Helaas: geen Open Toren-dag

Minervalaan

Al een jaar geleden heb ik een blogje klaar gezet voor vandaag. Dat zou zijn gegaan over de Amsterdamse Open Toren Dag. Zoals de naam al aangeeft, zijn dan de wolkenkrabbers, kerktorens, minaretten en andere hoge gebouwen in Amsterdam open voor het publiek. Allemaal gratis. Alleen: dit jaar is er geen Open Toren Dag. De stichting die het organiseert, kon het niet bolwerken en zoekt nu versterking. Ik hoop dat ze die vindt, want het is een leuk initiatief.

Oké, ik geef toe: je moest bij eerdere Open Toren-dagen zo nu en dan een beetje door de blabla heen prikken (“het architectonische landschap”, “innovatief geïntegreerd kantoor- en leefconcept”, “iconisch”). Maar het was superleuk om van de ene torenflat naar de andere te fietsen of te wandelen. Ik heb me weleens laten rondleiden door The Valley, een jaloersmakend mooi gebouw aan de Amsterdamse Zuidas. Een jonge gids lichtte toe welke keuzes de architect en projectontwikkelaar hadden gemaakt en hoewel miljonairsland voor mij een vreemde wereld is – lees anders dit artikel – heb ik met plezier naar haar verhaal geluisterd.

Lees verder “Helaas: geen Open Toren-dag”

Brugge, Breedbeeld

In de vitrine lag een mooie landkaart waarop een vijftiende-eeuwse Catalaanse cartograaf in de pietepeuterigst denkbare lettertjes uitleg had geschreven. Omdat ik geen loupe bij me had, moest ik zó ver vooroverbuigen dat mijn neus bijna het glas raakte, maar langzaam kon ik het ontcijferen. Ik had contact met een kaartentekenaar uit 1439. Fantastisch. Alleen al deze ervaring rechtvaardigde de reis naar de expositie “Breedbeeld”, waarmee het nieuwe museum Brusk in Brugge toont hoe die stad in de Volle en Late Middeleeuwen deel uitmaakte van wereldwijde netwerken. Mijn semi-mystieke extase werd echter onderbroken door een vriendelijke suppoost die zei mijn enthousiasme te begrijpen, maar dat ik beter niet kon leunen op de vitrine. “Kijk,” zei de suppoost, “om de vitrine loopt een houten lijst die sterker is.”

Ik ben nooit met zoveel empathie gecorrigeerd. Van mij zul je geen klachten horen over Brusks museumpersoneel. Slim ontworpen vitrines ook, die verdienen een compliment. De voorwerpen in de expositie zijn eveneens prima. Behalve landkaarten zijn er boeken en wapens, sculptuur en munten, kazuifels en wandtapijten, schilderijen en documenten; samen tonen ze middeleeuws Brugge en zijn economische, politieke en culturele netwerk. Dat verhaal is interessant; feitelijk blog ik al bijna vijftien jaar dagelijks over verbonden culturen, al schrijf ik dan over de Oudheid en niet over de Middeleeuwen. Kortom, ik bekeek de expositie met plezier en met vrucht.

Lees verder “Brugge, Breedbeeld”

D’Artagnan, archeologie en de waakhond

Generiek plaatje van D’Artagnan

Het bericht die je wist dat zou komen: er is van alles verkeerd gegaan bij het onderzoek in de kerk van Wolder bij Maastricht, waar het stoffelijk overschot zou liggen van D’Artagnan, zoals u tot vervelens toe hebt vernomen de vierde van Dumas’ Drie Musketiers. De beschuldigingen zijn niet mals: het botmateriaal is verstoord, de documentatie is gebrekkig, de resten zijn vervoerd in schepijsbakjes, de opgraver heeft op het graf gestaan, het onderzoek is niet uitgevoerd volgens de regels. De betrokken archeoloog, die vóór zijn pensioen veertig jaar heeft gewerkt in Maastricht, is aangehouden.

De berichtgeving bevat twee rode vlaggen: de eerste is dat men nog onderzoekt hoe groot de schade is en de tweede is dat degenen die dat onderzoeken, anoniem willen blijven. Ik wil geloven dat er iets grondig verkeerd is gegaan. Waar rook is, is meestal ook vuur. Als iemand echter tegenwerpt dat het lijkt op moddergooien als iemand de pers anoniem informeert over onderzoek dat nog moet plaatsvinden, dan denk ik dat ook daarvoor iets valt te zeggen. Ik schort mijn oordeel over wat zich daar in het zand heeft afgespeeld dus op, en bedek de naam van de betrokkene met de mantel der liefde.

Lees verder “D’Artagnan, archeologie en de waakhond”

De Arabische wereld na 1970

Protesten in Algiers (2019)

[Dit is het tweede blogje n.a.v. Roel Meijers vorig jaar verschenen Een moderne geschiedenis van de Arabische wereld. Het eerste blogje was hier.]

