Filon van Byblos over Jahweh

Twee tempels in Romeins Byblos (munt, te zien in het RIjksmuseum van Oudheden, Leiden)

Een tijdje geleden stelde ik Filon van Byblos aan u voor. Ik attendeerde in latere stukjes op zijn euhemerisme en op zijn uitvindingenreeks. Hij vat ook enkele oude mythen samen. Filon is ook bekend omdat hij enkele opmerkingen maakt die passen bij de verering van Jahweh.

En voor u nu denkt “het jodendom dus”: nee. Aan het begin van de IJzertijd was Jahweh een van de vele goden, ook in het gebied van de koninkrijkjes Israël en Juda. Er was in die twee staatjes wel een neiging Jahweh als enige te vereren, en daaruit is het jodendom in een voor ons herkenbare vorm voortgekomen; ook eiste Jeruzalem dat de plaatselijke tempel de enige cultusplaats zou zijn, maar dat wilde natuurlijk niet zeggen dat andere heiligdommen zich zomaar lieten opheffen. Er is bewijs voor andere Jahweh-tempels tot in de eerste eeuw na Chr. Kortom, het is op voorhand plausibel dat een auteur uit Fenicië ook iets te zeggen heeft over een niet op Jeruzalem gebaseerde, niet-monotheïstische verering van Jahweh.

Lees verder “Filon van Byblos over Jahweh”

Filon van Byblos: uitvindingen

Een Fenicisch schip en een zeemonster (Nationaal Museum, Beiroet)

Ik stelde Filon van Byblos al aan u voor: levend in Byblos in de tweede eeuw na Chr. schreef hij een Fenicische Geschiedenis waarin hij een rationele verklaring gaf voor de oude mythen. De goden van weleer waren niets anders geweest dan verdienstelijke koningen en andere stervelingen. Deze visie staat bekend als euhemerisme. Daarover blogde ik een week of drie geleden.

Het is misschien aardig eens te zien hoe Filon van Byblos al die verdienstelijke stervelingen behandelt. Of beter: we kennen zijn verhaal alleen uit citaten, en ik neem aan dat bisschop Eusebios, die het navertelt, wat heeft bekort. Hier zijn Eusebios’ woorden, in de vertaling die Hein van Dolen voor de gelegenheid heeft gemaakt.

Lees verder “Filon van Byblos: uitvindingen”

Het euhemerisme van Filon van Byblos

Een oeroud beeldje uit Byblos (nu te zien in het Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

Een tijdje geleden stelde ik Filon van Byblos aan u voor. Hij leefde in de tweede eeuw na Chr. en schreef een Geschiedenis van Fenicië. Die is alleen bekend uit citaten bij de christelijke auteur Eusebios, maar de zeven of acht passages zijn voldoende om te constateren dat Filon een zogenoemde euhemerist was. Euhemerisme wil zeggen dat een auteur, in een tijd waarin geletterde Grieken zochten naar rationele verklaringen voor de aloude mythen, de goden probeerde te typeren als verdienstelijke stervelingen. Alexander de Grote was het prototype van iemand die dankzij indrukwekkende werken goddelijke eerbewijzen had verworven.

Rationele mythen

Het is een intrigerend verschijnsel, dat euhemerisme. Het dilemma snappen we: je herkent dat de oude mythen ongeloofwaardig zijn maar wil ze ook niet als betekenisloos opgeven. Dan zoek je een rationele manier om ze anders uit te leggen. Je kon dan bijvoorbeeld een natuurwetenschappelijke verklaring geven: als Poseidon ook wel de “aardschokker” heette en als er een mythe was dat hij een kloof had vervaardigd, dan zou wel een aardbeving bedoeld zijn geweest. Of je kon een verhaal weg-allegoriseren, waarbij je een diepe, verborgen betekenis aannam. Het overspel van Ares en Afrodite was dan geen verhaal over ontucht maar bracht tot uitdrukking dat de kosmos ontstond door de afstoting en aantrekking van atomen. Euhemerisme was, naast de natuurwetenschappelijke en allegorische uitleg, een derde strategie.

