
[Derde blogje in een vierdelig reeks door Frans Buijs over de Inka’s. Het eerste deel was hier.]
Hoe kwam het dat Atahuallpa zich zo makkelijk liet overrompelen? Om een antwoord te vinden op die vraag gaat Wim Kamerbeek, de auteur van Atahuallpa’s vergissing, eerst te rade bij een ander boek, Zwaarden, paarden en ziektekiemen van Jared Diamond. De Spanjaarden hadden natuurlijk een technologisch overwicht op de Inka’s en ze waren resistent tegen ziekten.
Kennis van de wereld
Maar dat is niet alles. Ze hadden ook een voorsprong op het gebied van kennis. Pizarro kon zelf niet lezen of schrijven, maar hij had een hele cultuur achter zich die dat wel kon. En die al eeuwenlang contact had gehad met de buitenwereld, eerst met Azië en nu met Amerika. De Spanjaarden hadden het Aztekenrijk onder de voet gelopen en hadden dus al ervaring opgedaan met het verkennen en veroveren van de nieuwe wereld.
De Inka’s hadden dat allemaal niet. Hun wereld reikte niet verder dan de Andes. Voor hen was het alsof de maanmannetjes waren geland. En dus deed Atahuallpa wat hij gewend was te doen: hij presenteerde zich in al zijn pracht en praal, hopend dat hij zo indruk op die vreemdelingen zou maken. Dat ze hun woord zouden breken en hem aan zouden vallen, kwam gewoon niet bij hem op. En toen het toch gebeurde dacht hij dat de Spanjaarden wel weer weg zouden gaan als hij ze maar genoeg goud zou geven en alles weer bij het oude zou zijn. Dat is de vergissing uit de titel en de Inka betaalde ervoor met zijn leven.
De wegen van de Inka’s
Na hun overwinning bij Cajamarca trokken de Spanjaarden het Inkarijk in, op weg naar de hoofdstad Cusco. Alle wegen leidden naar Cusco en wegen bouwen konden de Inka’s. De dorpjes en steden waren met elkaar verbonden door een uitgebreid netwerk van verharde wegen dat tienduizenden kilometers besloeg. (En nog meer onverharde wegen.) De hele bevolking werd ingeschakeld om deze wegen aan te leggen en te onderhouden en om hangbruggen te maken over de rivieren. Boodschappers brachten te voet en mondeling berichten over vanuit alle uithoeken van het rijk aan de Inka, zodat die altijd op de hoogte was van wat er zich afspeelde. Niet voor niets werden bestuurders aangeduid als tokoyrikoq: zij die alles zien. Ook werden die wegen gebruikt om voedsel te vervoeren, zodat iedereen in het rijk genoeg te eten had. Iedereen werkte van jongs af aan voor de Inka volgens het motto:
Ama sua, ama llulla, ama kjella.
Wees geen dief, wees geen leugenaar, wees geen luiaard.
Een uitgebreid administratief systeem (de quipu’s dus) zorgde ervoor dat alles wat de mensen produceerden terecht kwam bij wie het nodig had. Je zou kunnen zeggen dat de Inka’s een verzorgingsstaat hadden gesticht. De keerzijde hiervan was dat er weinig ruimte was voor individuele vrijheid. Het leven van de mensen werd van de wieg tot het graf bepaald door de Inka.

Cusco
Toen de Spanjaarden aankwamen in Cusco konden ze hun ogen niet geloven. Het was een stad van zo’n 200.000 inwoners gebouwd van steen met kaarsrechte straten die allemaal samenkwamen bij het centrale plein waar het paleis van de Inka en de tempel van de zon stonden. En dat zonder cement! De grote blokken steen waaruit de Inkagebouwen zijn opgetrokken sluiten zo nauw op elkaar aan dat er letterlijk geen speld tussen te krijgen is. De stad was gebouwd in de vorm van een poema met het fort Sacsayhuaman (gemakkelijk te onthouden door er sexy woman van te maken) als de kop. Bij de Inka’s symboliseerde de poema de aarde, de condor de hemel en de slang de onderwereld. En in de tempels en paleizen was het echt alles goud wat er blonk.
Omdat de Inka’s geen geldeconomie kenden, was goud voor hen alleen maar mooi. De schittering ervan deed denken aan de zon en dus was goud een goddelijk metaal dat ze gebruikten om hun tempels te verfraaien ter meerdere eer en glorie van Inti, de zonnegod. De Spanjaarden daarentegen konden bij het zien van al dat goud aan niets anders denken dan aan geld. De beelden waren in hun ogen afgodsbeelden die zo snel mogelijk moesten worden omgesmolten naar munten. En dat deden ze dan ook.
We zullen nooit weten hoeveel kunstvoorwerpen er op die manier verloren zijn gegaan. In ieder geval maakte al dat goud en het zilver dat ze in de berg Potosí in het huidige Bolivia ontdekten Spanje tot het rijkste land ter wereld. De koningen van Spanje gebruikten al dat geld om oorlog te voeren tegen wat zij zagen als de vijanden van het katholieke geloof, waaronder ook de protestantse opstandelingen in de lage landen. En dat is niet de enige manier waarop de verovering van Peru van invloed is geweest op Nederland: wat zou onze keuken zijn zonder de aardappel?
Zelfde tijdvak
Geliefd boek: Erasmus, dwarsdenkerjanuari 11, 2022
Wij Batavieren (2)november 22, 2016
Antiquarismejanuari 20, 2020

Hoe weten we dat de quipu’s voor administratie werden gebruikt?
Weten we hoe de Inca economie funcioneerde?
Even zeuren: er deden behoorlijk wat katholieken mee aan de Opstand.
Nog maar een keer over vorderingen bij het ontcijferen van Quipu’s https://youtu.be/81YQbAsJjZA?si=aLDL6UFHLcMdolh7
Zie bij wegen: Jenkins, D (2001). ‘A Network Analysis of Inka roads, Administrative Centers, and Storage Facilities”, Ethnohistory, 48 (4), 653-687).
Door diverse centraliteitsmaten te berekenen laat de schrijver zien dat de netwerken er anders uit zien. Onderscheid tussen militaire controle en financiering lokale elites. Gebruikt bij mijn cursus netwerkanalyse in 2004.