Na de dictatuur

Niet alle Arabische landen zijn republieken: Marokko, Jordanië, Saoedi-Arabië en de Golfstaten zijn monarchieën. Het sociaal contract in deze landen is met één woord te typeren: paternalisme. Koningen kunnen flexibeler opereren en zeker in de rijke Golfstaten hebben de overheden de mogelijkheid het klassieke sociale contract in stand te houden. Toen de Arabische Lente in 2011 aanbrak, kon die worden geabsorbeerd.

Voor de republieken lag dat anders. Als reactie op het falen van de autoritaire stelsels ontstond hier een nieuw islamitisch sociaal contract. Dit islamisme was geen terugkeer naar het oude pact, maar was gericht op het overnemen van het in de twintigste eeuw gegroeide staatsapparaat. Daarbij onderscheidt Meijer een maximalistisch programma en een liberaler, minimalistisch programma. Intrigerend is zijn observatie dat islamistische bewegingen zich ervan bewust waren dat ze de façadedemocratieën alleen konden omzetten in een beter systeem met westerse hulp.

Lees verder “De Arabische wereld na 1970”

Wat is er mis bij het INT?

Het is de laatste tijd stil op mijn favoriete wetenschapsblog Neerlandistiek.nl. Ik sta er elke dag mee op, want het is een leuke en informatieve website over een vakgebied dat me boeit. Maar sinds vorige week dinsdag, dus alweer een week geleden, is het stil. Je las eerst een verklaring van het Instituut voor de Nederlandse Taal (INT), waar de server staat, dat men kampte met een ernstige storing en dat het meerdere dagen zou duren voor de diverse websites, zoals Neerlandistiek, weer online zijn. Inmiddels worden bezoekers doorgestuurd naar de website van hoofdredacteur Marc van Oostendorp.

Maar die kan niet de woordenboeken en dergelijke online plaatsen die, om zo te zeggen, de core activity zijn van het INT. Op dit moment ligt een fors deel van de wetenschap stil, al een week lang.

Lees verder “Wat is er mis bij het INT?”

Het Chocolademuseum van Keulen

De cacao-oogst bij de Maya’s (Chocolademuseum, Keulen)

Keulen bezit een Dom, musea voor oude en moderne kunst, een dozijn romaanse kerken, een schitterende spoorwegbrug, een beroemd carnaval en een Chocolademuseum. Ik belandde er eigenlijk bij toeval, omdat T. (10½) er graag naartoe wilde. T. bleek een goede keuze te hebben gemaakt. Het was niet alleen een leuk museum waar kinderen plezier aan beleven, het bleek ook een goed museum: niet alleen met liefde en enthousiasme gemaakt, maar ook met kennis van de museale dilemma’s, waar men verstandig mee is omgegaan.

Het Chocolademuseum heeft vier afdelingen met elk een eigen thema. Op de begane grond plaatst het museum de cacaoboom in zijn historische en ecologische context. Er is dus ook aandacht voor de verspreiding vanuit Centraal-Amerika naar de Filipijnen en Afrika, en voor de zeventien duurzame-ontwikkelingsdoelstellingen van de Verenigde Naties. Dit was allemaal goed uitgelegd en verhelderend. Enkele bomen zijn te zien in een tropische kas. Ik vond het leuk te ontdekken dat ook de ara, de luiaard, de toekan en nog enkele andere dieren houden van cacao. Ik was onder de indruk van de eerlijkheid waarmee het museum vertelde dat veel boeren gevangen zitten in een vicieuze cirkel van armoede en onderontwikkeling, en begon te denken: dit is een goed museum.

Lees verder “Het Chocolademuseum van Keulen”

Met de bodemradar op Urk

Bodemradar

Luchtfoto’s! Luchtfoto’s! Die waren best handig, redeneerden de generaals in de Eerste Wereldoorlog, om te weten waar vijandelijke loopgraven waren. En zo kregen de legers fotografische diensten, zo groeiden de fotoarchieven en zo kregen archeologen er een hulpmiddel bij. Op een zuurstofrijke bodem groeien gewassen beter, en een oude, reeds lang gedempte sloot is nog lang snel zuurstofrijker dan de omgeving. Zulke crop marks zijn zichtbaar op een luchtfoto. In Flanders Fields zijn zo tientallen middeleeuwse versterkte boerderijen geïdentificeerd, en elk jaar wordt wel iets ontdekt op de foto’s die in de jaren twintig boven Irak zijn gemaakt. Zoiets kan natuurlijk ook in Nederland.

Een motte op Urk?

Een lid van een lokale afdeling van de Nederlandse Archeologievereniging-AWN (zeg maar de vereniging van archeologieliefhebbers) bekeek de luchtfoto’s die tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn gemaakt van de droogvallende Noordoostpolder, en hij zag dat even voorbij Urk een kring lag in een deel van de polder dat ooit bij het eiland hoorde, maar al in de Late Middeleeuwen door de zee is verzwolgen. De kring is sindsdien nooit meer zichtbaar geweest, aangezien het nieuwe land in gebruik is genomen voor de landbouw. Ook op de foto’s van Google Earth en op de LIDAR-beelden van het Actueel Hoogtebestand is niets te zien.

