Aarzelend voorwaarts – maar waarheen? (1)

Ik ben even de weg kwijt.

Als rusteloosheid, een gevoel van malaise en een onvermogen effectief toekomstplannen te maken symptomatisch zijn voor corona, dan ben ik er de afgelopen maand door ingehaald. Niet dat het slecht gaat. Ik ben gezond, had voldoende spaargeld om door de afgelopen maanden te rollen en kon naar Wallonië uitwijken toen ik onlangs mijn huis aan familieleden moest uitlenen. Nu dat laatste zich herhaalt, kan ik terecht bij twee van de vaste lezers van deze blog – ik kan rekenen op steun van talloze mensen. Ik ben een gezegend mens en dat ben ik me elke dag bewust.

Maar eerlijk is eerlijk: ik ben rusteloos en richtingloos. De eerste corona-weken ging het allemaal wel. Ik had in vrij korte tijd vier boeken gepubliceerd (Constantijn, Xerxes, Wahibre-em-achet en Bedrieglijk echt) en had een achterstand bij allerlei ander werk. Een deel van die achterstand heb ik kunnen wegwerken, maar niet alles. Langzaam zonk bij me in dat sommige projecten nooit af zouden komen en dat geeft me een naar gevoel. Ik ben te vaak aan iets begonnen en heb te veel energie gestoken in mislukkingen. Volgens mij kan The Seven Habits of Highly Effective People worden samengevat als “alles wat Lendering niet is”.

Een overzichtswerk?

Omdat ik dat niet als grafschrift wil, heb ik de afgelopen zomer allerlei toekomstplannen de revue laten passeren.

Idee één: een algemeen boek schrijven over mijn vak waarin, anders dan in de gebruikelijke handboeken, de nadruk niet ligt op feiten, teksten, voorwerpen, processen en personen maar op oudheidkunde als wetenschap.

  • Inleiding: een zeer korte geschiedenis van de Oudheid.
  • Eén: wat is een feit, welke bloedgroepen zijn er, wat is een oorzaak, hoe lees je een tekst, hoe analyseer je vondsten?
  • Twee: een minder korte geschiedenis van de Oudheid aan de hand van achttien problemen.
  • Drie: wat kun je nu met de Oudheid? Daarin ook de tien invloedrijke teksten die ik al eens eerder behandelde.

Conclusie: best te doen. Maar ik heb meer toekomstplannen.

Een proefschrift?

Ik kan niet zeggen dat dit blogstukje, waarin ik aangaf dat ik nooit zou promoveren, zonder gevolgen bleef. Verschillende wetenschappers namen de moeite me uit te leggen wat ik verkeerd zag. Ik heb de afgelopen weken heel serieus nagedacht over wat ze me zeiden. Ik heb diverse mensen om advies gevraagd en ze maakten allemaal tijd voor me vrij om mee te denken.

Het idee is te onderzoeken wat de verschillende oudheidkundige bloedgroepen van elkaar kunnen leren. Classici hebben een intelligent aanbod waarmee ze jonge mensen zin leren geven aan onze complexe wereld. Nadeel: classici plaatsen hun licht onder de korenmaat die gymnasium heet. Archeologen zijn dan weer wel democratisch in hun aanpak maar hebben alleen een eerste lijn. Bijbelwetenschappers hebben zowel een goed aanbod als een brede aanpak, maar lijden onder een reputatie magnietters en zieltjeswinners te zijn.

Ze kunnen veel van elkaar leren en dat zou een zinvol proefschrift opleveren. Of dat nu een onderzoek naar effect zou zijn met conclusies over wat wel en wat niet werkt, of dat het een verhalend verslag zou zijn over vijftig jaar voorlichting – daar ben ik nog niet uit.

Ik kan op dit punt wellicht afronden met de conclusie dat dit best te doen valt, maar ik heb deze zomer ook gezien hoe ineffectief ik ben. Oké, familieomstandigheden en corona, maar ook als ik volgend jaar aan een proefschrift werk, heb ik familie en ik denk niet dat het aantal coronadoden beperkt zal blijven tot de 9000 oversterfte van de eerste golf. Maar goed: ook een proefschrift is uitvoerbaar.

