
Ik heb ongeveer een jaar gedaan over The Hellenistic Far East (2014) van de Britse oudheidkundige Rachel Mairs. Niet omdat het geen boeiend boek zou zijn, niet omdat het een slecht boek zou zijn, maar omdat het extreem interessant was. Kort en goed samengevat onderzoekt Mair welke conclusies we met enig vertrouwen kunnen baseren op de beschikbare data. Data die, zoals in de oudheidkundige disciplines gebruikelijk, zeer schaars zijn: we hebben nauwelijks geschreven teksten, we hebben een stuk of wat inscripties en we krijgen pas de laatste tijd de beschikking over voldoende archeologisch materiaal om zinvolle vergelijkingen te maken.
Dat leidt meteen tot een nieuwe kijk op Ai Khanum, de Hellenistische stad die in het noordoosten van Afghanistan is opgegraven. Die wordt traditioneel getypeerd als een Griekse nederzetting (“an outpost of Hellenism”) en dat is ook niet zo heel erg vreemd. Kijk maar hier wat er zoal is opgegraven: het meeste zou in Griekenland niet hebben misstaan. Het is dus logisch Ai Khanum te beschouwen als een Griekse kolonie in den vreemde, niet in de laatste plaats omdat we weten dat Alexander de Grote Griekse huurlingen als kolonisten heeft achtergelaten in Baktrië, dat wil zeggen de vallei van de Boven-Oxus.
Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.