Lees verder “Met de bodemradar op Urk”

Archeologie en neoliberalisme

Archeologie als city marketing (©Beleidsnota Archeologie Cuijk, 2019)

De hoge kwaliteit van de Spaanse archeologische musea merk je pas goed in de museumboekhandels. Zo zag ik in januari in Alicante een in 2016 verschenen boek Archaeology and Neoliberalism, onder redactie van Pablo Aparicio Resco. Wie begrip, vertrouwen en steun voor een wetenschap wil bewaren, moet openlijk spreken over sterke én zwakke punten, en blijkbaar is daar in Spanje ruimte voor. Natuurlijk spreken ook Nederlandse archeologen over dingen die beter kunnen, maar dat gebeurt vooral binnenskamers. Zelfs de overzichtstentoonstelling over een kwart eeuw Nederlandse archeologie, onlangs in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden, kwam er onvoldoende aan toe. Die benadrukte vooral de mooie kanten.

Het archeologisch bestel

Voor een overzicht van enkele minder mooie kanten kunnen we terecht in het artikel “Caught in a Business Scenario: Implications of Neoliberalism on Archaeological Heritage Management in the Netherlands” van de Leidse archeologe Monique van den Dries, te vinden in het genoemde boek. Ik vond het artikel ietwat somber, maar het zette wel aan tot nadenken.

Lees verder “Archeologie en neoliberalisme”

Blog-experiment: #RealTimeCaesar

Julius Caesar (Musée des beaux arts, Lyon)

Morgen wordt Julius Caesar vermoord. Als u deze blog dan volgt, kunt u de gebeurtenissen zowat op het kwartier nauwkeurig volgen. Het is de climax van een reeks blogjes die ik ben begonnen in 2020 en die na morgen nog tot en met Caesars begrafenis door gaat, waarop dan een evaluatie van ’s mans optreden volgt. Met een coda, voorzien voor ergens in mei, is de reeks #RealTimeCaesar dan echt afgelopen. Als u vandaag inhaakt, kunt u hier een samenvatting lezen van Caesars loopbaan, vindt u @daar een overzicht van alle 176 blogjes en kunt u in het vorige blogje de situatie lezen op 14 maart 44 v.Chr.

Ik heb de lezers van deze reeks vijf jaar lang tot op de dag nauwkeurig – en soms zelfs preciezer – laten volgen hoe Caesar tegen de Senaat oprukte, tegenstanders versloeg in Italië, Catalonië, Griekenland, Egypte, Turkije, Tunesië en Andalusië. Zijn relaties tot andere senatoren, zijn literaire productie en zijn bouwwerkzaamheden kwamen ook aan de orde, net als enkele militaire operaties van zijn bondgenoten en tegenstanders. Mijn mening is dat ook iemand die met succes een staatsgreep uitvoert, de staat moet besturen, en dat dit het dominante thema is in Caesars beleid.

Lees verder “Blog-experiment: #RealTimeCaesar”

Geesteswetenschappen in oorlogstijd

Waarom hebben we geesteswetenschappen? Op die vraag bestaan evenveel antwoorden als geesteswetenschappen. Het vak waarover ik zelf het meest schrijf, de oudheidkunde, probeert de wereld van de Romeinen, Grieken, Joden en Babyloniërs te doorgronden om de verschillen tussen toen en nu te duiden en zo onze eigen ideeën beter te begrijpen. Wie literatuur bestudeert, doet dat om perspectieven en situaties te begrijpen waar wij minder vertrouwd mee zijn. Een volgende onderzoeker bestudeert de mythen waarmee de leden van een gemeenschap zich onderling verbinden. Andere onderzoekers hebben weer andere doelen, maar samengevat gaat het doorgaans minder om het verklaren dan om het begrijpen, of, radicaal geformuleerd: het gaat niet om het object maar om het subject.

Bedreigde geesteswetenschappen

Zelfkennis is belangrijk, maar desondanks liggen de geesteswetenschappen onder vuur. Overwegend (maar niet uitsluitend) rechtse politici hebben al lang geleden ontdekt dat er publicitaire en electorale winst valt te behalen met schoppen tegen de humaniora. Een deel van de verklaring zal zijn dat sommige uitkomsten ongewenst zijn. Als geesteswetenschappers tonen dat zaken als nationalisme en het prijsmechanisme sociale constructen zijn, ontstaat zicht op alternatieven voor als vanzelfsprekend gepresenteerde nationale of economische noodzakelijkheden, en kunnen politici zulke noties niet langer gebruiken om het electoraat te mobiliseren. Het helpt bovendien niet dat geesteswetenschappers – websites als Neerlandistiek niet te na gesproken – zich zo onthutsend slecht uitleggen. En onbekend maakt onbemind maakt kwetsbaar.

Lees verder “Geesteswetenschappen in oorlogstijd”