Velius Rufus

Inscriptie ter ere van Gaius Velius Rufus

Ik ontmoette Gaius Velius Rufus op 8 april 2012. Mijn zakenpartner en zijn echtgenote, met wie ik in Baalbek was, zagen hem als eerste en riepen me dat ik snel moest komen kijken. Hierboven ziet u de overdonderende inscriptie, die ergens rond het jaar 100 n.Chr. is opgericht door een zekere Marcus Alfius Olympiacus, de standaarddrager van het Vijftiende Legioen Apollinaris. De tekst is lang – u vindt hem hier – en boordevol informatie.

Eerst maar even zijn naam: zijn vader heette Salvius, een naam die in de eerste eeuw vooral voorkwam in de Abruzzen (hoewel de bekendste drager van deze naam, keizer Marcus Salvius Otho, afkomstig was uit een stadje in het wat noordelijkere Etrurië). Misschien kwam Gaius Velius Rufus dus uit het midden van Italië voordat hij centurio werd in het Twaalfde Legioen Fulminata, dat was gestationeerd in Syrië. Deze positie is meteen een interessant gegeven, want zoals ik al eens heb verteld had deze eenheid zich oneervol gedragen door in de winter van 62/63 in een oorlog met het Parthische Rijk te capituleren. Drie jaar later ging het opnieuw mis: toen in 66 de Joden in opstand kwamen, leed het Twaalfde een nieuwe nederlaag en verloor daarbij zelfs zijn adelaarsstandaard. Het is niet uit te sluiten dat Velius Rufus behoorde tot een nieuwe lichting officieren die het legioen weer op orde moest brengen.

Lees verder “Velius Rufus”

Naar Baalbek

Een museumstuk gebruiken om je peuk op uit te drukken. Waarom ook niet? (Baalbek)

Zaterdag zijn we naar Baalbek geweest, een van de indrukwekkendste opgravingen uit het Midden-Oosten: de grootste tempel uit het Romeinse Rijk, gewijd aan de zonnegod. Deze werd hier gelijkgesteld aan de Romeinse Jupiter, die geen zonnegod was. De inconsistentie verbaasde natuurlijk niemand.

De weg door de Bekaa-vallei bleek sinds mijn laatste bezoek wat veranderd. De grote vluchtelingenkampen die ik me herinnerde, zag ik niet meer. Dat kan betekenen dat ze zijn verplaatst, maar het kan ook betekenen dat er schot zit in het Libanese beleid dat vluchtelingen terug worden gestuurd en dat degenen die willen blijven, een huis moeten huren. Ik meende dat het pas volgend jaar zou ingaan, maar ik wil niet beweren dat ik de vinger aan de Libanese pols heb.

Lees verder “Naar Baalbek”

Nieuws uit Baalbek

De twee enorme monolieten (links en vooraan), met daarachter de nieuw-ontdekte grafkamers
De twee enorme monolieten (links en vooraan), met daarachter de nieuw-ontdekte grafkamers

Zoals de trouwe lezers van deze kleine blog weten, heb ik een zwak voor Libanon, en hoewel mijn absolute nummer-één-opgraving daar Tyrus is, ben ik ook een beetje verliefd op Baalbek, dat meer indruk op me heeft gemaakt dan Petra, Jerash en Palmyra. Misschien kwam het wel door de verkoper van Hezbollah-t-shirts die ons begroette met “sjaloom”.

De laatste jaren is in Baalbek het een en ander gedaan om de toegang naar de enorme tempels er wat netter uit te laten zien. En met succes. Er zijn ook wat opgravingen, onder meer bij de “zwangere steen” waarvan ik al eens eerder vertelde dat er een nieuwe, nog grotere monoliet was gevonden. Inmiddels is de opgraving verder gegaan en inmiddels zijn niet minder dan vijftien rotstombes ontdekt met elk drie grafkamers, waarin de skeletten nog bleken te liggen.