Maar…

Dit waren twee wegen vooruit: tweemaal “zusammenbringen was zusammengehört”, twee keer werken aan een betere voorlichting over de Oudheid, twee projecten om mensen te laten begrijpen dat oudheidkunde een wetenschap is, twee manieren om antwoord te geven op de vraag wat het ministerie van OCW moet met musea vol opgegraven potten en pannen, twee toekomstplannen om een kleine bijdrage te leveren aan het overleven van de oudheidkunde als wetenschap. Een wetenschap bloeit echter alleen als er een betekenisvolle universitaire component is. En op dit punt ben ik somberder.

[Wordt vervolgd]

12 gedachtes over “Aarzelend voorwaarts – maar waarheen? (1)

  1. Ben Spaans

    Vier boeken achter elkaar terwijl je een paar jaar geleden zwoer er nooit meer 1 te schrijven, jarenlang een blog vrijwel elke dag bijhouden…je legt de lat wel erg hoog voor jezelf met je gevoel van inefficiëntie…er zijn mensen waar veel en veel minder uitkomt.

  2. FrankB

    Dit soort calvinistische psychologische druk heb ik lang geleden al afgelegd. Mijn benadering: heb je er zin in (of het nou dat proefschrift is of iets anders)? Is het haalbaar (blijkbaar wel, gegeven “best te doen”)? Zo ja, gewoon er aan beginnen, flink je best doen (lukt prima, zolang je er zin in hebt – psychologie kan erg eenvoudig zijn) en je totaal niet druk maken over inefficiëntie. Dan doe je er maar een jaar langer over. Of anderhalf jaar. Je hoeft niets meer te bewijzen en hoe efficiënt je al dan niet bent zal geen verstandig mens een rooie rotzorg zijn. Invloed op de coronacrisis en de klimaatverandering heeft het alvast niet.

    “Een wetenschap bloeit echter alleen als er een betekenisvolle universitaire component is.”
    Dat ligt niet aan jou, dus neem geen verantwoordelijkheid op je voor iets waar je toch niets aan kan doen. Maw: dit is alleen een geldig argument als het je zin in het project vermindert.

    “Maar ik heb meer toekomstplannen.”
    Bedenk dan wat je het liefste zou doen, waar je het meeste plezier aan beleeft. Zet dat boven aan je lijst.

  3. FrankB

    Bijna helemaal off-topic, maar via The Sensuous Curdmudgeon vond ik dit.

    https://answersingenesis.org/archaeology/ancient-egypt/were-the-pyramids-built-before-the-flood/

    Dus vergeet het maar, Jona, je kunt beter konijnen gaan fokken of zo. Al je tientallen jaren van hard werken zijn voor niets geweest. Je zat er he le maal naast.
    Wie denkt dat geen er geen Nederlandse bijdrage is aan deze oudheidkundige revolutie kan ik Logos dot nl aanraden. Moderne antropologie, archeologie, geschiedenis en theologie onderzoeken urgente onderwerpen als “Noach en het einde van Atlantis” (zelf googelen aub).

    PS: laatst las ik dat 10% van die oh zo verstandige, nuchtere Nederlanders complottheorieën mbt de coronacrisis accepteert. Oudheidkunde is neit het enige vakgebied dat Me dunkt dat dat genoeg maatschappelijke relevantie voor je proefschrift oplevert.

    “Bijbelwetenschappers ….. lijden onder een reputatie magnietters en zieltjeswinners te zijn.”
    Als verstokt ongelovige wil ik best getuigen dat ik daar nooit iets van heb gemerkt. Natuurlijk, ik vind hun onderzoeksgebied grotendeels oninteressant, maar ja, dat vind ik van gentechnologie ook. De ambitie een Homo Universalis te worden heb ik al een tijdje geleden laten vallen.

    1. FrankB

      “Oudheidkunde is neit het enige vakgebied dat” onder de door jou zo vaak treffend beschreven wetenschapscrisis lijdt.

  4. A h Rots

    Ik kan me zoiets als een rotonde met vele afslagen goed voorstellen
    Voor je het weet ben je op de afslag terug.

