De Marseillaise

Isidore Pils – Kapitein Rouget de Lisle zingt de Marseillaise (1849)

Het schilderij hierboven, in 1849 vervaardigd door Isidore Pils en te zien in Straatsburg, is niet het allermooiste en de afgebeelde gebeurtenis is ook niet wereldberoemd: u ziet hoe genie-kapitein Claude Joseph Rouget de Lisle op 26 april 1792 ten overstaan van de burgemeester van Straatsburg een lied ten gehore bracht dat hij in de voorafgaande nacht had geschreven. Het heette Chant de guerre pour l’Armee du Rhin.

Het Franse Rijnleger kon in die lente wel wat inspiratie gebruiken. Drie jaar daarvoor had koning Lodewijk XVI, geconfronteerd met diverse grote problemen, de Staten-Generaal samengeroepen en de vertegenwoordigers van de burgerij hadden vervolgens gezworen het land een grondwet te zullen geven. Toen die er eenmaal was, volgde radicalisering en de ambitie de verworvenheden van de Franse Revolutie te exporteren, waarop de Europese grootmachten tot oorlog besloten. Op 20 april 1792 verklaarde Lodewijk XVI, die meende dat oorlog goed was om het verdeelde Frankrijk onder zijn gezag te herenigen, de oorlog aan Oostenrijk. Het lag in de rede dat Straatsburg het eerste Oostenrijkse aanvalsdoel zou zijn en dus gaf de burgemeester van Straatsburg kapitein Rouget de Lisle opdracht een strijdlied te schrijven.

En wat van strijdlied! Al in de eerste strofe is het raak: de tiran heeft de bloedige standaard gehesen, in de velden brullen woeste vijanden om de Franse vrouwen en kinderen te kelen. En waartoe dit alles? De tweede strofe legt uit dat deze slavenhorde de walgelijke ketenen meeneemt om de vrije Fransen weer tot slavernij te brengen. En zo gaat het nog even verder, met de kanttekening dat de grootmoedige Franse strijders medelijden moeten hebben met de trieste vijandelijke soldaten, die ook maar slachtoffers zijn, en des te fanatieker moeten strijden tegen hun commandanten.

Het nieuwe lied sloeg aan. Het staat vast dat het enkele weken later al bekend was in Parijs, waar vrijwilligers uit de Provence het zongen. Het werd ook gezongen door de soldaten van het Elzasleger toen het in september de strijd aanbond tegen de oppermachtige Pruisen, die in de tussentijd Verdun hadden ingenomen en nu opmarcheerden naar Parijs. In de Argonne stuitten de twee legers op elkaar. Omdat de eerste artilleriebeschietingen in het voordeel van de Fransen uitvielen, rukten de Pruisen op naar de vijandelijke batterij, maar de aanval stokte in de stromende regen. Het gevecht leek ten einde te komen zonder duidelijke winnaar toen de Franse generaal Kellermann onverwacht zijn manschappen beval de terugtrekkende Pruisen aan te vallen. “Vive la nation!” riep hij, waarop zijn manschappen bliksemsnel oprukten onder het zingen van het Strijdlied voor het Rijnleger.

Hoewel de Pruisische verliezen op die 20e september minimaal waren en zelfs geringer dan de Franse, was het na deze slag bij Valmy ondenkbaar dat Parijs kon worden aangevallen. Goethe, aanwezig in het Pruisische kamp, vatte de gebeurtenissen samen: de Franse revolutionairen met het hun Verlichtingsidealen hadden de feodale machten verslagen. Nieuw had oud overwonnen. Voor één keer klopte het cliché: er was bij Valmy wereldgeschiedenis geschreven.

Zoals ik al schreef werd het Chant de guerre pour l’Armee du Rhin in Parijs gezongen door vrijwilligers uit de Provence. Sindsdien heet het lied naar hun hoofdstad, Marseillaise. Mireille Mathieu zong het met een bitterheid en woede waarvan ik vermoed dat de Fransen in 1792 die zouden hebben herkend.