Lees verder “Het euhemerisme van Filon van Byblos”

De mozaïeken van Byblos

Seilenos (Nationaal Museum,. Beiroet)

Ik maak het mezelf even niet te moeilijk vanmiddag. Hierboven een mooi mozaïek uit Byblos. Op de expositie die volgende week begint in het Rijksmuseum van Oudheden is een ander mozaïek te zien. En in het filmpje hieronder klets ik over een derde mozaïek, dat te groot bleek om naar Leiden over te brengen. Daarvoor zult u dus naar Beiroet moeten, waar het is te zien in het Nationaal Museum.

Lees verder “De mozaïeken van Byblos”

Het altaar van Machnaqa

Het altaar in Machnaqa

Machnaqa – je spreekt de /q/ in het Libanees niet uit – is een klein dorp op de westelijke hellingen van het Libanongebergte, halverwege de aloude heilige stad Byblos en de bronnen van de Adonisrivier bij Afqa. Pelgrims die de rivier volgden, passeerden Machnaqa. Er staat nog altijd een oud altaar, waarbij u eigenlijk moet denken aan een lage toren. Zie boven. Altaren als deze stonden vaak op bergtoppen en dat is ook hier het geval. De vakterm is “high place of worship”.

Zoals andere cultusplaatsen was ook Machnaqa omgeven door een grote, rechthoekige omheining (de “temenos”, om nog een jargonterm te gebruiken). We weten niet welke godheid hier vereerd is geweest, maar de grote omvang van de omheining suggereert dat er veel bezoekers konden zijn. Dat suggereert een zekere populariteit. Adonis is een plausibele kandidaat, want die werd zowel in Byblos als Afqa vereerd en de naam Machnaqa betekent zoiets als “plaats van rouw”, wat past bij de mythe over de gestorven en herlevende godheid.

Lees verder “Het altaar van Machnaqa”

De bron van Byblos

De bron van Byblos

Het plateau waarop Byblos verrees, bestaat uit twee heuvels, eigenlijk keihard geworden duinen. Daar tussenin lag nog tot in de jaren dertig van de vorige eeuw een bron. Regenwater dat neersloeg op de Libanon, sijpelde door allerlei aardlagen heen naar beneden, naar het voorgebergte, naar de uitlopers, naar de kust. En zo lag er, vlakbij de kust, een fijne bron voor redelijk zoet water. Nou ja, een tikje brak, want de zee was in de buurt.

Misschien dankt de stad haar naam aan de bron, want Byblos, Gubla in de Semitische taal die er in de Bronstijd werd gesproken, is te lezen als Gub-El, wat zoiets betekenen kan als “put van god”. Alleen weten we natuurlijk niet of er altijd een Semitische taal is gesproken in deze regio. Het kan gaan om een volksetymologie waarin aan een oude naam een nieuwe betekenis werd gegeven. Niemand weet wat Babylon betekent, maar latere bewoners hoorden er Bab-Ili in, wat zoiets betekent als “poort der goden”.

Lees verder “De bron van Byblos”

Adonis: mythe en rivier

De waterval bij Afqa.

U weet het: oudheidkundigen hebben altijd te weinig informatie. Dataschaarste is wat de oudheidkunde onderscheidt van andere wetenschappen. Leren denken over wat je weten kunt als je te weinig gegevens hebt, is de voornaamste vaardigheid die het vak biedt. En vaak weet de oudheidkundige helemaal niets. Of bijna niets.

Romeinse mythe

Zoals bij de mythe van Adonis. De naam is onmiskenbaar Semitisch – Adon betekent zoiets als “heer” – maar over de oudste, Fenicische mythe valt weinig te weten. We moeten tot de Romeinse tijd wachten eer we een bron hebben. Dat is de dichter Ovidius, die leefde aan het begin van onze jaartelling. In zijn Metamorfosen vertelt hij dat Adonis een knappe jager was die de aandacht trok van de godin Venus. Tot haar verdriet doodde een everzwijn haar minnaar, uit wiens bloed de anemoon was ontstaan.

