Cultural appropriation

Max Weber, de vader van de typenleer

De wereld zit vreemder in elkaar dan ik weleens denk. Het schijnt momenteel nogal een dingetje te zijn dat de gehaktballetjes die je bij Ikea haalt niet volgens een traditioneel Zweeds recept zijn gemaakt, maar zijn afgeleid van Turkse köfte. Niet dat dat Turks is: de naam komt van het Perzische koofteh, “vermorzeld vlees”. Toevallig ben ik weleens in Turkije geweest en ook in Iran, en toevallig heb ik ooit gedacht aan het verzamelen van köfte-recepten, omdat die overal tussen Belgrado en Lahore steeds anders zijn. Met nootjes erdoor, met een pruim erin, met wortel of een gekookt ei – ik heb ze allemaal weleens gegeten en ik heb nooit het idee gehad dat ze heel anders waren dan de West-Europese ballen des gehakts.

Omdat ik niet zou weten wat er Turks aan gehaktballen kan zijn, kon ik wel lachen om het grapje dat ik diverse keren tegenkwam op de sociale media: dat de Zweden zich hadden bezondigd aan cultural appropriation. Wat mij een onschuldige grap leek, bleek echter menens: het NRC Handelsblad meldde afgelopen vrijdag dat een Turks agentschap voor economische samenwerking Ikea had beschuldigd van culturele toe-eigening. De wereld zit vreemder in elkaar dan ik weleens denk.

***

Artikelen over cultural appropriation lees ik altijd met een zeker ongemak. Als ik het goed begrijp – en dat is wel mijn oprechte bedoeling – komt het erop neer

  1. dat de mensheid valt te verdelen in groepen,
  2. dat sommige groepen bevoorrecht zijn en andere niet,
  3. dat bevoorrechte groepen stukken erfgoed van niet-bevoorrechte groepen overnemen, en
  4. dat dit een vorm van onderdrukking is.

Ik begin bij punt twee. Ongelijkheid is een reëel gegeven. In elk geval ikzelf behoor, zoals ik een half jaar geleden beschreef, tot de meer bevoorrechten. Akkoord, ik zou liever vijf jaar eerder zijn geboren, zodat ik nog de wetenschappelijke opleiding had kunnen krijgen die ik zo graag had gehad, en het is waar dat de sloop van de universiteit voor mij een vormende ervaring is geweest, maar ik denk ook dat ik méér ben dan alleen lid van de eerste generatie na de babyboom. Mijn in dit ene opzicht ongunstige geboortejaar definieert niet wie ik ben (hoe belangrijk het voor mij ook is geweest) en bepaalt ook niet tot welke groep ik behoor. Ook ben ik meer dan uitsluitend mijn huidskleur, mijn Nederlandse paspoort, mijn seksuele voorkeur, mijn woonplaats, mijn beroep of mijn leeftijd (eigenschappen die voor andere mensen belangrijk kunnen zijn om mij te typeren).

Hetgeen me brengt bij punt één: het bestaan van groepen. Je kunt een discussie verhelderen door ideaaltypen te formuleren, maar ideaaltypen corresponderen niet per se met de werkelijkheid. Het zijn middelen om de gedachten te scherpen en die je, als je je ideeën scherp hebt gekregen, empirisch moet onderbouwen. Tot dat zo is, mag je ze niet verabsoluteren. Nog anders gezegd: mensen zijn te complex om ze te reduceren tot hun positie aan de ene of de andere kant in slechts één machtsrelatie. Er zijn meer tegenstellingen denkbaar en ik ben er niet zeker van of artikelen over cultural appropriation wel gaan over de belangrijkste van alle mogelijke tegenstellingen. Is dat niet het geval, dan worden in deze discussie geen maatschappelijke groepen beschreven, maar worden ze gevormd. En tegenover elkaar gezet.

