retort ‘No genocide!’ – a terrible sense that they no longer count for anything at all.

Journalistiek en antropologie

Wat Christopher de Bellaigue heeft gedaan in Varto lijkt veel op het veldwerk van een antropoloog. Het belangrijkste verschil is dat een theoretische vraagstelling ontbreekt. Het is een journalistieke rapportage, maar alleen de allerbesten in het vak zouden het op die manier kunnen schrijven. De beschreven herinnering van de bewoners zijn schrijnend. Daarnaast krijgen we een goede indruk van het onherbergzame landschap en daarmee van het harde leven in de regio. De schrijver kent zijn geschiedenis goed en die kennis vlecht hij elegant door zijn rapportage heen. Een andere les is het besef hoe belangrijk kennis van een landstaal is. Niet iedereen op de wereld spreekt vloeiend Engels. En met gebruik van tolken was het lang niet zo’n emotioneel verhaal geworden.

Rebel land is een schitterend boek, hoewel hier en daar wat ongestructureerd. Het laat indringend zien hoe een schending tegen de menselijkheid met vele doden verloopt tussen mensen die elkaars buren zijn. Christopher de Bellaigue heeft inmiddels ook enkele historische studies geschreven, onder andere over de Verlichting in de Islam en over de coup tegen Mossadegh, geschreven, maar Rebel Land vind ik zijn meest betrokken boek.

[Op mijn uitnodiging aan de vaste lezers van deze blog om geliefde boeken te delen, ging Huibert Schijf voor de alweer tweeëntwintigste keer in. Bedankt Huibert!]

11 gedachtes over “Geliefd boek: Rebel land

  1. A. den Teuling

    50 jaar geleden vroeg ik aan een paar Armeniërs (studenten, net als ik) of zij sympathiseerden met de toen weer eens opstandige Koerden. Antwoord: in het geheel niet want die hebben de Turken geholpen bij de genocide.

    1. Frans Buijs

      In 14-18 kende waarschijnlijk niemand dat onderscheid, want al die landen behoorden toen tot het Ottomaanse Rijk.

  2. Ben Spaans

    Van 1972-75 was er een grote opstand van Iraakse Koerden, aanvankelijk gesteund door Iran onder de Sjah en, daar is ie weer, de CIA.
    In 1975 bereikten Iran en Irak (‘Mr. Deputy’, toen nog vice-president Saddam Hoessein) in Algiers een regeling over uitstaande verschillen (vrnl. de Sjat-al Arab, waar inmiddels president Saddam in 1980 alsnog een oorlog over ontketende) en werden de Iraakse Koerden weer eens in de steek gelaten. Ze moesten grootschalig verzet weer een aantal jaren opschorten.

  3. Saskia Sluiter

    In de Volkskrant van vandaag een artikel van jeroen Visser: ‘Erdogan bewijst dat hij alle Koerden haat’.
    Dank je wel Huibert!

  4. Ben Spaans

    Als er maar genoeg tijd verstrijkt wordt elk volk wel een keer slachtoffer of een keer dader…

Reacties zijn gesloten.