Sie bauten die ersten Tempel

Göbekli Tepe

Ik blogde al eens over mijn bezoekjes aan Göbekli Tepe bij Sanli Urfa in Zuidoost-Turkije. Het gaat om een belangrijke opgraving uit het vroege, voor-keramische Neolithicum. Wát er nu eigenlijk is opgegraven, is eigenlijk niet helemaal duidelijk, hoewel opgraver Klaus Schmidt er vrij zeker van is dat de plek een religieuze functie heeft gehad. In zijn aardige, mooi geïllustreerde boek Sie bauten die ersten Tempel biedt hij veel informatie.

Het zit goed in elkaar. In het eerste hoofdstuk legt hij uit hoe de vindplaats werd geïdentificeerd. Dat is een aardig verhaal, want de plek was al enkele tientallen jaren bekend. De echte vinder zag enkele grote stenen echter aan voor een islamitische begraafplaats, en begreep daardoor het belang niet. Schmidt, die profiteerde van de resultaten van de opgravingen bij Çatal Höyük, Çayönü, Nevali Çori en Gürcütepe die sinds de eerste ontdekking waren gedaan, was de eerste die wél begreep hoe enorm belangrijk Göbekli Tepe (“buikheuvel”) in feite was.

Het tweede hoofdstuk behandelt de ontdekking van de Steentijd, vanaf het moment waarop archeologen zich voor het eerst realiseerden dat er een tijd was geweest waarin mensen voorwerpen van steen hadden, tot op de huidige dag. Dit is een zeldzaam boeiend en nuttig hoofdstuk, want Schmidt kan allerlei jargontermen en onderzoeksvragen uitleggen.

Het derde en langste hoofdstuk bestaat uit een gedetailleerde beschrijving van de vondsten. De vijf ovale ruimtes worden beschreven en elk van de stenen pijlers krijgt uitvoerige aandacht. Deze pijlers representeren menselijke figuren, misschien voorouders, en waren gedecoreerd met allerlei dierenfiguren. Wellicht is dit hoofdstukj iets té gedetailleerd, maar Schmidt doet er goed aan beschrijving en interpretatie gescheiden te houden.

Het vierde hoofdstuk gaat over de interpretatie. Schmidt vergelijkt Göbekli Tepe met enkele andere plaatsen, zonder zich werkelijk aan een bepaalde uitleg te committeren. Toch was ik onder de indruk van het bewijs dat hij biedt dat een bepaalde afbeelding geen struisvogels voorstelt, maar mensen die dansen als struisvogels. Ik vond het ook aardig te lezen dat de dierenafbeeldingen in feite een soort symbolische taal waren, hoewel Schmidt veel te voorzichtig is om zich daarop werkelijk vast te leggen. Zijn conclusie is vooral negatief: hij is er zeker van dat deze dieren geen jachtbuit voorstellen. Niemand wil immers spinnen of slangen vangen.

Roofdier uit Enclosure C; Museum Sanli Urfa
Roofdier uit Enclosure C; Museum Sanli Urfa

In het vijfde hoofdstuk reconstrueert Schmidt de bouw van het monument. Een groot aantal jagers en verzamelaars moet hierbij betrokken zijn geweest, wa bewijst dat men heel, heel goed georganiseerd moet zijn geweest. De druk van 2007, twee jaar na de eerste editie, besluit met een extra hoofdstuk, waarin Schmidt enkele nieuwe vondsten en verdere gedachten presenteert.

Wat ik leuk vond aan Sie bauten die ersten Tempel is dat het wetenschappelijk onderzoek presenteert als de puzzel die het feitelijk is, en de lezer een beeld biedt van de wijze waarop kennis tot stand komt. Er is alle ruimte voor twijfel en doodlopende wegen worden niet genegeerd. Zo geeft Schmidt aan dat veel dieren op het punt lijken te staan om iets of iemand aan te vallen, maar het is totaal onduidelijk wat er te verdedigen valt. Hij noemt het gebouw een tempel, maar erkent meteen dat hij in feite wat twijfels heeft over de juistheid van die naam. Dit is de manier waarop een echte onderzoeker denkt, vol zelfkritiek. Een boek, kortom, dat u als de bliksem moet gaan lezen.