Losgeld

De losprijs voor Hektor (Nationaal Museum, Beiroet)

De Ilias van Homeros speelde in de Oudheid – en trouwens ook tegenwoordig – en belangrijke rol in het onderwijs. Wie ook maar een beetje méér scholing had gehad dan basisgeletterdheid, kende het gedicht. Het eindigt met het dramatische verhaal dat de stokoude koning van Troje, Priamos, midden in de nacht naar het vijandelijke kamp gaat om daar aan Achilleus het stoffelijk overschot van zijn zoon Hektor terug te vragen. Hij betaalt dus een losprijs, in het Grieks λύτρον, lytron, “losmaking”: feitelijk een betaling aan iemand die iets bezit waarop jij een erkende aanspraak hebt.

Zo’n transactie hoefde niet in muntgeld te zijn; Priamos komt met een kar vol kostbaarheden. We lezen ook weleens over betaling in de vorm van dienstverlening, zodat je dus betaalt met een paar jaar van je leven. Na de transactie zijn de partijen verzoend en je kunt lytron niet alleen vertalen als “losprijs”, maar ook als “zoengeld”.

Lees verder “Losgeld”

Slag bij Vlaardingen (1)

Bij gebrek aan eigen fotomateriaal van de Slag bij Vlaardingen krijgt u dit plaatje van het wapen van het Huis van Holland. (Te zien op het raadhuis van Gouda, dus met Vlaardingen of de elfde eeuw heeft het weinig van doen.)

Morgen loopt het oude jaar af en overmorgen begint 2018. Dat is een kroonjaar in de geschiedenis van het graafschap Holland: een millennium geleden vond de Slag bij Vlaardingen plaats. Het leek me aardig uw aandacht daar alvast op te vestigen. Niet omdat kroonjaren belangrijk zijn, overigens, want het verleden is altijd interessant en niet alleen als iets precies duizend jaar geleden of op deze of gene datum is gebeurd. Ik bied echter graag wat voorpubliciteit zodat u, als u later dit jaar met de officiële herdenking wordt geconfronteerd, herkent dat het iets belangrijks is. Eerst geef ik het woord aan Alpertus van Metz, die we, als “Nederland” destijds een begrip zou zijn geweest, hadden kunnen typeren als de eerste Nederlandse historicus.

Aan de kust brak een oorlog uit met de volgende aanleiding. Een groep Friezen had zijn woongebied opgegeven en was gaan wonen in het Merwedewoud. Daar hadden ze zich aangesloten bij een groep rovers en samen met hen beroofden ze de kooplieden. (Later werden die Friezen overigens onderworpen door diezelfde rovers, die hun land toewezen en ieder een perceel ter ontginning gaven met de opdracht dat te bebouwen en cijns te betalen.) Herhaaldelijk kwamen de kooplieden uit Tiel naar de keizer om hem te vragen of hij, in zijn genade, hen wilde beschermen tegen de rovers. Omdat de vorst de handelswegen begaanbaar wilde houden, ontbood hij bisschop Adelbold en hertog Godfried. Hij gelastte hun op te trekken tegen de Friezen, ze uit hun illegale woonplaatsen te verjagen en de rovers te verdrijven. Op grond van dit bevel verzamelden ze een enorm leger, waarvan ook de aanzienlijkste en in de oorlogvoering meest ervaren mannen deel uitmaakten.

Lees verder “Slag bij Vlaardingen (1)”