Spiegelbeeld en Judaskus

Schoongemaakte Etruskische spiegel (Museum voor Schone Kunsten, Boedapest)

Het boek The Return of Martin Guerre (1983) van Natalie Zemon Davis, bevat het wondermooie verhaal van een zekere Martin Guerre. Een samenvatting van het waargebeurde dubbelgangersverhaal vindt u hier; er is ook een musical, die ik ooit in Londen zag en me minder kon bekoren dan het boek. Er zijn verfilmingen, waaronder een film die het verhaal van de zestiende eeuw verplaatst naar de tijd na de Amerikaanse Burgeroorlog.

Ik verraad niet veel als ik u vertel dat Guerre op een dag verdwijnt en later weer terugkeert, maar dat dit feitelijk een dubbelganger is, Arnaud du Tilh. Deze blijkt vrij veel van de echte Guerre te weten – voldoende om diens echtgenote er althans voor enige tijd van te overtuigen dat hij haar verdwenen echtgenoot is – en dat kan alleen als hij de echte Guerre heeft ontmoet. Als ik me goed herinner, speculeert Davis erover hoe dat is gegaan en merkt ze op dat omstaanders de twee hebben geattendeerd op hun gelijkenis. In de zestiende eeuw wisten mensen namelijk niet hoe ze er uit zagen. Spiegels waren een luxe-object, vervaardigd van gepolijst metaal en alleen in gebruik bij de elite.

Lees verder “Spiegelbeeld en Judaskus”

Behistun (3)

Darius vertrapt Gaumata (detail van het Behistunreliëf)

Ik beschreef in het eerste stukje hoe belangrijk de Behistuninscriptie was en vertelde in het tweede stukje dat deze oud-Perzische tekst de door koning Darius geautoriseerde versie is van de gebeurtenissen rond zijn staatsgreep. Herodotos kende het verhaal, vermoedelijk via een mondelinge informant, zoals wel vaker. We bekeken al de eerste scene: de staatsgreep van Gaumata, de magiër die voorwendde prins Bardiya te zijn.

Volgens Herodotos ontdekten hovelingen de waarheid en begonnen ze te overleggen hoe ze de valse broer van de inmiddels overleden koning Kambyses konden verwijderen. De Griekse onderzoeker kende zes aristocraten: Otanes, Gobryas, Intaphrenes, Hydarnes, Megabyzus en Aspathines. Ze aarzelen nog als de zevende samenzweerder aankomt: Darius, een verre verwant van Kambyses. Geen enkele lijfwacht durft het zevental tegen te houden als ze naar het koninklijke paleis in Susa gaan, waar Darius de valse koning doodt. Zie het plaatje hierboven.

Lees verder “Behistun (3)”

Behistun (2)

Een papyrus uit Elefantine met een deel van de tekst van de Behistuninscriptie, vertaald in het Aramees, illustreert hoe Darius zijn versie van de gebeurtenissen aan alle onderdanen liet weten. (Neues Museum, Berlijn)

Gisteren vertelde ik dat de Behistun-inscriptie een belangrijke rol speelde bij de ontcijfering van het spijkerschrift: ze hielp drie talen met elk een eigen spijkerschrift te ontcijferen, namelijk het Perzisch, het Babylonisch en het Elamitisch. Maar wat had koning Darius nu eigenlijk te melden?

Eerst even iets over de situatie. In 522 was koning Kambyses overleden, die Egypte had toegevoegd aan het rijk dat Cyrus de Grote had gesticht. Als we de Griekse onderzoeker Herodotos mogen geloven, was Kambyses niet goed bij zinnen geweest en had hij onder meer zijn broer Smerdis laten doden. Terwijl hij uit Egypte terugkeerde, had hij echter gehoord dat Smerdis niet alleen in leven was, maar ook de troon had opgeëist. Op weg naar huis was Kambyses toen overleden. Herodotos verklaart de wederopstanding van Smerdis als een dubbelganger: het was een magiër, die samen met zijn broer de macht had overgenomen. Een magiër is overigens geen tovenaar maar een specialist die de offerliturgieën kon opzeggen.

Lees verder “Behistun (2)”