Geliefd boek: Palaces for the People

“Je wordt toch verliefd op iemand omdat je die leuk vindt,” zei ooit een eerstejaarsstudente tegen mij als docent sociologie. Sociologen zijn meer geïnteresseerd in de vraag waar het van afhangt dat mensen elkaar zullen ontmoeten. Mijn tegenvraag was dan ook naar welke cafés of disco’s ze ging, en waarom. De mogelijkheid dat mensen op elkaar verliefd worden is immers ingeperkt door de sociale en fysieke omgeving waarin ze verkeren. Dat was al het uitgangspunt van mijn favoriete stadssociologie uit de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw, de zogenaamde Chicago School:

It has focused on human behaviour as shaped by social structures and physical environmental factors, rather than genetic and personal characteristics. As applied to humans who are considered responsible for their own destinies, members of the school believed that the natural environment, which the community inhabits, is a major factor in shaping human behaviour, and that the city functions as a microcosm.

Lees verder “Geliefd boek: Palaces for the People”

Geliefd boek: Fool’s Gold

Een van mijn favoriete columnisten is Gillian Tett (1967). Ze schrijft in de weekendeditie van de Britse Financial Times, en woont in New York. De als antropoloog opgeleide Tett promoveerde in 1994 aan de Universiteit van Cambridge op moslimvrouwen in de voormalige Sovjet-Unie, waarbij huwelijksrituelen centraal staan. Rituelen versterken bindingen tussen mensen. Tegelijkertijd onderwerpen deelnemers zich aan de regels van het ritueel. En wie niet participeert wordt uitgesloten.

In haar column schrijft Tett regelmatig over bankiers. Het leuke daaraan is dat ze een antropologische manier van kijken gebruikt bij haar commentaar. Zo ziet ze topbankers als een stam met herkenbare rituelen. Sommige Masters of the Universe zien dat als een belediging, zo vertelt ze in haar recente Anthro Vision (2021).

Lees verder “Geliefd boek: Fool’s Gold”

Geliefd boek: De aap en de sushimeester

Ooit zag ik in Artis een chimpansee een stukje appel, dat net buiten de tralies lag, met een dun stokje naar zich toe halen. Het was de eerste keer dat ik een mensaap een ‘werktuig’ zag gebruiken. Apen bestuderen leek me een mooi vak. Ik moest weer aan die gebeurtenis denken toen ik enige tijd geleden The Ape and the Sushimaster, cultural reflections by a primatologist (2001, de Nederlandse vertaling is nog te koop) las van Frans de Waal. Dat boek gaat over zulke waarnemingen.

De Nederlandse primatoloog De Waal (1948) kreeg wereldbekendheid door zijn onderzoek naar verzoenend gedrag bij chimpansees. Dat had hij waargenomen bij de groep chimpansees in Burgers’ Zoo in Arnhem. Later heeft Bert Haanstra nog een film over die groep gemaakt. The Ape and the Sushimaster is een leesbare en weinig technische combinatie van apenwetenschap, uitleg van onderzoeksmethoden en autobiografie. De Waal wil bovendien nadrukkelijk laten zien dat hogere primaten een eigen cultuur hebben.

Lees verder “Geliefd boek: De aap en de sushimeester”

Geliefd boek: Hirsch & Cie

Het in 1912 geopende Hirschgebouw aan het Leidseplein in Amsterdam imponeert nog steeds door zijn omvang. Tegenwoordig heeft een computerfirma een grote vestiging in het gebouw en komt er een heel ander publiek dan in de hoogtijdagen van het modehuis Hirsch & Cie. Femke Knoop heeft over dat modehuis een luxueus uitgevoerd, maar niet duur boek, geschreven. Hirsch & Cie in Amsterdam (1882- 1976). Haute Couture op het Leidseplein (2018).