Lees verder “Nieuws uit Baalbek”

Zwangere steen

Twee monolieten

De vriendin uit Beiroet waarover ik zojuist schreef, vertelde me ook over een recent bezoek aan Baalbek. Als je het stadje binnenrijdt, zul je een antieke steenmijn passeren, waar je de grootste steen zult zien die ooit door mensen is uitgehouwen. Ze wordt aangeduid als Hajar al-Hibla, de “zwangere steen”. De eigenaar van de kleine souvenirwinkel naast de groeve begroette mijn vriendin met de enthousiaste woorden dat de zwangere een baby had gekregen.

Lees verder “Zwangere steen”

Vredesdividend

De toegang tot de tempel van Artemis in Gerasa
De toegang tot de tempel van Artemis in Gerasa

Zoals de trouwe lezers van deze kleine blog weten, schrijf ik aan een boek over het ontstaan van het christendom en rabbijns jodendom. Een tijdje geleden rondde ik een deel af dat ging over de Romeinse vazalkoning Herodes, waarin ik ook zijn bouwprojecten vermeldde. Strikt genomen staan ze buiten mijn betoog, maar ze zijn wel een nuttig anker voor de lezer, die wel het een en ander hiervan kan plaatsen: de Klaagmuur maakte onderdeel uit van de tempel (of beter, het tempelterras), Masada is min of meer spreekwoordelijk geworden voor compromisloos verzet en Caesarea is een geliefde toeristische bestemming.

De tempel in Jeruzalem was een fenomenaal project. Het terras, dat nog steeds een “landmark” is, werd in omvang verdubbeld, er kwamen indrukwekkende toegangspoorten en het terras werd aan drie zijden omgeven door mooie colonnades. Aan de vierde zijde verrees een enorme, drieschepige hal (een basilica, om de archeologische jargonterm te gebruiken).

Lees verder “Vredesdividend”

Wilhelm II in Baalbek

De inscripties van Wilhelm en Abdulhamid
De inscripties van Wilhelm en Abdulhamid

In 1898 maakten de Duitse keizer Wilhelm II en zijn echtgenote Auguste Victoria een rondreis door het Ottomaanse Rijk. In Constantinopel, dat later Istanbul genoemd zou worden, gelastte hij de bouw van “de Duitse fontein” op de plaats waar ooit de startboxen van de Byzantijnse paardenracebaan hadden gestaan. In Damascus schonk hij een nieuwe sarcofaag voor het graf van Saladdin. In Jeruzalem waren wat problemen: geen vorst mocht te paard door de Jaffapoort rijden terwijl een keizer protocolair niet overal te voet mag gaan. Een oplossing werd gevonden door een bres te maken in de muur naast de stadspoort.

Overal liet Wilhelm II inscripties achter. Ook in Baalbek. De keizer was met de trein vanuit Damascus naar Zahlé in de Bekaavallei gereisd – Duitse ingenieurs hadden de spoorlijn aangelegd – en reisde op 10 november naar Baalbek. De dag erna bezocht hij de ruïnes, die hem zeer aanspraken omdat de tempels zouden zijn gebouwd de Romeinse keizer Antoninus Pius, die door Wilhelm II werd beschouwd als rolmodel. De dag eindigde met de onthulling van een plaquette die sultan Abdulhamid II had laten maken: links een tekst ter ere van de Duitse vorst, rechts ter ere van zijn gastheer.

Lees verder “Wilhelm II in Baalbek”

Epische strijd in de Bekaavallei

Humbaba (British Museum)
Humbaba (British Museum)

Van alle wezens uit het Griekse bestiarium is Medusa een van de bekendste. Ze was een zogenaamde gorgoon, een vrouw met slagtanden, slangenhaar en een blik die letterlijk kon doden. Het staat vast dat het monster is geïnspireerd door de iconografie van Humbaba, een even monsterlijk wezen dat wordt genoemd in het Epos van Gilgameš, het nationale gedicht van de Babyloniërs.

Over die Humbaba valt meer te vertellen. Hij bewaakte in het Libanongebergte de ceders der goden, maar had de pech dat Gilgameš en zijn vriend Enkidu hout nodig hadden. Een epische strijd volgde, waarin Gilgameš vrij onverwacht de steun kreeg van de zonnegod Šamaš, die door het sturen van allerlei stormwinden Humbaba zó verlamde dat deze een makkelijk doelwit vormde voor de wapens van Gilgameš.

Lees verder “Epische strijd in de Bekaavallei”