Zes vragen aan Josine Schrickx

Josine Schrickx

De trouwe lezers van deze blog kennen de rubriek waarin dit de alweer vijfde aflevering is: met enkele vragen richten we de schijnwerper op de onderzoekers en het wetenschappelijk proces. Vandaag is het woord aan Josine Schrickx, die in München werkt aan de Thesaurus Linguae Latinae.

**

Wat bestudeert u?
Alles wat van het Latijn overgeleverd is vanaf de vroegste fragmenten uit de zesde/vijfde eeuw v.Chr. tot ca. 600 na Chr. Ik ben eindredacteur van het grootste woordenboek van het Latijn, de Thesaurus linguae Latinae.

Wat doet u nou concreet?
Wij maken een woordenboek van A tot Z, dus we behandelen alfabetisch alle woorden die zijn overgeleverd, of het nu hoogdravende woorden in een epos zijn of scheldwoorden op een muur in Pompeii, of een specifiek begrip uit de geneeskunde. Dit doen we aan de hand van een enorm archief van systeemkaartjes, dat aan het eind van de negentiende eeuw is gemaakt, een soort analoge database, waarin alle woorden alfabetisch geordend voorhanden zijn.

Dozen vol systeemkaarten

Maar in feite zit ik de hele dag achter de computer, of in de bibliotheek. In de kaartenbak staan per woord alle citaten in chronologische volgorde, dus de oudste citaten vooraan, de jongste achteraan. Zo kun je goed de geschiedenis van een woord meebeleven. De citaten zelf haal ik meestal uit een online-database, en op mijn computer deel ik ze in groepen in en maak er zo een artikel voor het woordenboek van, en wel in het Latijn! In de bibliotheek controleer ik de citaten in moderne edities, en kijk ik bij moeilijke citaten in commentaren en vertalingen. Soms heb ik meerdere dagen nodig voor één citaat, soms kijk ik op één dag tientallen citaten door. Maar aangezien ik eindredacteur ben, controleer ik vooral wat andere medewerkers hebben geschreven, en coördineer ik wie wat wanneer moet inleveren.

Wat is de voornaamste hindernis bij uw onderzoek?
Dat we niets meer kunnen vragen aan de mensen in de Oudheid. We moeten zelf zien te achterhalen wat de woorden betekenen, wat de oorsprong van een woord is, hoe het werd gebruikt en uitgesproken. De context ontbreekt ook vaak, dus als er wordt verwezen naar een bepaalde gebeurtenis, weten we niet altijd wat er precies gebeurd is. Als er een bepaald gereedschap wordt gebruikt, weten we niet precies hoe het eruit zag. De teksten zijn bijna allemaal overgeleverd doordat ze steeds weer werden overgeschreven. In dat proces zijn fouten ontstaan, zodat we niet precies weten wat de oorspronkelijke auteur precies heeft geschreven. Van sommige werken zijn maar een paar boeken overgeleverd, van sommige auteurs maar een paar regels.

Hoe vergroot dit welk inzicht?
We werken mee aan de reconstructie van de Romeinse wereld. Door de taal zien we de mensen. Ons woordenboek is echt voor wetenschappers bedoeld, maar dan wel voor alle wetenschappers die op welk deelgebied dan ook iets over de Oudheid willen weten. Dus voor wetenschappers die met inscripties bezig zijn, of met de geschiedenis van het recht of van de geneeskunde, die edities van Latijnse teksten maken, die een commentaar of vertaling van een Latijnse tekst maken, die zich met het Indo-Europees of Romaanse talen bezighouden, of die een schoolwoordenboek Latijn willen schrijven of updaten. Wij doen echt Grundlagenforschung, moeten daardoor van ieder deelgebied van de Romeinse Oudheid iets afweten. Gelukkig kunnen we ook specialisten voor die deelgebieden om raad vragen.

Welk boek over uw onderwerp zou eigenlijk iedereen moeten lezen?
Alle boeken van James (Jim) Adams, speciaal:

En alleen al vanwege de titel:

Deze boeken zijn wel bedoeld voor specialisten. Maar Adams laat goed zien, hoe het Latijn regionaal en sociaal kon verschillen. Hij wist ongelooflijk veel en kon alles nog goed samenvatten ook. Helaas heb ik hem nooit persoonlijk leren kennen, wel mailcontact gehad.

Een overzicht over de geschiedenis van het Latijn door de eeuwen heen, meer bedoeld voor een algemeen publiek:

Dit boek heb ik nog niet gelezen, maar klinkt goed:

En als iemand een woordenboek wil lezen: Latijn-Nederlands onder der hoofdredactie van Harm Pinkster. Harm keek zelfs steeds in de nieuwste katernen van de Thesaurus na, of hij een update van zijn woordenboek moest maken.

Is er iets dat u zelf nog kwijt wil?
Zich verdiepen in de talen en culturen van de Oudheid is gewoon leuk! Je komt hele andere, rare, vreemde, maar ook vertrouwde mensen, ideeën en woorden tegen.

**

Classica Josine Schrickx werkt aan de Thesaurus Linguae Latinae, een van de grote projecten van de Bayerische Akademie der Wissenschaften in München. Een overzicht van de rubriek “zes vragen” is hier.

Deel dit:

2 gedachtes over “Zes vragen aan Josine Schrickx

  1. Dirk Zwysen

    Tore Jansons boek is inderdaad toegankelijk en leerrijk. Ideaal voor wie geïnteresseerd is in Latijn, maar het nooit of lang geleden op school kreeg.

  2. Ben Spaans

    Ok….ook na de link naar het eerdere artikel…zo’n project is alleen in Duitsland mogelijk hè…
    En zou AI hier kostte wat kost bij moeten worden weggehouden, idealiter….?

Reacties zijn gesloten.