66 gedachtes over “De Marseillaise

  1. FrankB

    Met mijn laat twintigste eeuwse oren kan ik bombastisch koper in een majeure toonsoort onmogelijk associëren met bitterheid. Wel met woede – het soort woede opgewekt door opgefokt nationalisme, iets waar ik grondig de pest aan heb en dat in extremis tot genocide leidt. Precies daarom mag ik dit schilderij graag zien. Ongetwijfeld onbedoeld maakt het dit nationalisme belachelijk. Let vooral op de man met het rode sjaaltje en zijn idioot uitgestrekte nek. Kan het zieliger?
    Daarmee is de verbittering uiteindelijk mijn, dezelfde verbittering die ik terugvind in de muziek van Shostakovitch. Strijdlied zegt u? Dit is waarheen de enthousiaste, dappere soldaten naartoe marcheerden. Uiteindelijk danst de dood op de graven van die misleiden (het middendeel van het nu volgende scherzo, vanaf 3:40).

    1. jacob krekel

      Voor één keer ben ik het helemaal met FrankB eens. En tegen Ton Spamer zou ik willen zeggen: de Fransen zingen dit lied nog steeds. Dat overdreven belang hechten aan het geboorteland heeft in de 20e eeuw vooral onnoemelijke ellende aangericht, en doet het nog steeds. Onbegrijpelijk dat mensen daar aan vasthouden. Zoals emoties wel vaker onbegrijpelijk zijn.

    2. Ab R.C. Dabra

      “… nationalisme, iets waar ik grondig de pest aan heb en dat in extremis tot genocide leidt. …”
      Wat is dat nou voor een logica. Ik bedoel: regen op z’n tijd is prettig maar ‘in extremis’ leidt het ertoe dat we allemaal verzuipen.
      Wat denk je dat er gebeurt als we morgen alle grenzen opheffen en tegen alle bewoners op de wereld zeggen: ‘Willkommen’ zoals Merkel met zoveel woorden zei!?!
      Dan dondert ALLES in elkaar… Dan blijft er geen steen op de andere staan!
      Trots zijn op je nationale grenzen is niet verkeerd; we kunnen mensen ook daarginds helpen!

      1. Rob Duijf

        ‘Dan blijft er geen steen op de andere staan!’

        Hoor ik hier nu angst? Identificatie staat staat gelijk aan conflict, staat gelijk aan strijd, of dat nu politiek, godsdienstig, wetenschappelijk, sportief of persoonlijk is. In het beste geval discussiëren we, en/of maken we elkaar uit voor rotte vis, in het slechtste geval slaan we elkaar de hersens in.

        Waarom willen mensen zich identificeren? Komt dat, omdat men zekerheid en veiligheid zoekt? Dan komt het voort uit onzekerheid en angst. Bestaat er wel zoiets als veiligheid en zekerheid (eigenlijk twee woorden voor hetzelfde begrip)?

        Er zijn twee mogelijkheden: of je gaat voor anker bij deze ideeën, die misschien wel illusies blijken te zijn, of je gooit je trossen los. In het eerste geval kies je voor verdeeldheid en dus voor conflict. Dat is de wereld die we kennen en waarin we leven. Wat zou het tweede geval voortbrengen? Het antwoord op die vraag ligt in de actie besloten…

        1. Ab R.C. Dabra

          Identificatie is niet een op zichzelf staand iets. Het kan bijvoorbeeld gericht zijn op verworvenheden die door opeenvolgende generaties zijn gerealiseerd in een staat.
          Waarom wil bijvoorbeeld de halve wereld naar de VS of de EU? En waarom wil bijna geen hond naar die emigratie-landen? Verworvenheden! Zoals politiek-liberale grondwetten, welvaart, infrastructuur, kennis en kennisdoorgifte, enz!
          Jij wilt toch ook niet dat wanneer jij je je hele leven hebt ingespannen om iets op te bouwen jouw buren of zo morgen bij jouw op de stoep staan en zeggen: Zeg buur, wij komen bij je wonen met onze tien kinderen. Dan ben je toch ook blij dat er een slot op je deur zit?

          1. Rob Duijf

            Identificatie is wat het is: dit is van mij (van ons) en daar moet jij met je vingers vanaf blijven…

            ‘Het kan bijvoorbeeld gericht zijn op verworvenheden die door opeenvolgende generaties zijn gerealiseerd in een staat.’