    Als geïnteresseerde leek lijkt het mij nu eens nuttig om te inventariseren welke grote onopgeloste vragen uit de oudheid opgelost kunnen worden met nieuwste en laatste onderzoeksmethoden.

    Zo van is de onderarm of stukje stof van meneer x in het graf 1 nu werkelijk verwant aan dat van y 1000 km verderop.

    Dit kan ons een beter beeld geven van de lijnen die er onder het zichtbare oppervlak lopen.

    Maar geef mijn steun direct voor een beter idee.

    Alles om een stap voorwaarts in het bevatten van ons verleden te zetten.

    Alvast bedankt

  5. Marcel Meijer Hof

    Hmm, ontwaar ik misschien de eerste symptomen van wat men gemeenlijk een midlife-crisis pleegt te noemen ? Wanneer je je zorgen maakt over je efficiëntie, sla dìe crisis dan maar gewoon over !
    – Dat je de wereld niet gaat redden, dat besef kwam (meestal) rond je dertigste. Dat kun je nu afvinken.
    – Uit de aard der zaak komen sommige zaken NOOIT af. Sinds ik dat betrok op de huishoudelijke taken van mijn moeder ben ik overtuigd feminist – ik was een jaar of acht :-]
    – Zelf nader ik de pensioengerechtigde leeftijd met lichte tred. De huidige overwegingen gaan in de richting van « Hoe laat ik de erfenis een beetje netjes achter ? »

    Mijn aanbeveling zou zijn: Ga promoveren, dat geeft doel en richting en minder tijd voor muizenissen in het hoofd. Neem je tegelijk voor – dan kun je er rekening mee houden – om het proefschrift om te werken/uit te breiden tot een vakinhoudelijk handboek. Dat vat een werkzaam leven mooi samen. Drie vliegen in een klap. Efficiënt – hoorde ik iemand dat fluisteren ?

    Lof en dankbaarheid voor alles wat je dagelijks tot stand weet te brengen.

  6. Tja… Het meeste is hierboven eigenlijk al gezegd. Ik moet eigenlijk wel een beetje grinniken om het gemopper over de eigen inefficiëntie. Iedere dag een blogstuk – en niet zomaar een, en dat al jarenlang, projecten en cursussen door het hele land, met de regelmaat van de klok een boek, en dat noemt zichzelf dan inefficiënt. Heb je de rest van de mensheid wel eens bekeken? Misschien moest je ook bedenken dat je om ‘op te laden’ een zekere vorm van leegte nodig hebt. Misschien zit die wel in die zogenaamde inefficiëntie?

  7. Michel Gastkemper

    Waar ik aan denk, is een eigen radioprogramma, of anders een vaste rubriek in een wekelijks radioprogramma. Als dat niet kan, een wekelijkse podcast. Een televisieprogramma laat zich waarschijnlijk niet realiseren, dus dan is dit een mooi alternatief.

  8. sara

    Er zijn dus nog meer toekomstplannen.
    Goh, dat lijkt me wel een luxe probleem. Maar daarom niet minder een probleem.

    Je kunt doen a) wat het meeste geld oplevert, b) wat je het meest aanzien oplevert, c) wat het beste voor je vakgebied is en d) wat je het meeste plezier en animo en tijd voor familie geeft.
    En verder wat FrankB hierboven zegt.

    Maar alles met mate.
    Zegt deze oude dame.

  9. Nicolien Mizee

    Ik heb een vriendin diverse stukjes van jou doorgestuurd. Ze is genezen van tenminste één complottheorie en heeft een boek van jou “Israël verdeeld” gevraagd voor haar verjaardag. Wie slechts één mens redt, redt een volk. Ik denk dat je iets te hard gewerkt hebt.

    1. @nicolieen mizee: ik val met de deur in huis, wanneer komen de delen van Faxen aan Ger uit? Ik doel op de delen 4, 5, 6, 7 enz. Ze waren schitterend. Ik hoor van Jaap(tuin) dat je bezig bent met een nieuw boek. Maar nogmaals, ik wil graag nog veel en veel meer Faxen. Groet via het Kerkplein te B’wijk.

Reacties zijn gesloten.