Geliefd boek: The Voyage of the Beagle

Charles Darwin (Natural History Museum, Londen)

De belangrijkste wetenschappelijk reis van de negentiende eeuw was misschien wel de vijfjarige tocht die Charles Darwin maakte aan boord van het zeilschip de Beagle. Darwin was pas 22 jaar oud toen het schip eind 1831 uit Engeland vertrok. Hij was een enorme geluksvogel dat hij deze reis op dat tijdstip kon maken. Zo waren er net nieuwe geologische inzichten gepubliceerd die hem hielpen bij zijn eigen waarnemingen. Was hij tien jaar later geweest dan zou waarschijnlijk iemand anders zijn ontdekkingen hebben gedaan. Wetenschappelijk succes berust soms op geluk en toeval.

Tijdens de wereldreis van de Beagle bracht hij overigens de meeste tijd op het vasteland door, vooral in Zuid-Amerika. Hij werkte hard en was voortdurend op expeditie, altijd bezig planten en dieren te verzamelen. In 1839 publiceerde Darwin met groot succes zijn reisverslag The Voyage of the Beagle. Het is een innemend boek, geschreven door een intelligente, goed observerende jongeman maar nog zonder vastomlijnde toekomstplannen.

Lees verder “Geliefd boek: The Voyage of the Beagle”

Geliefd boek: Tennis in Kaboel

Het boek van de antropologe Tessa Terpstra, Tennis in Kaboel. Een Nederlandse vrouw in Afghanistan (2002) beschrijft haar ervaringen bij een internationale hulpverleningsorganisatie die in Afghanistan opereert tijdens het regime van de Taliban. Wie dagelijks het tragische nieuws over Afghanistan volgt zal weten dat de Taliban ruim twintig jaar geleden ook al aan de macht is geweest. Over die eerste periode gaat dit boek.

De toon van Terpstra’s boek blijft blijmoedig en dat is geen geringe prestatie want bitter geklaag had meer voor de hand gelegen. Het is niet niks waar ze zich allemaal in moet schikken bij de hulporganisatie, die gevestigd is in de orthodox islamitische stad Peshawar in Noord-Pakistan. Buiten altijd een chador dragen spreekt vanzelf. Maar als vrouw heeft ze ook verder weinig bewegingsvrijheid in de stad. De organisatie zelf doet soms denken aan de wereld die Voskuil in Het Bureau beschrijft. Hilarisch is dan ook de tegenstelling met de avonturen van haar vriend die enkele maanden op bezoek komt. Ze is bang dat hij zich zal vervelen, maar het tegendeel is waar. Als man kan hij de hele dag door de stad zwerven, hij ontdekt het lokale bier en vindt zelfs een pornobioscoop, stampvol met Afghaanse vrachtwagenchauffeurs, en hij verbaast zich over de heersende hypocrisie. Terpstra is jaloers op zijn belevenissen.

Lees verder “Geliefd boek: Tennis in Kaboel”

Geliefd boek: Market Day in Provence

Voor mij zijn markten openbare ruimtes om te kijken, te ruiken, te proeven, te luisteren, een praatje te maken en natuurlijk ook om boodschappen te doen. Sommige markten in het buitenland heb ik in de loop der jaren zo vaak bezocht dat ik de dynamiek van die markten goed ken. Op de Turkenmarkt, zoals hij in de Berlijnse volksmond heet, in Kreuzberg was er bijvoorbeeld altijd een groot aanbod van Turks brood waar ook niet-Turkse Berlijners gretig op afkwamen. Tegenwoordig zijn er veel stoffen in de aanbieding. De drukke Parijse markt in Belleville is maar weinig veranderd. Londen kende een morsige markt in de wijk Brixton met Afrikaanse en Caribische groenten, fruit en vis, soms werden alleen de koppen aangeboden. De vele slagers rondom de markt verkopen uitsluitend halalvlees. De laatste keer dat ik er was zag de markt er opgepoetst uit met een onveranderd aanbod.

Een belangrijke bron van inspiratie bij mijn bezoeken aan markten is altijd het boek dat de Franse antropologe Michèle de la Pradelle (1944-2004) publiceerde over een vrijdagmarkt in een Franse provinciestad. In het Frans verscheen het in 1996, en in 2006 werd de bewerkte, Engels vertaling als Market Day in Provence gepubliceerd. Het boek bevat subtiele observaties en interpretaties van marktgedrag.

Lees verder “Geliefd boek: Market Day in Provence”

Geliefd boek: Brutopia

Na de satirische roman Die Hauptstadt van de Oostenrijker Robert Menasse als geliefd boek, alweer een tijdje geleden, dit keer de Belgische schrijver Pascal Verbeken (1965) met Brutopia. De dromen van Brussel (2019).

