De begraafplaats van Berchem

Een kennis van me trekt op vakantie graag naar de supermarkt. Het intrigeert hem hoe die er anders uit ziet dan thuis. Ik heb hetzelfde met begraafplaatsen, een meer neutrale maar o zo banale naam voor kerkhof.

Ik leid u graag rond op dat van Berchem, in de zuidrand van Antwerpen.

Heowel klein vergeleken met het ruime en groene Schoonselhof, waar u onder andere de graven van Hendrik Conscience, Paul Van Ostaijen en Hubert Lampo vindt, biedt het toch een blik op de recente geschiedenis van stad en land.

Lees verder “De begraafplaats van Berchem”

De Reie tegen de Schelde

[Vandaag een bijdrage van een van de vaste gasten in de reageerpanelen van deze blog: Dirk Zwysen uit Antwerpen.]

Trouwe lezers van dit blog knipperen niet meer met de ogen als ze lezen over meervoudige attestatie, seriatie, isotopenonderzoek en het vermoedelijk verzonnen woord röntgenfluorescentiespectrometrie (kom nou). Allemaal zeer rationele manieren om licht te werpen op de Oudheid. Maar hoe betrouwbaar ook, deze methoden schieten tekort als we de Oudheid willen ervaren. Hoe was het om naar de wagenrennen te gaan en de roden te zien winnen? Hoe voelde het als een triomftocht passeerde? Wat ging er door het hoofd van de hoplieten bij Marathon? Voor zulks einfühlen trekt een beetje onderzoeker naar de voetbal (door Nederlanders foutief het voetbal genoemd).

Nu dient men zich uiteraard niet te begeven naar het eerste het beste stadion, maar naar een authentieke voetbaltempel. In de Lage Landen is uw beste optie een bezoek aan het Bosuilstadion in Antwerpen, de thuisbasis van de Royal Antwerp Football Club.

Lees verder “De Reie tegen de Schelde”

Literaire quiz (10)

Hoewel er weinig van valt te herkennen, is dit historische grond: hier is iets verschrikkelijks gebeurd. (De bouwwerkzaamheden zijn overigens van recenter datum.)

De gebeurtenis is door talloze auteurs herdacht. Maar wat is hier gebeurd? Noem dus de plaats – ik vermoed dat dit er snel uitkomt – en noem de gebeurtenis met het juiste dodental. De literaire uitingen hoeft u niet te noemen, want die zijn niet te harden. (Eigenlijk is het vandaag dus minder een literaire dan een historische quiz.)

De vaste lezers van deze blog kennen de prijs: eeuwige roem. Het Nationaal Archief en Archive.org (kijk maar) maken geregeld backups van deze site, dus uw knappe antwoord zal nog tot mensenheugenis terug te vinden zijn.

Literaire quiz (5)

Antwerpen, Kloosterstraat

Een nieuw jaar, een nieuwe literaire quiz. Meestal plaats ik een foto en mag u raden waar het is en welk boek en auteur erbij horen. De prijs is de onsterfelijke roem dat u het goede antwoord weet, een roem die waarlijk onsterfelijk zal zijn omdat het Nationaal Archief van deze website een backup bijhoudt. En anders is er de backup in Archive.org waar uw goede antwoord bewaard zal blijven.

Vandaag doe ik het iets anders: de plaats verraadt ik alvast en dat is ook logisch want u kunt rechts op de foto het straatnaambordje lezen. Dit is de Kloosterstraat in Antwerpen. De vraag is wat deze straat heeft te maken met deze regel uit de Bijbel:

Lees verder “Literaire quiz (5)”

Literaire quiz (4)

Vandaag een nieuwe aflevering in mijn kleine reeks literaire quizzen, waarin ik u laat raden welk boek wordt geïllustreerd door een foto (één, twee, drie). Welbeschouwd een rare quiz, want in feite doodt het bij de lectuur van pakweg Heart of Darkness uw fantasie als ik u een foto zou tonen van het gebouw dat Joseph Conrad ertoe bracht een Europese hoofdstad te typeren als een “sepulchral city”. De auteur gebruikte niet voor niets een metafoor, hij wilde een gevoel of een beeld bij u oproepen, hij wilde uw fantasie het werk laten doen.

Van de andere kant: er zijn boeken die echt heel duidelijk een stad tot thema hebben (Ulysses, De stad der wonderen). Harry Mulisch beschrijft ergens het Pantheon als zonnewijzer en dan helpt een foto van dat gebouw wel degelijk. Vandaag een soortgelijke foto: een halteplaats langs een spoorlijn. In welke roman speelt deze plek een belangrijke rol?

Lees verder “Literaire quiz (4)”

Vijftig jaar AVRA

Wrijfschaal uit Antwerpen
Wrijfschaal uit Antwerpen

Het Römisch-Germanisches Museum te Keulen, het Archeologischer Park bij Xanten, het standbeeld van Ambiorix in Tongeren, de restanten van de Romeinse stadsmuur achter het casino van Nijmegen, de tempelfaçade in het centrum van Aken, het ruïneveld in Bavay, het ruiterstandbeeld van Corbulo in Voorburg: dat deze steden een Romeins verleden hebben, kan geen bezoeker ontgaan.

