Çatalhöyük

Reconstructie van een huis uit Çatalhöyük (Museum voor Anatolische Beschavingen, Ankara)

Ik ben er twee keer in de buurt geweest, maar steeds op weg naar iets anders: Çatalhöyük, een van de beroemdste archeologische opgravingen ter wereld. Het is een tell: een plek waar mensen lange tijd hebben gewoond, steeds op de resten van een eerdere nederzetting. Het klassieke voorbeeld is Troje, waar archeologen vele tientallen bewoningslagen boven elkaar hebben gevonden. Steeds als zo’n nederzetting was verwoest, keerden mensen terug om er nieuwe woningen te bouwen. Aangezien niemand voor z’n plezier op ’n ruïne of tussen de geblakerde resten van een oude boerderij gaat wonen, moet er een reden zijn, en inderdaad liggen de meeste tells op vruchtbare gronden, bij een handelsweg of allebei. En als die heuvel maar hoog genoeg was, was ze om een extra reden interessant: zo’n plek was veilig.

Çatalhöyük

De tell van Çatalhöyük, bewoond tussen pakweg 7100 en 5700 v.Chr., was uiteindelijk tweeëntwintig meter hoog. In zijn boek Dageraad, waarover ik het al had, schrijft Johan Hendriks: zeventien meter, en wellicht is dat waar, ik weet het niet, ik ben er immers niet geweest. Feit is: er zijn achttien bewoningslagen, en in de oudste fase bestond de nederzetting uit zo’n tweehonderd woonhuizen. Men had 9000 jaar geleden de deur nog niet uitgevonden, dus je moest vanaf het dak met een ladder in je woonst afdalen. Hierboven ziet u zo’n huis: een haard, wat lage banken langs de beschilderde muren, soms een opslagkamertje, en een decoratie van dierenschedels en -klauwen.

Lees verder “Çatalhöyük”

De beelden uit Ain Ghazal

Gezicht van een beeld uit Ain Ghazal

Wie Amman, de hoofdstad van Jordanië, over de grote weg vanuit het noordoosten binnenrijdt, rijdt dwars door de Neolithische vindplaats Ain Ghazal (“de bron van de gazelle”). Deze site is dan ook ontdekt bij het aanleggen van die weg. De bouwers hadden al aanzienlijke schade aangericht toen ze begrepen dat ze boven een archeologische vindplaats aan het werk waren, en onderbraken hun werkzaamheden. Vanaf 1974 is de site gedurende een kwart eeuw onderzocht.

Neolithisering

Dat er dus al met zwaar materieel gewerkt was, had één voordeel: de stratigrafie was van begin af aan duidelijk. Eén van de eerste constateringen was dat de oudste lagen behoorden tot het zogeheten Prekeramisch Neolithicum.

Lees verder “De beelden uit Ain Ghazal”

MoM & misverstand: Natuurgodsdiensten

Standbeeld uit Ain Ghazal, even ten noorden van Amman, ongeveer 6700 v.Chr. Tot de ontdekking van een beeld in Şanli Urfa gold dit als de oudste vrijstaande sculptuur ter wereld. Het mythologisch-religieuze karakter staat met zo’n dubbel lichaam niet ter discussie (Archeologisch Museum van Amman)

Natuurgodsdiensten zijn de oudste vorm van religie. Zegt men. Vóór de moderne wetenschap bestond verklaarde de primitieve mensheid namelijk alle natuurverschijnselen als goddelijk ingrijpen. En nog eerder, vóór de mens begreep dat er goden bestonden, zag de oermens overal vage en ambigue natuurkrachten. Althans, dat dachten antropologen en godsdiensthistorici aan het eind van de negentiende eeuw. Zij meenden ook dat de oermens de vruchtbaarheid van het land had geïdentificeerd met die van de vorst. Vandaar dat de Graalkoning in een verwoest land leefde zolang de wond in zijn lendenen niet was genezen.

Koningsmoord

In natuurgodsdiensten was het niet onlogisch ’s konings vruchtbaarheid zo geconcentreerd mogelijk in te zetten: als men elk jaar een andere heerser aanstelde, maximaliseerde men diens vermogen de natuur te doen uitlopen en de oogst overvloedig te laten zijn. Aan het einde van het jaar moest de koning dan dood. Vandaar dat in zoveel Griekse mythen en sagen de koning akelig aan zijn einde komt: Herakles verbrandde, Agamemnon bezweek aan bijlslagen, Pelias werd geslacht.

Lees verder “MoM & misverstand: Natuurgodsdiensten”