Ik heb Pascal Verbeken (1965) ontdekt door zijn boek Arm Wallonië. Een reis door het beloofde land (2014), een knappe mengeling van citaten uit negentiende-eeuwse rapportages, bijvoorbeeld over de touwslagers van Hamme, en hedendaagse observaties. In de negentiende-eeuw was Vlaanderen een arme regio, terwijl Wallonië een welvarende, industriële samenleving was. Nu is Vlaanderen welvarend en kent Wallonië veel verpaupering. De machtsbalans tussen de beide regio’s is omgeslagen. Brutopia is het vervolg op Arm Wallonië. Het is zeker mogelijk sommige beschreven bouwwerken of buurten te bezoeken, maar het is beslist geen toeristische reisgids. Verbeken beschrijft idealisten en idealen in Brussel.

Lees verder “Geliefd boek: Brutopia”

Geliefd boek: Der Duft der Imperien

Dat ik erg in parfums ben geïnteresseerd zou ik niet willen beweren. Ik aarzelde even of ik het nieuwste boek van Karl Schlögel, Der Duft der Imperien (2020, ook in het Engels vertaald) zou kopen, hoewel hij toch een lievelingsschrijvers is. Een voor Schlögel karakteristieke zin gaf de doorslag:

Dass die Teiling der Welt in Ost und West auch eine der Geruchswelten war, wusste jeder, der vor dem Fall der Berliner Mauer einmal den Grenzübergang Berlin-Friedrichsstraße passiert hat.

De scherpe zwavelgeur van brandend bruinkool in toenmalige Oost-Berlijnse woonwijken is mij altijd bijgebleven. In het nieuwe Berlijn is dat verschil in geuren verdwenen.

Lees verder “Geliefd boek: Der Duft der Imperien”

Geliefd boek: Die versprengten Deutschen

Karl-Markus Gauß (1954) is een Oostenrijkse schrijver die in Salzburg leeft. Hij is bekend als essayist en reiziger door Midden- en Oost-Europa, waarover hij lezenswaardige boeken heeft gepubliceerd. Het werk van Gauß is in verscheidene talen vertaald, maar bij mijn weten nooit in het Nederlands. De schrijver bedient zich van een helder, modern Duits zonder ingewikkelde constructies of al te lange zinnen, observerend zonder meanderende reflecties en met af een toe een laconiek terzijde.

Hij schreef onder andere Die sterbenden Europäer (2001) over kleine Europese volkeren die verdwijnen en Die Hundeesser von Svinia (2004) over Romas in een klein dorpje in het oosten van Slowakije. Ook anderszins heeft hij zich voor de Romas ingezet. Steeds is de schrijver op zoek naar de randen van het officiële Europa en de marginale groepen die er leven.

Lees verder “Geliefd boek: Die versprengten Deutschen”

Geliefd boek: The Last Mughal

Een nieuwe interessante schrijver ontdekken is altijd leuk. Mij gebeurde dat met de Schotse William Dalrymple (1965, niet te verwarren met Theodore Dalrymple). Hij studeerde in Cambridge. Ik zal zijn eerste boek In Xanadu. A Quest (1989) in de Amsterdamse Boekhandel hebben gekocht. Het is het enthousiaste reisverhaal – human interest ontbreekt niet – over een tocht van Jeruzalem naar de Chinese stad Xanadu. Dalrymple was pas vierentwintig toen hij het boek schreef. Daarna ben ik hem blijven volgen. De schrijver heeft zich ontwikkeld tot een narratieve historicus die leesbaar en beeldend schrijft. Voor ieder boek doet hij grondig onderzoek. Ook vindt hij het essentieel dat hij de plaatsen waarover hij schrijft zelf bezoekt, en dat is te merken.

Dalrymple woont al heel lang in Delhi. Waarom vertelt hij zelf:

I never intended to come to India. I originally set out to be an archaeologist in the Middle East, but the dig I was assigned to in Iraq closed down — purportedly due to a nest of British spies. So, I joined a friend who was heading to India. I had no particular connection to the country, but when I arrived, it was one of those moments in life when everything changes. Thirty years later, I’m still here. A constantly changing kaleidoscope of things has kept me attached, and a whole variety of careers have been facilitated by being here. My first job, teaching, took me from the Himalayas down to the far southern tip of country. By the time I was two stops in, India had unveiled itself in all its complexity and beauty — I was addicted.