Het is niet helemáál onbegrijpelijk dat je Antwerpens Romeinse verleden niet eveneens herkent. Het zestiende-eeuwse verleden trekt nu eenmaal meer de aandacht dan de schaarse archeologische resten. Boven de poort tot het Steen is in de Middeleeuwen een Romeins reliëf ingemetseld, en niet veel verderop zijn, bij de bouw van een parkeergarage, voorwerpen opgegraven die suggereren dat hier een chique gebouw heeft gestaan. De mooie schaal hierboven bijvoorbeeld.

Lees verder “Vijftig jaar AVRA”

Muziekhinder

antwerpen_pianist
De Antwerpse pianist

Een tijdje geleden ben ik overvallen en beroofd van mijn portefeuille. (Voor mijn lieve moeder, die deze blog leest: de schade was gering.) Het geval wilde echter dat ik die avond moest spreken in Antwerpen, een plaats die ook zonder de komende verhoging van de treinprijs niet zo makkelijk is te bereiken als je niet beschikt over contant geld en niet kunt pinnen. Een aardige taxichauffeur vervoerde me desondanks, terwijl de organisatie die me had uitgenodigd de rekening voldeed en me het geld leende om mijn hotel te betalen.

Hadden de criminelen mijn vertrouwen in de mensheid nogal beschadigd, de chauffeur en de vriendelijke penningmeester deden veel om het te herstellen. Desondanks voelde ik me rottig toen ik de volgende ochtend de trein naar Nederland moest gaan nemen. Het is een saaie reis en ik wist dat ik zou gaan piekeren.

En toen klonk de muziek.

Lees verder “Muziekhinder”

Ach, geschiedenis

Kleio, de muze van de geschiedschrijving. Mozaïek uit Zeugma, nu in Gazi Antep.

1.

Momenteel ben ik in Antwerpen, waar ik morgen in de Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience een lezing zal verzorgen over Alexander de Grote. Om er op tijd te kunnen zijn, heb ik een hotel geboekt. Het bevindt zich in een oud gasthuis, waar sinds de dertiende eeuw de zieken werden verpleegd. Een deel is herbouwd als ziekenhuis, maar de kamers van de nonnetjes zijn nu in gebruik als hotel. Je slaapt hier, letterlijk, in de geschiedenis.

Daarvan kun je genieten. Dit is niet zomaar een kamer, dit is niet zomaar een huis. De hanenbalken zijn geen gewone stukken hout. Er komen associaties bij, die het huis versieren en een toegevoegde waarde vormen. En zoals kennis van de schilderkunst je helpt genieten van wat welbeschouwd een stuk textiel met opdruk is, zo helpt kennis van het verleden je extra genieten van wat welbeschouwd een structuur van bakstenen is.

Lees verder “Ach, geschiedenis”

Effectief goropiseren

“Antwerpen” komt van “hand werpen”, iedereen weet dat.

Johannes Goropius Becanus (1519-1572) was een van die briljante geleerden uit de late Renaissance: hij was niet alleen arts, maar ook letterkundige en taalkundige. Een homo universalis in de beste zin van het woord. Helaas stond de taalkunde destijds nog in haar kinderschoenen, en dat heeft de reputatie van Goropius geen goed gedaan.

Ook grote geleerden hielden er destijds de wonderlijkste taalkundige ideeën op na. Zo opperde Hugo de Groot dat Amerika was gekoloniseerd vanuit een Germaans-sprekend gebied, aangezien veel Azteekse plaatsnamen uitgingen op /-lan/, wat zou zijn afgeleid van /-land/. Meer over De Groot hier.

Lees verder “Effectief goropiseren”

Antwerps evangelie

De eerste mens die niet van Antwerpen houdt, moet nog worden geboren.

Mijn goede vader wist wel hoe hij zijn puberende zoon aan het lezen moest krijgen: hij drukte me De komst van Joachim Stiller in handen. Lampo’s roman maakte een overdonderende indruk en vormde het begin van een inmiddels al ruim dertig jaar durende liefde voor de Nederlandse en Vlaamse letteren, die – als het aan mij ligt en als ik me mag baseren op de gebruikelijke mortaliteitsstatistieken – nog eens ruim dertig jaar kan duren.

Hoewel ik later ben wezen kijken op het verlaten Antwerps Zuidstation, waar de titelheld aan het einde van het verhaal aan- en omkomt, heb ik het boek nooit willen herlezen. Ik had het idee dat het me nooit meer zó zou kunnen overrompelen. En bovendien: sommige boeken moet je lezen op een bepaalde leeftijd. Misdaad en straf vóór je vijfentwintig bent, Jack London voor je dertigste, en De komst van Joachim Stiller rond je vijftiende.

Lees verder “Antwerps evangelie”