Het ros Beiaard (3)

de rotspartij in Bogny-sur-Meuse (© Mireille Grumberg)

[Derde van vier door Dieter Verhofstadt geschreven stukken over de legende van het Ros Beiaard en de Vier Heemskinderen. Het eerste deel was hier.]

De Dendermondenaren hebben de legende niet alleen gerecupereerd maar uitvergroot tot een weerkerend spektakel dat vandaag de identiteit van de stad en haar inwoners uitmaakt. Dendermonde IS de Ros Beiaardstad. Het is dus moeilijk, zeker voor een Dendermondenaar, te aanvaarden dat het eigenlijk gaat om een wijde Europese traditie met wortels in Frankrijk, met name de Maasvallei en de Ardennen. Er valt echter niet aan te ontkomen als men die streek verkent.

Bogny-sur-Meuse

Het meest tot de verbeelding sprekende landschapskenmerk zijn de vier heuveltoppen op een rij in Bogny-sur-Meuse, iets ten noorden van Charleville-Mézières. Of die heuveltoppen de inspiratie hebben gevormd voor de legende is niet geweten, noch zijn de vier broers in enige variant versteend. Op die heuvelrij staat niettemin een standbeeld van het Ros Beiaard en de Vier Heemskinderen, met een folkloristische wandeling waar de mythe wordt naverteld. Op diezelfde plek bevinden zich de ruïnes van het kasteel Regnault, dat historisch gezien eigendom was van Hughes van Réthel, maar dat een evidente kandidaat is voor het mythische kasteel Montessor. De wijk beneden de ruïnes heet overigens Château-Regnault. Aan de overkant van de Maas ligt de site l’Ermitage, waar Malegijs zijn laatste jaren zou hebben doorgebracht als kluizenaar. Niet ver daar vandaan vindt men nog ruïnes, die van het kasteel van Waridon. De naam is hier opvallend gelijkend met “Oridon”, een Ardens kasteel dat vaak voorkomt in Middeleeuwse gedichten. Dit zou een andere inspiratie kunnen geweest zijn voor Montessor.

Dinant

Stroomafwaarts, in Dinant, bevindt zich de “Rocher Bayard”, die het paard tijdens de vlucht met één hoefslag zou hebben gespleten. Doorheen de hele Maasvallei herinneren toponiemen, sites en standbeelden aan de sage.

De Rocher Bayard in Dinant (© Wikimedia commons | gebruiker Jean Housen )

Charleville-Mézières

Charlevile-Mézières heeft zelf een sterke traditie van poppenspel en marionetten. Aan het Winston Churchillplein, in de hoek waar het Musée de l’Ardenne staat, bevint zich een mechanisch reuzenexemplaar, ingewerkt in de huizenrij. Om het uur gaat een luik open en wordt een episode uit het heldendicht verteld in de buik van de marionet.

Aat

Dendermonde is overigens niet de enige Belgische stad die de legende overnam, zij het wel met de meeste bijval. Ook in Aat, waar men jaarlijks de ducasse viert, voert men de vier heemskinderen op, naast andere reuzenfiguren. Dergelijke stadsreuzen vinden hun oorsprong in religieuze processies, waar naast Bijbelse elementen, zoals de strijd tussen David en Goliath, profane elementen worden toegevoegd, zoals Hercules of het Ros Beiaard. In Aat is Goliath uitgegroeid tot de meest prominente figuur, die zelfs een vrouw aan zijn zijde kreeg. In de Dendermondse ommegang loopt reus Goliath mee sinds de vijftiende eeuw. Later kreeg hij het gezelschap van oorlogsgod Mars. Nog later deed Indiaan zijn intrede. De boogschuttersgilde had tot dan toe de godin van de jacht als patrones opgevoerd maar liet die overschilderen onder invloed van de indrukken uit de Nieuwe Wereld.

Mechelen

In Mechelen maakt het Ros Beiaard deel uit van de Hanswijkcavalcade, die pas om de vijfentwintig jaar gehouden wordt. Het Ros is niet zo prominent in de stoet. De aandacht gaat hier vooral uit naar de hertogen van Bourgondië, die generaties lang huisden in het Mechelen van de vijftiende en zestiende eeuw.

[Een gastbijdrage van Dieter Verhofstadt. Zometeen de uitsmijter.]

2 gedachtes over “Het ros Beiaard (3)

  1. Dirk Zwysen

    Ook in Antwerpen werd Goliath meegedragen in de Ommegangen. Vanaf de 16de eeuw (1534) moet hij plaats ruimen voor de lokale antagonist Druoon Antigoon, de reus die in de stichtingssage zijn hand verliest. Van deze gigant rest nog enkel het hoofd, te bezichtigen in het MAS. Volgens de legende werd het gemaakt met papier-maché door een misdadiger die toch niets anders te doen had in zijn sombere kerker diep onder het Steen. Als dank voor het geleverde werk liet het stadsbestuur de man vrij. Maar omdat natuurlijk geen andere stad over een dergelijk kunstwerk mocht beschikken, brandde men de gewaardeerde kunstenaar eerst de ogen uit.

Reacties zijn gesloten.