De sofisten: Relativisme als basis voor democratie

De Atheense Volksvergadering wordt gekroond op een reliëf uit het Agoramuseum, Athene

[In deze serie behandelt Kees Alders, webdesigner en auteur van het boek De wereld vóór God. Filosofie van de Oudheid de sofisten: de theoretici van de Griekse welsprekendheid en overredingskunst. Het eerste deel was hier.]

Wat je wellicht opvalt aan het denken van Protagoras en Gorgias, is hoeveel ze verschillen van hun voorgangers. Herakleitos, Parmenides en Empedokles hielden zich vooral bezig met de natuur. Ze vroegen zich af hoe die in elkaar zou zitten. Protagoras en Gorgias wendden zich radicaal tot de mens en zijn meningen.

Daar hadden ze een filosofische onderbouwing voor. Filosofie die over iets gaat dat losstaat van de mens, leidt volgens de ware sofist nergens toe. Dat is allemaal maar speculatief gedoe en leidt enkel tot dwalingen.

De sofisten hadden dan ook geen al te hoge dunk van hun filosofische voorvaderen. Die kwamen volgens hen niet verder dan onderlinge tegenstrijdigheden. Dat gehakketak over de ‘werkelijke wereld’ los van de mens, dat vonden ze maar waardeloos. Vooral voor Parmenides konden ze maar weinig respect opbrengen: die had er werkelijk niets van begrepen.

Waarheid versus mening

Sofisten bestuderen dus niet ‘de waarheid’ maar de menselijke mening. Volgens Protagoras zijn meningsverschillen fundamenteel kenmerkend voor de mensheid. ‘Over elke zaak bestaan twee opvattingen, die recht tegenover elkaar staan’, zegt hij. In zijn theorie is er dus geen fundamentele overeenstemming: integendeel. De waarheid wordt continu geconstrueerd in een levendig debat tussen mensen.

Misschien kun je je nu voorstellen hoe Gorgias en Protagoras met hun taalfilosofie en hun filosofie over meningen een filosofische grond voor de democratie gevonden dachten te hebben. Immers, als er geen objectieve waarheid is, dan zijn er alleen maar ervaringen van mensen, en een democratie is bij uitstek een politiek systeem dat meningen weegt, en zo zijn eigen politieke waarheid constitueert.

Democratie is eerlijk

Democratie is zodoende in feite de geformaliseerde manifestatie van hoe de menselijke samenleving eigenlijk altijd al gefunctioneerd heeft. Het is de meest natuurlijke en eerlijke manier om tot politiek te komen.

Plato voert in zijn dialogen veel sofisten op als gesprekspartners. Zo laat hij Protagoras zeggen dat ieder mens even deskundig is als het gaat over moraal en politiek. Of dit ook de mening van Protagoras zelf was, is onduidelijk. Maar het sluit wel aan bij wat er van hem is overgeleverd. En ook al is het misschien een aanvechtbare stelling, het is in ieder geval wel een heel democratische.

[Wordt vervolgd. Deze reeks, oorspronkelijk gepubliceerd op de beëindigde website Grondslagen.net, is gebaseerd op het boek De wereld vóór God, dat een introductie biedt tot de filosofische stromingen van de oude wereld. Het hele boek is hier te bestellen.]

3 gedachtes over “De sofisten: Relativisme als basis voor democratie

    1. Grappig: ik heb vanmorgen nog gekeken of alle toekomstige stukjes wel goed waren voorzien van auteursnaam. Maar deze heb ik blijkbaar over het hoofd gezien.

Reacties zijn gesloten.