            De Nederlandse geschiedenis staat bol van de instroom van migranten. Denk bijvoorbeeld aan de Vlamingen en Antwerpenaren die tijdens de opstand tegen Spanje hun toevlucht zochten in de Republiek, met name in Amsterdam. Denk aan de Portugese Joden, denk aan de Franse Hugenoten onder Lodewijk XIV, denk aan de Engelsen die hier onder Charles II hun veiligheid zochten.

            Die kwamen ook ‘op de stoep staan en zeggen: Zeg buur, wij komen bij je wonen met onze tien kinderen.’ Die hebben allemaal hun bijdrage geleverd aan de opbouw van deze natie. Hun nazaten wonen hier al generaties lang en ze zijn net zo Nederlands als jij en ik. Dan sla ik er voor het gemak nog maar paar over, anders wordt de opsomming te lang…

            In de Gouden Eeuw was de economie in de Republiek ‘booming’. Er waren te weinig handen om de zaak draaiende te houden, dus iedereen was ‘welkom’ (niet echt natuurlijk, want zo gaat dat. Ook de eerste generatie Spaanse, Portugese en Turkse ‘gastarbeiders’, die hier sinds de jaren zestig werken, werdem mdt de nek aangekeken).

            In onze huidige tijd zien we hetzelfde. Nederland vergrijst. We hebben handen nodig, om de economie en ons zorgstelsel overeind te houden. Wat mij betreft zijn mijn nieuwe ‘buren’ hier welkom. Met hun tien kinderen…

            1. Ab R.C. Dabra

              “… We hebben handen nodig, om de economie en ons zorgstelsel overeind te houden. … Helemaal mee eens. Maar waarom moet het overgrote deel van die mensen uit islamitische landen gehaald worden!?! Een ideologie die haaks staat op onze politiek-liberale grondwet!
              Daar maak ik me zorgen over; dat zoveel van die mensen de koran/de sharia boven onze grondwet stellen. Mensen zijn helaas vehikels voor ideeën en ideologieën.
              Of zou er een plan zitten achter al die instroom van democratie-haters???
              Maar ja, dan komen we in de sfeer van de samenzweringstheorieën. En dat willen we niet, toch….

        2. Ab R.C. Dabra

          – ‘bij jouw op de stoep’ moet zijn ‘jou’.
          – Als jij gelooft dat ‘identificatie’ altijd tot conflicten leidt zeg dan bijvoorbeeld maar tegen alle islamieten die hierheen komen dat ze zich niet langer met de koran mogen identificeren.
          En zeg tegen alle socialisten die je kent: sorry jongens en meisjes. We hebben in dit land een politiek-liberale grondwet die de vrijheid van het individu centraal stelt… Daarom mogen we ons niet langer identificeren met ‘Das Kapital’ en andere boeken die de vrijheid van het individu niet centraal stellen. Krijgen we alleen maar gelazer van……

          1. Rob Duijf

            – ‘bij jouw op de stoep’ moet zijn ‘jou’.

            Ik begrijp je wel, maar ik vind je opmerkingen erg tenditieus.

            Ik heb sowieso niets op met wat voor godsdienstige of politieke stroming dan ook, inclusief het (neo)liberalisme, waarvan jij zo te lezen een fan bent. Dat levert intolerantie op en je bevestigt daarmee mijn punt.

            Overigens vind ik het jammer om met een pseudoniem te communiceren. Kom, laat me eens zien wie je bent AB R.C. Dabra…

            1. Ab R.C. Dabra

              Ik ben inderdaad een hartstochtelijke aanhanger van de stelregel: Een gezonde staat kan pas bestaan als de rechten van het individu stevig verankerd zijn.

              En wat mijn identiteit betreft: je hebt me door! Eigenlijk ben ik H.P.P. Pas. 😉

              1. Rob Duijf

                OK, H.P.P. Pas…

                ‘Een gezonde staat kan pas bestaan als de rechten van het individu stevig verankerd zijn.’

                Is het individu wel in staat om die rechten te dragen? Kinderen wordt geleerd in de pas lopen, die hun ouders en opvoeders aangeven. Die weten ook niet beter, want zij zijn ook zo opgevoed.