Modehuis aan het Leidseplein

Directeuren en klanten, soms ook personeel, lieten zich regelmatig fotograferen bij het fotoatelier Merkelbach dat op de bovenste etage was gevestigd. De schrijfster maakt royaal gebruik van deze foto’s. Het boek levert geschiedenissen van de oprichters, het personeel en de gebouwen waarin het bedrijf was gevestigd. Kleding en reclame en klanten krijgen de nodige aandacht.

Lees verder “Geliefd boek: Hirsch & Cie”

Geliefd boek: Lost Species

Wat me fascineert aan natuurhistorische musea zijn niet de geraamtes van dinosaurussen of de opgezette dieren, maar iets anders. Aan die musea zijn namelijk ook onderzoekscentra verbonden met omvangrijke collecties van dieren en planten. Grote natuurhistorische musea in Berlijn, Londen of Leiden, maar ook in de Verenigde Staten, bezitten tientallen miljoenen exemplaren. Insecten zijn in de meerderheid. Christopher Kemps The Lost species. Great Expeditions in the Collections of Natural History Museums (2017) is een loflied op het verzamelen en bewaren van dieren- en plantensoorten, en op de wetenschappers die ze bestuderen.

Taxonomie

Big data zijn nodig om bij een diersoort variaties en ondersoorten te kunnen opsporen. Het principe is eigenlijk hetzelfde als bij teksten op kleitabletten. Hoe meer teksten, des te beter. Ook als sommige teksten tientallen keren zouden voorkomen. Alleen dan zijn er vergelijkenderwijs variaties in stijl en spelling te ontdekken.

Lees verder “Geliefd boek: Lost Species”

Geliefd boek: The Voyage of the Beagle

Charles Darwin (Natural History Museum, Londen)

De belangrijkste wetenschappelijk reis van de negentiende eeuw was misschien wel de vijfjarige tocht die Charles Darwin maakte aan boord van het zeilschip de Beagle. Darwin was pas 22 jaar oud toen het schip eind 1831 uit Engeland vertrok. Hij was een enorme geluksvogel dat hij deze reis op dat tijdstip kon maken. Zo waren er net nieuwe geologische inzichten gepubliceerd die hem hielpen bij zijn eigen waarnemingen. Was hij tien jaar later geweest dan zou waarschijnlijk iemand anders zijn ontdekkingen hebben gedaan. Wetenschappelijk succes berust soms op geluk en toeval.

Tijdens de wereldreis van de Beagle bracht hij overigens de meeste tijd op het vasteland door, vooral in Zuid-Amerika. Hij werkte hard en was voortdurend op expeditie, altijd bezig planten en dieren te verzamelen. In 1839 publiceerde Darwin met groot succes zijn reisverslag The Voyage of the Beagle. Het is een innemend boek, geschreven door een intelligente, goed observerende jongeman maar nog zonder vastomlijnde toekomstplannen.

Lees verder “Geliefd boek: The Voyage of the Beagle”

Geliefd boek: Tennis in Kaboel

Het boek van de antropologe Tessa Terpstra, Tennis in Kaboel. Een Nederlandse vrouw in Afghanistan (2002) beschrijft haar ervaringen bij een internationale hulpverleningsorganisatie die in Afghanistan opereert tijdens het regime van de Taliban. Wie dagelijks het tragische nieuws over Afghanistan volgt zal weten dat de Taliban ruim twintig jaar geleden ook al aan de macht is geweest. Over die eerste periode gaat dit boek.

De toon van Terpstra’s boek blijft blijmoedig en dat is geen geringe prestatie want bitter geklaag had meer voor de hand gelegen. Het is niet niks waar ze zich allemaal in moet schikken bij de hulporganisatie, die gevestigd is in de orthodox islamitische stad Peshawar in Noord-Pakistan. Buiten altijd een chador dragen spreekt vanzelf. Maar als vrouw heeft ze ook verder weinig bewegingsvrijheid in de stad. De organisatie zelf doet soms denken aan de wereld die Voskuil in Het Bureau beschrijft. Hilarisch is dan ook de tegenstelling met de avonturen van haar vriend die enkele maanden op bezoek komt. Ze is bang dat hij zich zal vervelen, maar het tegendeel is waar. Als man kan hij de hele dag door de stad zwerven, hij ontdekt het lokale bier en vindt zelfs een pornobioscoop, stampvol met Afghaanse vrachtwagenchauffeurs, en hij verbaast zich over de heersende hypocrisie. Terpstra is jaloers op zijn belevenissen.