Lees verder “Geliefd boek: The Last Mughal”

Geliefd boek: Het hoofdkussenboek

Jarenlang bezat ik een Engelse vertaling van de Japanse klassieker The Pillow Book waaruit ik regelmatig stukjes las, maar die Britse pocket viel langzamerhand uit elkaar. Toen in 2018 een Nederlandse vertaling verscheen, heb ik die meteen gekocht: Sei Shonagon, Het hoofdkussenboek. Over de nauwkeurigheid van de vertaling kan ik niet beoordelen, maar het Nederlands leest erg prettig. Uit een vergelijking met de Engelse vertaling blijkt dat de Belgische vertaler Jos Vos (1960) in voetnoten vaak een betere uitleg geeft bij passages. Daarvoor had hij jaren besteed aan de integrale vertaling van een ander klassiek Japans meesterwerk Het verhaal van Genji uit dezelfde periode en geschreven door de schrijfster Murasaki Shikibu.

Sei Shonagon leefde ongeveer tussen 966 en 1017. Ze was de dochter van een provinciegouverneur, een niet erg hoge ambtelijke rang. Ze was in dienst van keizerin Teishi tussen ongeveer 993 en 1000. De vertaler merkt op dat Het Hoofdkussenboek getuigt van een hoogst elegante levensstijl maar dat de houten gebouwen bijna ‘spartaans’ waren en in de winter verschrikkelijk koud. Bovendien was het overheersende dieet zo karig dat zelfs de adel last had van ondervoeding. Geen wonder dat Het Hoofdkussenboek (…) niet een lijstje bevat van ‘dingen die lekker zijn om te eten’, merkt de vertaler op.

Lees verder “Geliefd boek: Het hoofdkussenboek”

Geliefd boek: The Hare with Amber Eyes

Met Edmund de Waals The Hare with Amber Eyes. A hidden inheritance (2010) heb ik een speciale band. Het boek gaat over de adellijke, Joodse familie Ephrussi uit Wenen. De Ehrussis kwamen oorspronkelijk als graanhandelaren vanuit Odessa naar Wenen. Als in 1862 de Donau een grote overstroming veroorzaakt, leent de familie grote bedragen aan de staat om de kades te herstellen. Het was in het Habsburgse Rijk niet ongewoon om zo’n familie met een adellijke titel te belonen, ook bij Joodse families. De Ephrussis uit Odessa splitsten zich op in een Weense (bankiers) en een Parijse tak (graanhandelaren). Sinds ik het boek kocht heb ik het regelmatig geraadpleegd voor informatie over Joodse adel. Maar natuurlijk ook wegens de indrukwekkende geschiedenis.

De Waal beschrijft zijn speurtocht naar zijn familie aan de hand van een verzameling van 264 netsuke, waaronder een haas met ogen van barnsteen. Toen Japanse mannen nog een kimono droegen werd een netsuke aan de gordel geknoopt om daaraan ‘spullen’ op te hangen. Het zijn kunstzinnige en praktische voorwerpen. Vrouwen stopten kleine spullen in de mouwen van hun kimono.

Lees verder “Geliefd boek: The Hare with Amber Eyes”

Geliefd boek: Playing Cards in Cairo

De Britse journalist Hugh Miles (1977) vertelt in zijn persoonlijke Playing Cards in Cairo. Mint tea, Tarneeb and Tales of the City (2008) over liefde in Caïro. Hij beschrijft onder andere de amoureuze omgangsvormen tussen jonge mensen in een chaotische stad. Zelf raakt hij verliefd op Roda, een Egyptische arts, hoewel het aanvankelijk erg moeilijk is haar te ontmoeten. Voor een ongehuwde vrouw is het problematisch om met een man, laat staan een buitenlander, in het openbaar te verschijnen. Ze brengen daarom veel avonden bij Roda thuis door waar ze met haar vriendinnen Tarneeb spelen, een kaartspel dat op bridge lijkt.

Toneelspel

Miles vertelt dat zijn vriendin Roda geen broer heeft en haar vader in Koeweit werkt. Door de afwezigheid van nauw verwante mannen kan ze zich meer vrijheden veroorloven dan haar getrouwde en ongetrouwde vriendinnen. Maar ze gaat in het begin niet zo ver om Hugh in zijn appartement te bezoeken, want dat zou erg slecht voor haar reputatie zijn. Zelfs in haar eigen buurt is na korte tijd bekend dat Miles ongehuwd is en haar bezoekt. Want in de

close-knitted Caïro society, where everybody makes it their business to know everyone else’s business

verspreiden geruchten zich snel. Uiteindelijk waagt ze het erop, lichtelijk vermomd en met een zonnebril, om bij hem thuis te komen. De conciërge en parkeerwachters maken er een sport van om haar zichzelf te laten verraden door Arabisch tegen haar te spreken. Ze reageert niet. Zoals Miles opmerkt, zijn Egyptische vrouwen onder de druk van zedig gedrag in het openbaar ervaren toneelspeelsters.

Lees verder “Geliefd boek: Playing Cards in Cairo”