Vandalisme

Naqš-e Rajab: kapotte gezichten en een kapot paardenbeen
Vandalisme in Naqš-e Rajab: kapotte gezichten en een kapot paardenbeen

Naqš-e Rajab is een klein archeologisch monument op de vlakte waarop ook de Iraanse ruïnestad Persepolis en de koningsgraven van Naqš-e Rustam liggen. De vier Sassanidische rotsreliëfs in Naqš-e Rajab dateren uit de derde eeuw na Chr. en zijn in het verleden tweemaal door vandalen aangevallen.

De eerste keer heeft iemand met een mokerhamer staan slaan op de gezichten van enkele hovelingen. De verweerdheid van de steen maakt duidelijk dat het al lang geleden is gebeurd. De tweede keer is recenter: iemand heeft met een drilboor een paardenbeen kapotgemaakt. Ik heb me laten vertellen dat dat in 1979 was, tijdens de Iraanse Revolutie. De dader moet er een nacht mee bezig zijn geweest en is er toen maar mee opgehouden: de vernietiging van het erfgoed uit de Tijd der Onwetendheid bleek arbeidsintensiever dan gepland.

Lees verder “Vandalisme”

Neo-Achaimenidische kunst (3)

Neo-Achaimenidische boodschappentas
Neo-Achaimenidische boodschappentas

In het eerste en tweede deel van dit artikel beschreef ik de neo-achaimenidische kunst van Iran, die is ontstaan in de jaren waarin Reza Sjah probeerde het land te moderniseren. Het had kunnen worden uitgelegd als een breuk met de islam, maar de voor-islamitische wereld, waarin de zoroastrische godsdienst was ontstaan, werd niet ervaren als tegengesteld aan de islam, maar als een voorstadium daarvan. Daarom accepteerden de geestelijken de neo-achaimenidische kunst.

Toch is er kritiek geweest. Jalal Al-e Ahmad (1923-1969), een beroemde Iraanse intellectueel die sji’itische ideeën combineerde met het existentialisme, protesteerde tegen wat hij correct uitlegde als het scheppen van kunstmatig historisch erfgoed. Het was simpelweg onauthentiek, en voor een volgeling van Sartre en Camus was dat niet aanvaardbaar.

Lees verder “Neo-Achaimenidische kunst (3)”