Lees verder “Adonis: mythe en rivier”

Filon van Byblos over de berg Kasios

El op een stèle uit het museum in Aleppo

Een tijdje geleden blogde ik over de Grieks-Romeinse auteur Filon van Byblos, een tijdgenoot van keizer Hadrianus. Samenvattend: Filon schreef een achtdelige Geschiedenis van Fenicië, die we kennen uit citaten bij latere auteurs, zoals de Voorbereiding tot het Evangelie van bisschop Eusebios. Hierdoor weten we dat Filon gebruik maakte van een oud overzicht van de oosterse mythologie, dat zou zijn geschreven door ene Sanchuniathon.

Sanchuniathon

Wat Filon over die bron vertelt, geeft ons reden om te aarzelen. Sanchuniathon zou bijvoorbeeld hebben geleefd vóór de Trojaanse Oorlog en aan de oeroude verhalen een rationele uitleg hebben gegeven. Die rationalisering bestond uit euherisme, dat wil zeggen dat Sanchuniathon de goden presenteerde als koningen van vroeger. Dit is een in de vierde eeuw v.Chr. doorgebroken manier om te kijken naar inmiddels vreemd geworden oude mythen. Zo kon Alexander de Grote de Indische goden moeiteloos gelijkstellen aan Dionysos en Herakles. Dat waren in deze visie koningen als hij, die ook waren getrokken door de Indusvallei.

Lees verder “Filon van Byblos over de berg Kasios”

Apollo en Marsyas

Apollo met het hoofd van Marsyas (Torlonia-collectie)

Volgens de Griekse mythen was Marsyas een satyr: een meestal vrolijk natuurwezen met puntoren en een paardenstaart. Hij kon goed spelen op de diaulos (een dubbel fluit) en daagde op een dag de god Apollo uit: wie was de beste musicus? Een beetje een rare wedstrijd, want Apollo speelde lier, maar goed, het is een mythe. Apollo won en strafte vervolgens de arme Marsyas door hem aan een boom te binden en te villen. Er zijn diverse kopieën van de marteling van Marsyas: ik heb ze gezien in het Louvre, in de Glyptothek in München, in de Capitolijnse Musea en in de archeologische musea van Istanbul. Het was voor een kunstenaar een buitenkansje om zijn beheersing van de anatomie te tonen.

Het bovenstaande beeld behoort tot de Torlonia-collectie waartoe ook de Euthydemos en het meisje van Vulci behoren. Het toont Apollo met de huid van Marsyas in de hand. Het is een zogeheten pastiche: het is samengesteld uit onderdelen van klassieke standbeelden die eigenlijk niet bij elkaar horen, maar zijn samengevoegd tot een nieuw geheel.

Lees verder “Apollo en Marsyas”

Mithras: mysterie en mythe

Mithras doodt de stier (Nationaal Museum, Boedapest)

Ooit kreeg ik mail van iemand die een boek wilde schrijven over Mithras. Als hij had aangetoond dat het christendom slechts een derivaat was, zo schreef hij, had hij wraak genomen op de paters die zijn jeugd hadden verziekt.

Tja.

Als je een rekening met het christendom wil vereffenen, prima. Er valt beslist een boom over op te zetten. Maar als je dat doet, laat dan het verleden erbuiten. Wie dat benut om in het heden een punt te scoren, misbruikt het.

Dit heb ik destijds maar niet geschreven. Ik vermoedde een trauma. In plaats daarvan heb ik literatuurverwijzingen gegeven, inclusief een verwijzing naar de website van Roger Pearse. Die maakt korte metten met het misverstand dat het christendom op een of andere manier leentjebuur heeft gespeeld bij de verering van Mithras.

Zou ik de mail vandaag moeten beantwoorden, ik zou verwijzen naar de expositie in het Musée royal de Mariemont in Morlanwelz. Voor Nederlanders: dit schitterende museum, gelegen in een al even schitterend park vol zeldzame bomen, toont de fenomenale collectie van multimiljonair Raoul Waroqué, die haar in 1917 naliet aan de Belgische staat. Het dorpje Morlanwelz vindt u halverwege Bergen en Charleroi.

Lees verder “Mithras: mysterie en mythe”