De Septuaginta

Ptolemaios II (Louvre, Parijs)

Op zondag blog ik meestal over het Nieuwe Testament. Die tekst is geschreven in het Grieks door mensen die voortdurend verwijzen naar oudere religieuze literatuur. Een fors deel kennen we uit de joodse Bijbel ofwel de Tenach ofwel het Oude Testament. Onze tekst van dat heilige boek gaat terug op Hebreeuwse originelen, de taal waarin deze literatuur nu eenmaal is geschreven. Het probleem is nu dat de auteurs van het Nieuwe Testament de joodse literatuur lazen in een Griekse vertaling, de Septuaginta. De tekst daarvan wijkt op sommige punten af van de op Hebreeuwse teksten gebaseerde Bijbel zoals wij die kennen.

Verschillen

Eén voorbeeld: Goliat is in de gebruikelijke Hebreeuwse tekst (“de masoretische traditie”) zesenhalve el lang maar in de Griekse versie vierenhalve el.noot 1 Samuel 17.4. In de Hebreeuwse tekst is het een reus van drie meter, in de Griekse tekst meet ’ie net iets meer dan twee meter. Ook de Dode-Zee-Rollen noemen vierenhalve el. Je krijgt de indruk dat de gebruikelijke Hebreeuwse tekst teruggaat op een origineel met een vergissing. Je kunt dus niet zomaar de Hebreeuwse tekst als de meest betrouwbare accepteren.

Lees verder “De Septuaginta”

Joodse literatuur (3): hellenisme

Blad uit het Leidse Makkabeeënhandschrift

Dit is het derde deel van een chronologisch overzicht van de joodse literatuur, waarvan het eerste deel hier was. Een beredeneerd overzicht vindt u daar. Ik eindigde het tweede deel met de komst van Alexander de Grote. In de hierop volgende hellenistische periode ondervond het jodendom Griekse invloeden, waar het zich ook tegen afzette.

Vanaf deze periode is de joodse religieuze literatuur niet dezelfde als die van wat tegenwoordig geldt als de Bijbel. De diverse stromingen in het toenmalige jodendom erkenden verschillende teksten als geïnspireerd. Pas in de tweede eeuw na Chr. begon de huidige canon van de joodse Bijbel te domineren.

Lees verder “Joodse literatuur (3): hellenisme”