                We stoppen eens per vier jaar een briefje in de bus en geven daarmee onze eigen verantwoordelijkheid uit handen. En als het gaat om de verdeling van de lasten, om maar eens een voorbeeld te noemen, dan moet die vooral bij ‘de anderen’ komen te liggen.

                Dat schiet niet op, H.P.P. Pas…

              2. Ab R.C. Dabra

                Een mooi moment om de discussie te beëindigen; bij deze een beetje fatalistische, laatste opmerking van jou (zonder w)!
                Gr. H.P.P. Pas…

              3. FrankB

                Behalve uiteraard als die individuen niet aan uw nationalistische normen voldoen. De Ander moet wel buitengesloten blijven, zoals u in uw eerste reactie op mijn commentaar zo duidelijk maakt. Daarmee is uw stelregel niets meer waard.

        3. jan kroeze

          Identificatie staat voor conflict.: dat geldt niet alleen voor degene die een grens bewaakt, maar ook voor hij die die grens wenst te schenden. Het komt dus per definitie van 2 kanten. Het experiment om grenzen op te heffen zou ik niet aan durven gaan, idealen zijn leuk, maar ik houd meer van realpolitiek.

      2. FrankB

        Mijn dank voor het demonstreren dat nationalisme gebaseerd is op angst (dat “ALLES in elkaar dondert”). Daar is niets prettigs aan en al helemaal geen reden tot trots.

        “Trots zijn op je nationale grenzen”
        BWAHAHAHAHA!
        Niets zo veranderlijk als nationale grenzen. Vraag maar na in de Elzas, in Duitstalig België en zelfs in Limburg. Hoe vaak ze daar niet van het ene land in het andere land verzeild zijn geraakt ….
        Uiteraard hebt u zelf nul komma niets van doen gehad met het vaststellen van welke grens dan ook. Trots zijn op andermans werk is een teken van een negatief zelfbeeld en suggereert dat u zelf niets hebt om trots op te zijn. Hoe armzalig.

  2. Marcel Meijer Hof

    Goedemorgen Jona !
    In de tweede alinea schijf je, dat Louis XVI drie jaar voor 1849, ergo in 1846 … Het zal Louis XVIII zijn geweest denk ik. XVI werd in 1793 onthoofd.

    Het is waar: Bevlogen schrijvers hebben een redacteur nodig.

  3. Truus Pinkster

    Wat is de aanleiding of de reden om ineens over die vreselijke Marseillaise te gaan schrijven, Jona ?
    Verder sluit ik mij aan bij bovenstaande reactie.

    1. FrankB

      Volgens mij geeft JL niet veel om voetbal. HIj zal gegrepen zijn door de expressieve stem van Mireille Mathieu. Daar ik me heel wat bij voorstellen – ze had het volgens mij alleen beter voor een andere gelegenheid kunnen bewaren, want voorzover ik weet was MM niet bepaald nationalistisch.

  4. Ton Spamer

    Aandacht voor de tekst van de Marseillaise is natuurlijk goed en afkeuring ervan ook, maar uitsluitend met terugwerkende kracht.. Volksliederen spelen nu eenmaal in het hart van velen een diepgaande rol. Niet om ten strijde te trekken of andere mensen te doden, maar als symbool van een geboorteland waarmee ze zich op dat moment erg verbonden voelen. Moeten we een sporter die olympisch goud wint ineens afkeurend bekijken als die tranen in zijn ogen krijgt als het Wilhelmus klinkt en de driekleur omhoog gaat? Toe nou, moeten we dan voortaan een stuk popmuziek laten horen en de Jumbovlag hijsen of zoiets? Of ze de medaille per post toesturen?

    1. Rob Duijf

      ‘Niet om ten strijde te trekken of andere mensen te doden, maar als symbool van een geboorteland waarmee ze zich op dat moment erg verbonden voelen.’

      Dat is nou precies waar het aan het schort Henk. Jij identificeert je met jouw land en ik met het mijne en zo komen we niet nader tot elkaar, ook al leven we in hetzelfde land…

      ‘Toe nou, moeten we dan voortaan een stuk popmuziek laten horen en de Jumbovlag hijsen of zoiets?’

