Geliefd boek: Empires of the Indus

Alice Albinia (1976, Londen) studeerde Engels in Cambridge, daarna Zuid-Aziatische geschiedenis aan het SOAS (School of Oriental and African Studies) in Londen. Haar plan is om de Indus op te varen. Daarvoor leert ze Urdu. Het SOAS bezit een zeer uitgebreide bibliotheek en daar zal ze veel hebben gelezen, zo doet de uitgebreide literatuurlijst vermoeden. Empires of the Indus. The story of a River (2008) is veel meer dan een avontuurlijk reisverhaal. Ze combineert haar waarnemingen en gesprekken met historische verhandelingen over veranderingen in Afghanistan, India, Pakistan en Tibet.

‘In a land where it seldom rains, a river is as precious as gold,’ begint Albinia haar voorwoord. De Indus heeft zijn monding in Pakistan. Daar begint haar boottocht over de rivier, maar door de vele irrigatiewerken verder naar het noorden is de rivier erg ondiep geworden. De boot komt niet ver.

Vermengende ideeën

Gedurende haar reis ontdekt de schrijfster steeds weer dat de rivier, zoals dat al eeuwen het geval was, een plaats is waar mensen, ideeën en religies met elkaar vermengen en veranderen. Omdat er zoveel mensen zijn die daar samenkomen, slaagden noch de islam, noch het hindoeïsme er in zijn originele zuiverheid te behouden. In de praktijk blijven beroepen soms wel strikt naar godsdienst gescheiden.

In de zuidelijke stad Karachi ziet ze een man die in een straatput werkt. Ze vraagt aan iemand die toekijkt wat de man doet. Er is een verstopping in het riool, krijgt ze te horen. Hij is de voorman en vertelt dat die Bhangis (een Indiase kaste die traditioneel rioleringen schoonmaakt en dode lichamen behandelt) dat altijd hebben gedaan. ‘Only non-Moslims do this sewer work. It is forbidden for us.’

Jinnahs wensdroom

Dat Pakistan bestaat, is te danken aan de advocaat Muhammed Ali Jinnah (1876-1948) die al in de jaren dertig van de vorige eeuw een groot pleitbezorger was van een eigen land voor alle moslims in India. Hij werd de eerste president van de nieuwe staat. Tot zijn ontzetting zag hij dat zijn wensdroom veel bloedig geweld tot gevolg had. Tijdens de massale verhuizingen van moslims uit India naar Pakistan en hindoes uit Pakistan naar India kwamen miljoenen mensen om.

Albinia spreekt met Zohra die dat begin nog heeft meegemaakt. Ze heeft veel pijnlijke herinneringen aan het bloedbad dat ontstond bij de verdeling van de Punjab in een Pakistaans en een Indiaas deel, waarbij ze haar familie grotendeels verloor. Veel mannen werden vermoord en vrouwen werden ontvoerd. Zohra’s broer gaat later op zoek naar die vrouwen. Ze zijn sikhs geworden, getrouwd en hebben kinderen. Pakistan is een vreemd land voor hen. Zelf zijn ze volledig veranderd. In Pakistaanse schoolboeken worden sikhs als ‘moorddadige slagers’ afgeschilderd.

Leaving middle-class prejudices behind

Na afscheid te hebben genomen van de scheepsbemanning vervolgt Albinia haar reis en bezoekt Bhitshah ten noorden van Hyderabad waar een feest ter ere van een beroemde achttiende eeuwse zanger, die daar begraven ligt, wordt gehouden. Ze slentert langs feestelijkheden en ziet een hijra (een transexueel) dansen met rinkelende belletjes rond haar enkels. Gedurende het niet-sektarische en onofficiële feest heerst er een ongebruikelijke vrijheid, enigszins vergelijkbaar met een middeleeuws carnaval. Het is te zien als een koppig verzet tegen de Pakistaanse sociale hiërarchie en religieuze striktheid. Dat brengt geen verandering in de beperkte vrijheid, maar is wel een belangrijke uitlaatklep, zoals een journalist die haar vertelt dat hij ieder jaar naar het feest komt ‘leaving my middle-class prejudices behind in Karachi,’ goed aangeeft.

