Geweld bij Paulus

Een gewelddadige scène (Archeologisch Museum, Korinthe)

De wekelijkse stukjes over het Nieuwe Testament schrijf ik meestal op vrijdag of zaterdag. Vaak heb ik er wat boeken bij, regelmatig laat ik het nog even door iemand lezen. De afgelopen week had ik echter iets te veel dingen tegelijk aan mijn hoofd. Vandaag dus geen blogje met een kop en een staart, maar een vraag.

Geweld bij Paulus

Het gaat om een beroemde passage uit Paulus’ Tweede Brief aan de Korintiërs, waarin de apostel opsomt hoe hij omwille van zijn missie heeft geleden.

Ik heb harder gezwoegd, heb vaker gevangengezeten, heb veel meer lijfstraffen ondergaan, ben vaker in doodsgevaar geweest. Door de Joden ben ik vijfmaal met veertig min één zweepslagen gestraft, ik ben driemaal met stokslagen gestraft en ik ben eenmaal met stenen bekogeld.noot 2 Korintiërs 11.24-25; NBV21.

In het Romeinse Rijk bracht de beul lijfstraffen in het openbaar toe. De overheid toonde op die manier haar macht. Paulus alludeert in de Eerste Brief aan de Korintiërs aan zo’n schouwspel. Weliswaar staat er “alsof”, maar de bovenstaande lijfstraffen waren zeker niet alsof.

Maar volgens mij heeft God ons, apostelen, de laagste plaats toegewezen, alsof we ter dood veroordeeld zijn. We zijn voor heel de wereld, zowel voor engelen als mensen, een schouwspel geworden.noot 1 Korintiërs 4.9; NBV21.

Ik probeer te begrijpen hoe degenen die deze brief lazen of beluisterden, deze woorden hebben ervaren. Ze kenden de wrede straffen in de arena, waar misdadigers de meest afschuwelijke straffen ondergingen. Ze kenden ook de gewelddadige afbeeldingen waar men in de oude wereld zo verzot op was: de wandschilderingen, de standbeelden, de olielampjes. Een meester kon zijn slaaf mishandelen. Op het toneel waren verkrachtingen en executies bloedige ernst.

Wij kunnen ons geen voorstelling maken van zo’n wereld – en dat is maar goed ook. Ik probeer me desondanks voor te stellen hoe de Korintiërs reageerden op Paulus’ claim dat hij omwille van het Koninkrijk had gediend als gewelddadig schouwspel. Het lukt me niet. Dit was een van die vele passages uit een antieke tekst die me doet beseffen hoezeer we door ein garstiger, breiter Graben van de Oudheid zijn gescheiden.

***

Nu ik het toch heb over die garstiger, breiter Graben: om die reden heeft het weinig zin een antieke tekst te lezen zonder commentaar. Afgelopen week is het Nieuwe Testament met Joodse toelichtingen verschenen, een van oorsprong Amerikaans project waarover ik al eens schreef, maar nu verbeterd met ook Duits commentaar, en dat alles dan weer in onze eigen, mooie taal. Ik denk, zonder valse overdrijving, dat dit de belangrijkste oudheidkundige publicatie in ons taalgebied is in tien jaar.

[De oudheidkundige wetenschappen zijn in de eerste plaats wetenschappen. Een overzicht van stukjes over het wetenschappelijk aspect, vindt u daar.]

Deel dit:

4 gedachtes over “Geweld bij Paulus

  1. “een van oorsprong Brits project”?

    Ik werk al een aantal jaren met het Engelse origineel, The Jewish Annotated New Testament, en dat werd in 2011 en 2017 uitgegeven door Oxford University Press USA. Hoofdredacteur Amy-Jill Levine is Joods en hoogleraar New Testament & Judaic Studies aan de Hartford International University for Religion and Peace in Hartford, Connecticut en emeritus-hoogleraar New Testament aan de Vanderbilt University in Nashville, Tennessee, beide in de USA. Mede-hoofdredacteur Marc Zvi Brettler, ook Joods, is hoogleraar Judaic Studies aan de Duke University in Durham, North Carolina, ook USA. Ik zou willen dat het een Brits project was. Al was het maar omdat men daar pleegt te zeggen: ‘Theology is usually conceived in Germany, to be corrupted in the USA and then corrected in the UK.’ Maar ere wie ere toekomt: dit standaardwerk is helemaal Amerikaans.

  2. “In het Romeinse Rijk bracht de beul lijfstraffen in het openbaar toe. De overheid toonde op die manier haar macht. ”

    Het in het openbaar straffen (topt wanneer deed men dat eigenlijk? Best wel recent dacht ik) gaat niet zozeer om het geweld maar om het geweldsmonopolie. Naast een soort van ‘bewijs’ aan het volk dat de gestrafte een straf had ondergaan (kon ook een schandpaal zijn) ging het er volgens mij vooral over dat dit recht om te straffen alléén bij de overheid lag.

  3. “Op het toneel waren verkrachtingen en executies bloedige ernst.
    Wij kunnen ons geen voorstelling maken van zo’n wereld”

    Is dat zo? Ik ga er niet van uit dat er op het toneel destijds daadwerkelijk geëxecuteerd en verkracht werd – net zo min als in de films en games waar wij blijkbaar zo verzot op zijn. Ik weet het, er zitten verschillen in, maar zo heel erg verschillend is het nu ook niet weer.

Reacties zijn gesloten.