      Waarom zou je een ‘überhaupt’ een vlag willen hijsen en daar een volkslied bij ten gehore brengen? Het gaat toch om de sportieve prestatie? Is dat niet de eer die de sporter toekomt? Dan kan je net zo goed ‘Lang zal ie leven’ zingen en koekjes uitdelen…

    2. FrankB

      Dat suggereer ik helemaal niet. Integendeel, we zitten voorlopig nog wel met nationalisme opgescheept en dan heb ik liever dat de misleiden dat botvieren in de sportarena dan op het slagveld. Sublimatie heet dat in de psychologie, naar ik meen.
      Hoewel sportnationalisme natuurlijk ook wel eens tot veldslagen leidt.

      https://nl.wikipedia.org/wiki/Heizeldrama

      Maar zelfs dat is te verkiezen boven het Oostfront.

      “Niet om ten strijde te trekken of andere mensen te doden, maar als symbool van een geboorteland waarmee ze zich op dat moment erg verbonden voelen.”
      Het tweede heeft de laatste 200 jaar iets te vaak naar mijn zin tot het eerste geleid. De tranen van ontroering bij het horen van het Wilhelmus na een topsportprestatie kan het bloed niet wegwissen.

    1. FrankB

      Liever niet! Hoewel in iets mindere mate dan die uitgestoken nek draagt ook het vloerkleed bij tot de bespotting van nationalisme.

  5. Roger van Bever

    Vanmiddag speelt België de troostfinale tegen Engeland. Gezien de Belgen zowel Nederlandstalige als Franstalige spelers hebben, wordt het dus gezongen in twee talen tegelijk. Dat leidt tot een enige kakofonie, gelukkig overstemd door de muziek. Let op: een aantal spelers zingt gewoon niet mee. Ik denk dat ze allemaal de tekst kennen, maar België zit niet zo diep in het hart. Het is een kort maar krachtig volkslied en het doet een beetje martiaal aan, net als de Marseillaise. Het staat bekend onder de naam ‘La Brabançonne’. Er bestaan een paar historische varianten zowel van de Franse als van de Nederlandse versie.

    Mochten er Nederlanders zijn die favoriet zijn van Belgïë en willen meezingen, dan volgt hier de Nederlandse tekst:

    O dierbaar België, o heilig land der vaad’ren,
    Onze ziel en ons hart zijn u gewijd,
    Aanvaard ons kracht en het bloed van onze aad’ren,
    Wees ons doel in arbeid en in strijd,
    Bloei, o land, in eendracht niet te breken,
    Wees immer u zelf, en ongeknecht,
    Het woord getrouw dat g’ onbevreesd moogt spreken.
    Voor Vorst, voor Vrijheid en voor Recht.
    Het woord getrouw dat g’ onbevreesd moogt spreken.
    Voor Vorst, voor Vrijheid en voor Recht
    Voor Vorst, voor Vrijheid en voor Recht
    Voor Vorst, voor Vrijheid en voor Recht.

    En hier is de Franse versie:

    Noble Belgique, ô mère chérie,
    À toi nos cœurs, à toi nos bras,
    À toi notre sang, ô Patrie !
    Nous le jurons tous, tu vivras !
    Tu vivras toujours grande et belle
    Et ton invincible unité
    Aura pour devise immortelle :
    le Roi, la Loi, la Liberté !
    Aura pour devise immortelle :
    le Roi, la Loi, la Liberté !
    le Roi, la Loi, la Liberté !
    le Roi, la Loi, la Liberté !

    Er is ook nog een versie voor de Duitse gemeeschap van de Oostkantons:

    O liebes Land, o Belgiens Erde,
    Dir unser Herz, Dir unsere Hand,
    Dir unser Blut, dem Heimatherde,
    Wir schwören’s Dir, o Vaterland!
    So blühe froh in voller Schöne,
    Zu der die Freiheit Dich erzog,
    Und fortan singen Deine Söhne;
    Gesetz und König und die Freiheit hoch!
    Und fortan singen Deine Söhne;
    Gesetz und König und die Freiheit hoch!
    Gesetz und König und die Freiheit hoch! (bis)

    Zoals je ziet, een niet al te bloederige tekst in vergelijking met de Marseillaise.
    Het Franse team zingt meestal uit volle borst mee.
    Ik betreur het dat ze België uitgeschakeld hebben, maar ik had ze gegund dat ze op ‘Quatorze juillet’ hadden kunnen spelen en ik had ze ook nog de overwinning gegund.

