
Onlangs zag ik in de supermarkt hoeveel soorten olijfolie leverbaar waren, en toen dacht ik aan overvloed en aan de “hoorn des overvloeds”: de cornucopia. Dit oude mythologische symbool is vanaf de Renaissance gedegradeerd tot decoratie, maar het bezit een diepere betekenis. Maar eerst de mythe.
Geitenhoorn
Over het ontstaan van de “hoorn des overvloeds” is weinig discussie. Hij stamt uit de Grieks-Romeinse mythologie. Het Latijnse cornucopia is een samentrekking van de woorden cornu (hoorn) en copia (voorraad) en het voorwerp heette in het oorspronkelijke Grieks Keras Amaltheias, de “hoorn van Amaltheia”. Dat was de geit die de jonge oppergod Zeus voorzag van melk. Toen één van haar hoorns afbrak vulde Zeus deze met allerlei rijkdommen en gaf hem aan de godin Tyche, de menselijke fortuin. Naast het roer (als richtinggever van het menselijk bestaan) en het “rad van fortuin” is de cornucopia een van de goddelijke attributen van Vrouwe Fortuna.
Enkele vruchtbaarheidsgodinnen namen het voorwerp over: Kybele, Demeter en Gaia. De link tussen de cornucopia en vruchtbaarheid is snel gelegd, al moeten we oppassen. Ogenschijnlijk logische verbanden kunnen continuïteiten suggereren die er niet zijn, of tradities door elkaar husselen.
Andere mythen
Er is nog een andere Griekse mythe over het ontstaan van de hoorn des overvloeds. Die speelt zich af bij de rivier de Acheloös, waar de gelijknamige riviergod een conflict had met Herakles. Tijdens het gevecht veranderde Acheloös steeds van gedaante. Toen hij van een kronkelende slang veranderde in een woeste stier, zag Herakles zijn kans en brak een van zijn hoorns af. De plaatselijke waternimfen ontfermden zich over de hoorn en vulden die met geurige bloemen.
Tot zover de klassieke mythologie.

Betekenis en symboliek
Zoals ik al opmerkte, werd de cornucopia vanaf de Renaissance een decoratief symbool. Het gaat meestal om niet meer dan een hoornvormige mand vol bloemen of etenswaar.
Maar het is dus, van oorsprong, de hoorn van een geit (v) of een stier (m). Dat heeft alles te maken met vruchtbaarheid, of althans geslachtsdrift. Men associeerde hoorns ooit met de ontembare kracht en de potentie van de geiten, bokken en de stier. Dat is misschien ook de reden waarom in het volksgeloof gemalen hoorn geldt als afrodisiacum en waarom het Engels nog altijd het woord horny kent.
Geit en stier worden vrijwel universeel geassocieerd met vruchtbaarheid en potentie. In de Noordse mythologie strekt zich dit uit naar het vermogen tot regeneratie. Voor Thors strijdwagen lopen twee magische geiten, die als maaltijd kunnen dienen, maar de volgende dag weer terugkeren zolang huid en botten intact blijven.
[Een postume gastbijdrage van Hans Overduin.]

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.