Alexander de Grote zal aan India weinig hebben veranderd, hij voerde voornamelijk oorlog en zijn verblijf duurde niet lang genoeg, meent de schrijfster. Maar zijn naam is niet vergeten. De schrijfster wil naar Afghanistan om de oude route van Alexander de Grote te volgen. Daarvoor moet ze toestemming zien te krijgen om de Nawa Pass over te trekken. Ze gaat naar een belangrijke Pakistaanse generaal om hem om toegang te vragen. De goede man weet niet wat hij hoort, complimenteert haar met haar goede Urdu en prachtige jurk, zwijgt lang en belt dan toch de secretaris van de Federally Administrative Tribal Areas. Ze mag en begeleiding zal op haar wachten bij de pas. Verder wordt er wederzijds gezwegen over hoe ze denkt die oversteek te zullen maken. Hoe oud bent u, vraagt de generaal. Negenentwintig is de schrijfster gedwongen te antwoorden. ‘The age that Alexander was when he came here,’ zegt hij lachend.

Afghanistan

Zoals te verwachten zit niemand op haar onaangekondigde bezoek te wachten in Afghanistan. Bovendien begint in de vroege zomer de Taliban met een offensief en raken wegen en passen geblokkeerd door bommen en zelfmoordaanslagen. Na veel moeite slaagt ze erin om de route van Alexander alsnog te voet af te leggen. Dat ze als gehuwde vrouw alleen door Afghanistan reist is eigenlijk ondenkbaar. Waar is je echtgenoot wordt haar voortdurend gevraagd.

Grappig is te zien dat wereldnamen ook daar zijn doorgedrongen. Hoe gaat het met koningin Elisabeth Taylor wordt haar een keer gevraagd. Treffend is de grote gastvrijheid. Over de oude zijderoute schrijft ze uitgebreid en ze observeert nieuwe illegale handelsroutes in Swat. Het valt haar op dat veel Boeddhabeelden zijn verminkt. Terug in Pakistan wordt haar door de douane een feestmaaltijd aangeboden. Dit is Pakistan krijgt ze te horen. “I sigh, as I rip apart a goat’s thigh with my fingers.” De mannen lachen “Best country in the world. What did we tell you?”

Tibet

Haar reis eindigt in Tibet waar ze de oorsprong van de rivier wil bezoeken. Ze kan die echter niet vinden. Ze vraagt een Chinese voorbijganger waar de rivier is. Die zoekt in haar tassen naar een zaklantaarn. Het dringt langzaam tot haar door wat de man bedoelt: elektriciteit. Het blijkt dat vlakbij een grote dam is gebouwd die het doorstromen van de Indus heeft gestopt.

Het boek bevat nog veel meer van zulke waarnemingen die u zelf maar moet lezen. Albinia is een uiterst nieuwsgierige en ondernemende reiziger. Zo wordt duidelijk welke ecologische ramp zich volstrekt met die stuwdammen. Ze beschrijft hoe door nieuwe ontmoetingen en berichten van ver het leven van mensen in de buurt van een rivier voortdurend in verandering is. Maar bovenal laat ze zien dat mensen in persoonlijk contact zich hartelijker gedragen dan de officiële opvattingen van een extreem religieus regime doen vrezen.

[Op mijn uitnodiging aan de vaste lezers van deze blog om geliefde boeken te delen, ging Huibert Schijf voor de zesde keer in. Bedankt Huibert!

Mocht nog iemand zin hebben om mee te doen – stuur maar in. De lockdown duurt nog wel even, er is geen bal op TV maar wel een avondklok, en u verrijkt uw mede-blog-lezers door ze op mooie boeken te attenderen.]

Een gedachte over “Geliefd boek: Empires of the Indus

Reacties zijn gesloten.