    1. Ab R.C. Dabra

      Als we dan toch bezig zijn: een paar jaar geleden ben ik begonnen met het leren van Modern Grieks. Hun volkslied – indachtig hun geschiedenis van eeuwenlange bezetting en onderdrukking – kan me ook tot tranen toe ontroeren. Ode aan de Vrijheid!

  6. Frans

    Ik denk dat je de rol van Lodewijk XVI overschat: veel macht had hij niet meer in 1792. Hij probeerde zelfs naar Oostenrijk te vluchten. Walter Markov formuleert het in het boek Napoleon’s Keizerrijk als volgt:”In april 1792 spoorde men (de Nationale Vergadering) Lodewijk XVI, die hiertoe in de hoop op een nederlaag graag bereid was, aan tot een oorlogsverklaring tegen Oostenrijk.”

  7. Dirk

    Indrukwekkend hoe de Fransen in een voetbalstadion hun volkslied meebrullen. Jammer dat het voetbal dat er op volgt zo lelijk is en ik (en vele Belgen met mij) wens ze toe dat ze de finale verliezen in de laatste minuut. Dat zal ze leren. Ik behoud me het recht voor om zo kleinzielig en rancuneus te zijn als het om voetbal gaat.

    Sportstadions zijn zowat de enige plek in België waar volksliederen nog gezongen worden. Niet enkel voor matchen van de nationale ploeg: in Antwerpen brult het hele stadion het clublied en Antwerpse klassiekers mee: de associatie club-stad is er erg groot en in onze lasagne-identiteit is ’t Stad een dikke laag. Dit houdt enerzijds de Antwerpse clubs in leven als het sportief of financieel slecht gaat, maar beperkt anderzijds ook het groeipotentieel.

    Supporteren appelleert aan hetzelfde verlangen tot een (succesvolle) groep te behoren als nationalisme, met dat verschil dat de meeste supporters er de ironie wel van inzien, hooligans uitgezonderd. Hoewel er nog steeds een driekleur aan mijn gevel hangt en ik over een uurtje of twee de Brabanconne zal meemurmelen, sta ik niet te popelen om mijn zweet, laat staan mijn bloed te wijden aan onze vorst.

    Meer on topic: iets in het Rijnwater moet mensen aansporen tot het schrijven van nationale hymnes, want de Vlaamse Leeuw heeft een tekst die herinnert aan het strijdlied “Rheinlied” van Nikolaus Becker en de muziek aan “Sonntags am Rhein” van Robert Schumann.

    Om voetbal en volksliederen nog één keer te combineren: het Libische volkslied doet veel Vlamingen lachen, omdat het lijkt op de begintune van de flauwe maar populaire TV-reeks “FC De Kampioenen”.

    1. Toen ze tegen België voetbalden was ik natuurlijk vóór België en ik heb mijn twijfels of ze die overwinning verdienden. Vanmiddag hoop ik dat ze de Brexiteers een pak slaag geven.
      Een volkslied is toch iets dat bij een land hoort. Ik krijg soms ook koude rillingen als ik andere nationale hymnes hoor, maar ik probeer de Brabançonne niet aan nationalisme te koppelen.

  8. Martijn

    Mijn ontroerendste volkslied is dat van Armenië. ook al vanwege de tekst, vooral als je je de geschiedenis van land en volk realiseert. Na drie keer beluisteren zing je het mee en toch wordt het nooit saai. Ik heb het ooit enige tijd zelf in een vierstemmige versie met een koor gezongen en elke keer zag je Armeniërs in de zaal met tranen in de ogen. https://youtu.be/g7YfpoVw46k

  9. —de oorlog aan Oostenrijk…

    Merkwaardigerwijs gaf de nieuwe grondwet (la Constitution met hoofdletter), die Louis XVI op 14 september 1791 had geaccepteerd, hem nog redelijk veel macht, hoewel veel privileges die hij voordien had waren afgeschaft. Ook al was zijn direct gezag zeer ingeperkt, hij was nog steeds de Vertegenwoordiger van de Natie, hij benoemde ministers, ambassadeurs, opperbevelhebbers van het leger en hoge functionarissen. Officieel had hij nog steeds ‘le droit de guerre’. De wetgevende Assemblée kon slechts een oorlog beginnen als de koning dit vroeg. Frankrijk was nu een Constitutionele monarchie geworden met nog veel macht voor de koning.