Waar ik eveneens moeite mee heb, is het idee – punt vier – dat het een vorm van onderdrukking is andermans erfgoed toe te eigenen. Niet dat ik het niet zou herkennen. Ik snap althans wel iets van de moslims die zich vernederd voelden toen Karl Lagerfeld een jurk ontwierp met geborduurde Koranteksten op boezemhoogte. Ook was ik verbijsterd toen een poenig management-kantoor zich presenteerde met de iconische foto van Che Guevara. Beide voorbeelden waren tactloos, maar lijken me eerder domheid dan onderdrukking.

Uiteraard kun je over al het bovenstaande van mening verschillen. Waar culturen contact hebben, nemen ze elementen van elkaar over en wat de een beschouwt als onschuldig of op zijn ergst als tactloos, beschouwt een ander als intens krenkend. Daarover zullen mensen wel nooit hetzelfde denken maar de meningsverschillen blijven beheersbaar zolang mensen erkennen dat de ander óók gelijk kan hebben (een vermogen dat overigens lijkt te verdwijnen uit een samenleving waarin mensen informatie moeten selecteren). Het gaat me in dit stuk niet om welles-niets maar om iets anders: om de waardering van culturele overnames, het derde punt.

Zie ik het goed, dan heeft de West-Europese cultuur, wat die ook moge zijn, op dit punt een nogal eigen ontwikkeling gehad. En dat brengt me bij de Romeinen, waar ik het feitelijk over wil hebben.

[Wordt vervolgd]

3 gedachtes over “Cultural appropriation

  1. Pieter

    Heel verhelderend stukje! (De volgende twee ook.) Ik vind de hele discussie over culturele toeëigening moeilijk en lastig en ik ben blij dat ik het dankzij jou wat klaarder zie.
    Mag ik jouw insteek gebruiken voor een eventuele discussie met mijn leerlingen van het zesde middelbaar?

  2. FrankB

    Ik heb er Anousha Nzume er nog even op nagelezen (Hallo Witte Mensen). Je geeft punt 4 incorrect weer. Het gaat niet zozeer om onderdrukking. Het gaat vooral om (gebrek aan) waardering. De onderliggende groep koestert of ontwikkelt een bepaalde cultuuruiting; de algemene reactie is negatief. Maar dan zorgt de bevoorrechte groep ervoor dat die cultuuruiting in de mode geraakt – en niet alleen is de algemene reactie postief, de bevoorrechte groep krijgt er ook alle waardering voor.
    Om te zien hoe dat werkt kunnen we naar rock’n’roll en de Verenigde Staten kijken. Wie associëren wij witte mensen met rock’n’roll? Met Bill Haley en Elvis Presley (bekijk het lemma van de Ndlse Wikipedia maar eens – wie staat er op de foto?) Wie krijgen niet de waardering of minder dan ze verdienen?

    Little Richard’s Long Tall Sally werd pas een nationale hit (in de VSA) toen Pat Boone het uitbracht.
    In Nld was (en is) dat niet anders. Hoeveel liefhebbers van rock kennen deze gitaarheld?

    https://my.mail.ru/mail/nikishovaylia/video/22202/22204.html?time=16&from=videoplayer

    Wie weet dat hij als eerste klassieke muziek met rock’n’roll fuseerde?

    Die waardering gaat naar Procol Harum of ELP.
    Op deze wijze draagt cultural appropriation wel degelijk bij aan de verdere marginalisering van onderliggende sociale groepen.

    PS: Black Eyes is gebaseerd op een Oekraiens volksliedje. Dus nogmaals: het gaat niet om een bezwaar tegen culturele kruisbestuiving, het gaat om waardering.

    1. Dank je voor de verwijzing naar Anousha Nzumes *Hallo Witte mensen”. Ik heb het boek meteen gekocht en in een ruk uitgelezen. Een heldere, meevoelbare en tot nadenkende stemmende uiteenzetting van een begrippenkader om naar witheid te kijken! Enigszins pijnlijk soms en leerzaam en nieuwsgierig makend.

Reacties zijn gesloten.