Lees verder “Geliefd boek: Tennis in Kaboel”

Geliefd boek: Market Day in Provence

Voor mij zijn markten openbare ruimtes om te kijken, te ruiken, te proeven, te luisteren, een praatje te maken en natuurlijk ook om boodschappen te doen. Sommige markten in het buitenland heb ik in de loop der jaren zo vaak bezocht dat ik de dynamiek van die markten goed ken. Op de Turkenmarkt, zoals hij in de Berlijnse volksmond heet, in Kreuzberg was er bijvoorbeeld altijd een groot aanbod van Turks brood waar ook niet-Turkse Berlijners gretig op afkwamen. Tegenwoordig zijn er veel stoffen in de aanbieding. De drukke Parijse markt in Belleville is maar weinig veranderd. Londen kende een morsige markt in de wijk Brixton met Afrikaanse en Caribische groenten, fruit en vis, soms werden alleen de koppen aangeboden. De vele slagers rondom de markt verkopen uitsluitend halalvlees. De laatste keer dat ik er was zag de markt er opgepoetst uit met een onveranderd aanbod.

Een belangrijke bron van inspiratie bij mijn bezoeken aan markten is altijd het boek dat de Franse antropologe Michèle de la Pradelle (1944-2004) publiceerde over een vrijdagmarkt in een Franse provinciestad. In het Frans verscheen het in 1996, en in 2006 werd de bewerkte, Engels vertaling als Market Day in Provence gepubliceerd. Het boek bevat subtiele observaties en interpretaties van marktgedrag.

Lees verder “Geliefd boek: Market Day in Provence”

Geliefd boek: Brutopia

Na de satirische roman Die Hauptstadt van de Oostenrijker Robert Menasse als geliefd boek, alweer een tijdje geleden, dit keer de Belgische schrijver Pascal Verbeken (1965) met Brutopia. De dromen van Brussel (2019).

Ik heb Pascal Verbeken (1965) ontdekt door zijn boek Arm Wallonië. Een reis door het beloofde land (2014), een knappe mengeling van citaten uit negentiende-eeuwse rapportages, bijvoorbeeld over de touwslagers van Hamme, en hedendaagse observaties. In de negentiende-eeuw was Vlaanderen een arme regio, terwijl Wallonië een welvarende, industriële samenleving was. Nu is Vlaanderen welvarend en kent Wallonië veel verpaupering. De machtsbalans tussen de beide regio’s is omgeslagen. Brutopia is het vervolg op Arm Wallonië. Het is zeker mogelijk sommige beschreven bouwwerken of buurten te bezoeken, maar het is beslist geen toeristische reisgids. Verbeken beschrijft idealisten en idealen in Brussel.

Lees verder “Geliefd boek: Brutopia”

Geliefd boek: Der Duft der Imperien

Dat ik erg in parfums ben geïnteresseerd zou ik niet willen beweren. Ik aarzelde even of ik het nieuwste boek van Karl Schlögel, Der Duft der Imperien (2020, ook in het Engels vertaald) zou kopen, hoewel hij toch een lievelingsschrijvers is. Een voor Schlögel karakteristieke zin gaf de doorslag:

Dass die Teiling der Welt in Ost und West auch eine der Geruchswelten war, wusste jeder, der vor dem Fall der Berliner Mauer einmal den Grenzübergang Berlin-Friedrichsstraße passiert hat.

De scherpe zwavelgeur van brandend bruinkool in toenmalige Oost-Berlijnse woonwijken is mij altijd bijgebleven. In het nieuwe Berlijn is dat verschil in geuren verdwenen.

Lees verder “Geliefd boek: Der Duft der Imperien”