    De betreffende oorlogsverklaring was gericht aan de koningen van Bohemen en Hongarije, officieel was het dus een ‘Déclaration de guerre de la nation française, sur la proposition du roi, au roi de Bohême et de Hongrie’. Let op ‘la nation française’, en niet le Roi de France.
    De Oostenrijkse keizer Franz I was toen nog geen keizer in alle gebieden van de Oostenrijkse Habsburgers. Pruisen was wel een bondgenoot van de Oostenrijkers. Engeland zou zich afzijdig houden, daar hadden ze al lang een constitutionele monarchie.

    De formule was wel diplomatiek gekozen want de Fransen wilden geen oorlog met alle gebieden in het Heilige Roomse Rijk. De redenen voor de oorlog zijn evident en als Frankrijk de oorlog niet had verklaard hadden zijn tegenstanders het wel gedaan. Vele bestaande allianties met Frankrijk werden door de omliggende monarchieën of door de revolutionnairen zelf verbroken
    Die landen zaten niet te wachten op een revolutie zoals die in Frankrijk had plaatsgevonden. Bovendien waren er al veel verlichte constitutionele monarchieën in Europa. De Oostenrijkse Habsburgers hadden naast de vrees voor uitbreiding van de Revolutie naar hun grondgebied, de zorg om het lot van Marie-Antoinette de Habsbourg-Lorraine, echtgenote van Louis XVI, naar later bleek niet ten onrechte.

    1. Henk Smout

      Al scheelde het slechts tweeëneenhalve maand, Franz was bij het begin van de oorlog op 20 april 1792 zelfs nog geen keizer Franz II van het Heilige Roomse Rijk der Duitse Natie (kroning op 14 juli!). Tussen 11 augustus 1804 en 6 augustus 1806 droeg hij twee keizertitels.

      Ander onderwerp: doen we net alsof de woorden ‘des Volkes Feind’ er niet in voorkomen, dan vind ik de Nationalhymne van de voormalige DDR (“das Land ist nicht deutsch und nicht demokratisch und schon gar nicht eine Republik”, aldus destijds SPD-leider Kurt Schumacher) ‘Auferstanden aus Ruinen’ een prachtig lied, vooral als koorzang.

      1. Henk Smout

        Keizer Leopold II, tevens koning van Bohemen en Hongarije was op 1 maart 1792 overleden. Zoon Franz volgde hem op 6 juni in Hongarije op en in Bohemen op 9 augustus.

      2. Roger van Bever

        Sorry, dat is een fout het moet natuurlijk koning zijn! Zo staat het er natuurlijk ook in het Frans. Even een black-out gehad!

    1. Ab R.C. Dabra

      LOL! Soms denk ik dat ook wel eens: zongen ze het Wilhelmus maar iets energieker. Een beetje zoals het blijkbaar ooit gezongen werd, namelijk als een mars-lied.

    2. Rob Duijf

      Hoezo? Afgezien van de muzikale compositie, die de inhoud van de tekst ondersteunt en krachtiger maakt, schieten we daar dan iets mee op? Maakt het ons rijker? Lost het onze problemen op?

      1. FrankB

        Wat Abracadabra er mee opschiet is dat hij zijn hersens niet meer hoeft te gebruiken omdat hij voortaan genoeg heeft aan zijn ruggengraat.

  10. henktjong

    Mijn poging tot relativering heeft niks uitgemaakt. Je weet weer waar je aan begonnen bent, Jona: zo gauw het over volksliederen gaat staan de mannen recht…

    1. FrankB

      Om Einstein te parafraseren: deze mensen hebben hun hersens voor niets gekregen – een ruggengraat zou voldoende zijn geweest.

  11. Frans

    Parade der mannenbroeders!
    Ja, er lopen hier twee onderwerpen door elkaar: volksliederen en het m.i. interessantere thema van de Franse revolutie.

