
Na vier jaar oorlog was het in 1944 duidelijk dat de partij met het meeste materieel de strijd zou winnen. Geconfronteerd met de schier onuitputtelijke stroom voertuigen en wapens, brandstof en munitie die de geallieerden konden produceren, zag het er voor Duitsland niet goed uit. Het enige wat de Duitsers na D-Day konden doen, was proberen de toestroom van dit materieel te saboteren.
Dat lukte deels: hoewel het Duitse front in Normandië eind juni in elkaar stortte, was het vernielde Cherbourg nog een maand lang onbruikbaar. De garnizoenen van Lorient en Saint-Nazaire hielden hun havens tot het einde van de oorlog uit handen van de geallieerden. Door de vlotte opmars door Frankrijk en België in augustus kwam het front steeds verder te liggen van de beperkte aanvoerhavens. Het offensief dreigde te stokken omdat voorraden honderden kilometers moesten afleggen over slechte wegen.
Antwerpen bevrijd
De geallieerden hadden nood aan een grote, intacte haven dichter bij het front. Op 4 september werd daartoe Antwerpen bevrijd. Door een goede coördinatie met het Belgische verzet viel de haven vrijwel ongeschonden in geallieerde handen. Helaas gaven strategische blunders van Montgomery de Duitsers de kans zich te reorganiseren in Zeeuws-Vlaanderen en op Walcheren. Pas op 28 november, na bittere strijd en hard werk, kon een eerste schip over de mijnenvrije Schelde de Antwerpse haven bereiken. Een bruikbaar Antwerpen was voor de Duitsers een nachtmerrie: de grootste haven van het continent kon tien tot twintig keer het volume verwerken van een gemiddelde Franse Kanaalhaven en dit vlak bij het industriële hart van het Reich.
Omdat Antwerpen nu buiten het bereik van de artillerie lag en de Luftwaffe geen vuist meer kon maken, zocht Hitler zijn heil in nieuwe wapens: de vliegende bom V1 en de supersonische raket V2. Binnen enkele uren konden deze tuigen afgevuurd worden vanop mobiele installaties uit bezet Nederland. Dat ze niet erg precies waren, deerde niet. De Antwerpse haven was het primaire doelwit maar burgerslachtoffers zag men als een bonus. Al in 1943 stelde een Duitse officier: “De A4 (V2) is het brutale antwoord op brutaliteit! (…) Het is terreur tegen terreur!”.
De eerste V2
Zo schrikte Antwerpen op 13 oktober op van een luide knal. Een gasexplosie, misschien? De oorlog leek tenslotte voorbij voor de bevrijde Sinjoren. Al snel werd duidelijk dat het volledig vernielde huizenblok naast het eveneens getroffen Museum van Schone Kunsten, net als de tweeëndertig doden en zesenveertig gewonden, aan iets nieuws te wijten waren. Een Britse soldaat noteerde: “Something beastly fell in Antwerp yesterday.”
Het zou het begin worden van 175 dagen terreur. Trieste hoogtepunten zijn o.a. 16 november (V1 op weeshuis: 38 dode kinderen) en 27 november (V2 op druk kruispunt Frankrijklei-De Keyserlei: 157 doden).
De Sinjoor paste zich aan aan de dagelijkse V1- en V2-inslagen. Puin werd snel geruimd, het leven moest verder gaan. Omdat Antwerpen niet over een netwerk van metrotunnels of schuilkelders beschikte, leefden vele gezinnen in hun eigen kelder. Ik bezocht er in mijn buurt één waar een stevige boomstam, geplaatst in 1944, het plafond nog steeds preventief ondersteunde. Bij een dokter stond op de voordeur geschreven: “Niet bellen – tegen het keldervenster trappen”. Wie dit kon, verliet de stad.
Boze nabestaanden
Een ver familielid keerde op een dag terug om iets uit zijn huis op te halen en kwam om bij een inslag in de straat. Op het overlijdensbericht pasten boze nabestaanden de doodsoorzaak met de hand aan.

Reddingsdiensten professionaliseerden snel en kregen ondersteuning van Britse en Amerikaanse teams met heel wat materieel: snijbranders, lampen, ziekenwagens, kranen en bulldozers… De luchtverdediging, codenaam Antwerp X, werd uitgebouwd: de geallieerden hadden veel geleerd van de V1’s op Londen sinds mei 1944. Er kwamen observatieposten, radarstations en luchtafweer in concentrische ringen rond Antwerpen. Het aantal neergehaalde bommen steeg van 62% in november naar 85% eind maart. Maar dit ging om de V1, de vliegende bom. Tegen de supersonische V2 was weinig te beginnen. Eén raket zou op 16 december alle vorige inslagen overtreffen.
[Wordt vervolgd. De gastauteurs van deze blog nemen deze dagen het stokje over. Vandaag dus een gastbijdrage van Antwerpenaar Dirk Zwysen. Dank je wel Dirk!]
Zelfde tijdvak
Het bombardement op Mortselapril 5, 2023
Elie Aron Cohenmei 4, 2021
Whisky, wapens en weeldejuni 28, 2019

“Helaas gaven strategische blunders van Montgomery”
Inderdaad vraag ik me af of Monty ooit een kaart van Zeeland en vooral de Westerschelde heeft bestudeerd. UIteraard geldt voor zijn superieur Eisenhower hetzelfde.