Mark Twain in Baalbek

Baalbek

De Amerikaanse schrijver Mark Twain (1835-1910), de auteur van Tom Sawyer en Huckleberry Finn, reisde kort na de Amerikaanse Burgeroorlog naar het Heilig Land. Zijn reisbrieven bundelde hij later in The Innocents Abroad (1867). Op weg naar Jeruzalem bezocht hij ook Baalbek, en kwam de grote schrijver zijns ondanks woorden tekort. Wat hij de Tempel van Jupiter noemt, noemen wij de Tempel van Bacchus; en de bouwers van de heiligdommen waren, vanzelfsprekend, de Romeinen.

***

Om elf uur zagen we de muren en zuilen van Baalbek, een nobele ruïne waarvan de geschiedenis is als een verzegeld boek. De tempel staat er al duizenden jaren, en roept bij alle reizigers verwondering op, maar wie hem heeft gebouwd, en wanneer hij is gebouwd – dat zijn vragen die misschien nooit zullen worden beantwoord. Maar één ding is zeker: de grandeur van ontwerp en de elegantie van uitvoering, zoals te zien in de tempels van Baalbek, zijn ongeëvenaard, en zelfs niet benaderd in ook maar enig menselijk werk dat de afgelopen twintig eeuwen is gebouwd.

Een tunnel waar een paardentram doorheen kan rijden

De Zonnetempel

De grote Zonnetempel, de Tempel van Jupiter en de verschillende kleinere tempels staan vlak bij elkaar, middenin zo’n armzalig Syrisch dorp, en zien er nogal vreemd uit in dat plebejisch gezelschap. Ze zijn gebouwd op massieve funderingen die bijna een wereld zouden kunnen dragen; de gebruikte materialen zijn blokken steen zo groot als een paardentram en door deze funderingen lopen tunnels van metselwerk waar een trein doorheen zou kunnen rijden. Met zulke fundamenten is het geen wonder dat Baalbek zo lang heeft standgehouden.

De Tempel van de Zon is bijna driehonderd voet lang en honderdzestig voet breed. Er stonden vierenvijftig zuilen omheen, maar er staan er nu nog maar zes. De andere liggen gebroken aan de voet, een verwarde maar schilderachtige hoop. De zes zuilen zijn perfect, net als hun sokkels, Korinthische kapitelen en de dwarsbalken. Zes mooiere zuilen bestaan er niet. De zuilen en de dwarsbalken zijn samen negentig voet hoog – een hoogte voor een stenen schacht, maar het is echt waar – en toch denk je alleen maar aan hun schoonheid en symmetrie. De zuilen ogen slank en delicaat, terwijl de dwarsbalk met zijn uitgebreide beeldhouwwerk eruit als rijk stucwerk.

Zes mooiere zuilen bestaan er niet

Als je naar boven hebt gestaard tot je ogen vermoeid zijn, werp je een blik op de grote zuiltrommels waartussen je staat, en dan ontdek je dat die bijna drie meter dik zijn. Daarbij liggen prachtige kapitelen, die zo groot lijken als een klein huisje. Ook liggen er enkele platen steen, prachtig gebeeldhouwd, vier of vijf meter dik. Ze zouden de vloer van een gewone salon volledig kunnen bedekken. Je vraagt je af waar deze monsterlijke dingen vandaan komen en het duurt even voordat je jezelf ervan hebt overtuigd dat het luchtige en elegante beeldhouwwerk dat negentig voet boven je uittorent bestaat uit hun evenknieën. Het lijkt te absurd.

De Bacchustempel

De Tempel van Jupiter is een kleinere ruïne dan die waar ik het over had, maar is toch immens. Hij is goed bewaard. Eén rij van negen zuilen staat er bijna ongeschonden bij. Ze zijn vijfenzestig voet hoog en ondersteunen een portiek of dak dat hen verbindt met het dak van het eigenlijk gebouw. Dit dak bestaat uit enorme stenen platen die aan de onderkant zó fijn zijn gebeeldhouwd dat het van onderaf wel een fresco lijkt. Een of twee van deze platen waren gevallen en opnieuw vroeg ik me af of de gigantische massa’s gebeeldhouwde steen die om me heen lagen niet groter waren dan die boven mijn hoofd.

De tempel van Bacchus

Binnen in de tempel was de versiering uitgebreid en kolossaal. Wat een wonder van architectonische schoonheid en grandeur moet dit bouwwerk in de Oudheid zijn geweest!

De stenen van Baalbek

Ik kan me niet voorstellen hoe die immense steenblokken ooit uit de steengroeven zijn gehaald, of hoe ze ooit zijn opgetrokken tot de enorme hoogten die ze innemen in de tempels. En toch zijn deze gebeeldhouwde blokken klein in omvang vergeleken met de ruw gehouwen blokken die het platform vormen waarop de Grote Tempel zich verheft. Ze vielen namelijk in het niet bij de stenen die de korte kant vormen van het platform van de Zonnetempel. Dat waren er drie en ik dacht dat ze elk ongeveer even lang waren als drie omnibussen die achter elkaar stonden, hoewel ze natuurlijk een derde breder en een derde hoger zijn dan een tram. Ze zijn ingebouwd in een massieve muur, zo’n drie meter boven de grond. Ze zijn er, maar hoe ze daar zijn gekomen is de vraag. Ik heb de romp van een stoomboot gezien die kleiner was dan deze stenen.

De drie grote stenen

Al deze grote muren zijn net zo precies en vormvast als de dunne dingen die we tegenwoordig van bakstenen bouwen. Een ras van goden of reuzen moet vele eeuwen geleden Baalbek hebben bewoond. Mensen zoals wij konden nauwelijks zulke tempels bouwen.

We gingen naar de steengroeve waar de stenen van Baalbek vandaan kwamen. Die was ongeveer een kwart mijl verderop, bergafwaarts. In een grote kuil lag het broertje van de grootste steen in de ruïnes. Het lag daar zoals de reuzen van weleer hem hadden laten liggen toen ze werden weggeroepen – precies zoals ze het hadden achtergelaten, om duizenden jaren te blijven liggen, als een berisping voor degenen die minachtend willen doen over de mensen die vroeger leefden.

Zoals de reuzen van weleer de steen hebben achtergelaten

***

PS

U hebt begrepen dat ik deze dagen extra blog over Libanon omdat het land, dat al rijk is aan problemen, er een oorlog bij krijgt. Mijn blogjes zullen de situatie daar niet verbeteren, maar u kunt dat wel. Als u wat kunt missen, doneer dan voor de zorg van de vluchtelingen: dit is een project van iemand die ik persoonlijk ken en vertrouw.

Deel dit:

2 gedachtes over “Mark Twain in Baalbek

  1. Dirk Zwysen

    “Zo groot als een paardentram”
    “Tunnels waar een trein doorheen kan rijden”
    “Even lang als drie omnibussen”
    “Een stoomboot gezien die kleiner was”

    In hun afkeer van het metrisch stelsel grepen Amerikanen in de 19de eeuw blijkbaar naar het openbaar vervoer als maateenheid. Dat kunnen wij ook.

    “Van huis naar het werk is een afstand van twee omleidingen en drie afgeschafte haltes”.
    “Het eten is klaar over vijf vertragingen.”
    “De straaljager steeg op met het geluid van anderhalve stiltecoupé.”

Reacties zijn gesloten.