    1. Rob Duijf

      Volksliederen zijn historisch ook interessant, omdat ze iets vertellen over de volksaard en het romantische nationale gedachtengoed. Je ermee identificeren en met de hand op het hart jouw ‘clublied’ meeblèren, is dan weer iets anders…

      1. FrankB

        Aangezien het volk over het algemeen nul komma niets te vertellen heeft over het gekozen volkslied zegt het laatste maar weinig over het eerste. De Marseillaise werd in 1795 volkslied, ingesteld door de Thermidoriaanse Reactie, die met het volk niets van doen had. Die was vooral in opstand, met name in de Vendee.
        U bent een voortreffelijk voorbeeld van de manier waarop nationalisme het achterwerk afveegt met feiten.

        1. Rob Duijf

          ‘U bent een voortreffelijk voorbeeld van de manier waarop nationalisme het achterwerk afveegt met feiten.’

          Als u mij beter zou kennen, dan had u deze domme opmerking niet gemaakt.Over vooroordelen geproken..

          U heeft gelijk als u stelt dat het volk over het algemeen weinig heeft te zeggen over het nationale volkslied. Dat geldt ook voor het Wilhelmus, dat in 1932 bij besluit en niet bij wet werd vastgesteld. Dat wil nog niet zeggen, dat het niet breed wordt gedragen door ‘het volk’. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het Wilhelmus het nationale symbool van verzet tegen de Duitse overheersing. Zodra de nationale driekleur in top gaat, raakt het volk ontroerd en zingt het zich de kelen schor. Het zal u ook niet zijn ontgaan, dat onder aanvoering van CDA-leider Sybrand Buma kinderen weer standaard het Wilhelmus leren op de basisschool.

          Onder de noemer volksliederen vallen overigens niet alleen nationale hymnes. Het Meertens Instituut in Amsterdam doet daar onderzoek naar. Dat heeft niets met nationalisme te maken, maar met taal- en cultuurwetenschap.

          https://www.meertens.knaw.nl/cms/nl/

    2. Ab R.C. Dabra

      Wat ik zo jammer vind is dat ònze ‘revolutie’, de 80-jarige oorlog, zo ondergesneeuwd wordt in de internationale geschiedschrijving. Terwijl dat één van de eerste revoluties was tegen de oude orde; de absolute macht van monarch en paus. Je zou mijns inziens – en enkel historice zijn het met mij eens – zelfs kunnen stellen dat de Verlichting hier – mede – is begonnen.

      1. Rob Duijf

        Historisch gezien heb je wat mij betreft een punt. Maar wat vandaag de nieuwe orde is, is morgen de oude…

        Wat is Verlichting anders dan de knop omdraaien in plaats van een lucifer af te strijken?

      2. FrankB

        De Opstand was niet gericht tegen de paus – anders had de katholieke meerderheid niet meegedaaan.
        Wat ik zo jammer vind is dat mensen als u het onaangename feit negeren dat onze ‘revolutie’ helemaal niet de onze is. Ze begon in wat nu Frankrijk is, in Steenvoorde en bereikte een eerste hoogtepunt in Valenciennes – niet in 1568, zoals we op school moeten leren, maar in 1566.
        De economische en de adellijke elite kwam niet in opstand tegen de absolute macht van de monarch maar tegen belastingen respectievelijk aantasting van Middeleeuwse privileges.
        De Opstand slaagde dan ook alleen dankzij een gemeenschappelijke vijand, die te kortzichtig was om van de tegengestelde belangen van de opstandige groeperingen gebruik te maken.
        Met de Verlichtingsidealen Vrijheid, Gelijkheid en Broederschap had de Opstand al helemaal niets te maken. Vandaar dat het dertien jaar (!) duurde voordat de Akte van Verlating werd uitgegeven. Zelfs dan duurde het nog zes jaar voor men besefte het ook zonder monarch te kunnen doen – en toen was de Opstand al meer dan twintig jaar aan de gang.
        Maar ja – de nationalist staat historische feiten niet toe en geeft de voorkeur aan propaganda.

        1. Ab R.C. Dabra

          Oké! Goeie tip wordt me net duidelijk via Wikipedia.
          Ik zal maar niet verder ingaan op alle commentaar van FrankB; dan wordt het allemaal zo breedvoerig en politiek. Ik neem het ter kennisgeving aan. 😉

Reacties zijn gesloten.