Romeinen en Bataven

Bataafse ruiters (Valkhofmuseum, Nijmegen)

Wie zich bezighoudt met de wereld van de oude Babyloniërs, Egyptenaren, Grieken, Joden en Romeinen ontdekt al snel dat we erg weinig gegevens hebben. De teksten zijn niet geschreven om mensen in 2017 te informeren; de ruïnes zijn precies dat – ruïnes, overblijfselen van gebouwen die er niet langer zijn. Er zijn echter een paar onderwerpen waarbij het met de dataschaarste meevalt, zoals de krijgsgeschiedenis van het Romeinse keizerrijk. Antieke auteurs schrijven veel over oorlog, honderden inscripties helpen bij de reconstructie van de regimentsgeschiedenis en archeologen hebben slagvelden en forten opgegraven. Omdat er betrekkelijk veel informatie is over oorlog, begrijp je waar het gemakzuchtige denkbeeld vandaan komt dat de Romeinen zo krijgszuchtig waren.

Het grote aantal bronnen en de goed ontsloten vondsten stellen de schrijver van een roman over de Romeinse krijgsgeschiedenis in staat het verleden enigszins adequaat weer te geven. De Britse auteur Anthony Riches schreef al een reeks boeken over Romeins Brittannië en voegde daar onlangs nog de “Centurions Trilogy” aan toe over de Bataafse Opstand. De boeken zijn grotendeels gebaseerd op de Historiën van de Romeinse auteur Tacitus, maar Riches is gewiekst genoeg om nevenplots toe te voegen en enorme delen uit Tacitus’ relaas samen te vatten, bijvoorbeeld door een soldaat een bepaalde gebeurtenis te laten melden aan zijn superieur.

In het eerste deel, Betrayal, lezen we hoe de Bataafse leider Julius Civilis erin slaagt zijn stam tot opstand te verleiden op het moment dat de Romeinen verdeeld zijn door een burgeroorlog. Het is een rauw boek, vol fucks en stoere blijken van mannelijkheid, maar het biedt net wat meer dan alleen macho-legionairs. Er is ook een wat meer sensitieve officier in opleiding, er zijn Germanen en Julius Civilis blijkt zowaar een boek te hebben gelezen. In het tweede deel, Onslaught, escaleren de zaken en in het derde, Retribution, zetten de Romeinen die zaken weer recht.

Dat laatste gebeurt anders dan u, wanneer u Tacitus hebt gelezen, wellicht zult vermoeden: het manuscript van de Historiën breekt namelijk af tijdens de vredesonderhandelingen en Riches heeft een heel onverwachte en tegelijk volstrekt logische draai in petto die in elk geval ik niet heb zien aankomen toen ik onlangs optrad als meelezer van Retribution.

Retribution is het beste deel van de trilogie: de Bataafse en Romeinse legers zijn gedemoraliseerd en hoewel de laatsten nieuwe troepen kunnen inzetten en daardoor zullen zegevieren, twijfelen de soldaten regelmatig aan de aard van hun bezigheden. Natuurlijk, ze staan er als ze er moeten staan. Ze laten hun kameraden niet in de steek. Maar ze aarzelen over hun commandanten, stellen vragen, weifelen, zijn onzeker. Er zijn verraders met nobele motieven, er zijn nobele figuren die sinistere handelingen moeten verrichten. En ik verraad weinig van de plot als ik u vertel dat Civilis niet bestand is tegen zijn succes.

Wat ik vooral aardig heb gevonden, is Riches’ poging het Germaanse karakter van de Bataven te schetsen. De god Hercules kan dan ineens Magusanus heten. De man die door de Romeinen Civilis wordt genoemd, heet in een Germaanse context Kivilaz en is Kiv voor intimi. De Bataven zijn door Riches verrijkt met een college van wolfspriesters dat volgens mij ook werkelijk bestaan zou kunnen hebben. Zeker in het eerste deel verraste Riches me met plausibele verklaringen voor dingen die bij Tacitus, die immers niet schreef om de mensen in 2017 te informeren, niet helemaal duidelijk maakt. Zo vertelt de Romeinse auteur dat Civilis door de Romeinen gearresteerd is geweest, zonder dat we werkelijk begrijpen wat daar precies aan de hand is geweest. Riches’ verklaring trof mij als geloofwaardig.

Voor een Nederlandse lezer van het Engels is het gebruik van sommige stamnamen wat wonderlijk en u moet niet verwachten dat de Centurion Trilogy zoiets is als Yourcenars Mémoires d’Hadrien. Zo’n boek heeft Riches ook niet willen schrijven. Zijn helden zijn gewone soldaten en officieren, niet de verfijnde heersers van het Mediterrane wereldrijk. Maar ook gewone soldaten en officieren kunnen het voorwerp zijn van tragische verhalen en boeiende romans.

8 gedachtes over “Romeinen en Bataven

  1. Ik had nog nooit van Anthony Riches gehoord, totdat hij zich enkele maanden terug mengde in een discussie op een ander forum over de locatie van de ‘Quintilian suburb’ in Rome (i.e. de plaats waar Commodus verbleef tijdens een volksopstand tegen zijn prefect Cleander). Hij deed een nuttige suggestie over twee door Commodus vermoorde broers die Quintilius heetten, maar reageerde helaas niet meer op verdere vragen over de exacte plaats van hun door de keizer geconfisqueerde landerijen. Ik vroeg me toen al of of zijn boeken de moeite waard waren. Nu weet ik dat het antwoord ‘ja’ is.

    P.S. wie meer weet over de ‘Quintilian suburb’ mag natuurlijk reageren!

      1. Een goede tip voor de Sint of kerst in elk geval.

        Ben je overigens bekend met de boeken van Jeroen Windmeijer, de ‘Dan Brown van de Lage Landen’? Een combinatie van Leidse, Romeinse en Bijbelse geschiedenis. Ik moet zeggen dat de vergelijking met kroketten daar niet opgaat. Het gaat eerder om boeken die zich van buiten presenteren als sterrenrestaurant, maar eenmaal binnen zit je aan formica tafeltjes met plastic bestek de kliekjes van drie weken geleden op te peuzelen, terwijl de chefkok maar niet ophoudt met praten. En je mag pas weg als alles op is…

  2. Gerard

    Leuk en interessant stukje weer. Fijn dat u weer schrijft; de dagen zijn toch saaier zonder de dagelijkse geschiedenisversnapering.

    Nog een reactie op het stukje van gisteren: dat de Tacitus een Germaanse strijder de naam Chariovalda toedient, wat in het Oudgermaans de betekenis ”legerleider” heeft (OG *Harjawaldaz), betekent niet meteen dat dit geen naam maar een titel was. Er zijn meerdere van dit soort Oudgermaanse namen bekend: zo zijn er bijvoorbeeld *Waldaharjaz (met dezelfde twee naamelementen als *Harjarwaldaz), *Harjarīks/*Harjarīkaz (”koninklijke legerleider”) en *Þeudarīks/*Þeudarīkaz (”koning van het volk”). Al deze namen slaan op legerleiders en koningen, terwijl de dragers niet noodzakelijk officier of koning waren.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s