Geen plaats in de herberg

Het is bijna kerstmis. Het is zinvol in mijn reeks over het Nieuwe Testament een beroemde passage uit het Evangelie van Lukas te behandelen. De voorgeschiedenis – de volkstelling van Quirinius – veronderstel ik bekend. Jozef en zijn zwangere echtgenote Maria zijn aangekomen in Betlehem.

Geen plaats in de herberg

Terwijl ze daar waren, brak de dag van haar bevalling aan, en ze bracht een zoon ter wereld, haar eerstgeborene. Ze wikkelde hem in doeken en legde hem in een voederbak, omdat er voor hen geen plaats was in het gastenverblijf.

De laatste regel wordt vaak vertaald als “geen plaats in de herberg”. Dat heeft geleid tot het misverstand in het bovenstaande plaatje: dat een harteloze herbergier het echtpaar zou hebben geschoffeerd. Het is niet eens helemaal uit te sluiten. Betlehem lag in Juda, waar men de neus wat ophaalde voor de boerenkinkels uit Galilea.

Warm vee en comfortabel hooi

Maar het zit anders. Er was een volkstelling gaande – althans volgens het evangelie – en de mensen moesten hun landbezit laten registreren. Een vrouw laten bevallen tussen allerlei vreemde kerels, gefrustreerd en opgefokt door de landregistratie van een bezettende macht, dát zou pas harteloos zijn geweest. Zo iemand gaf je een plek waar ze met haar man en een verloskundige alleen kon zijn. Als de voederbak een aanwijzing is voor een verblijf in een stal – het staat er weliswaar niet maar is plausibel – dan was er de warmte van het vee en het comfort van hooi en stro.

Levend in een postindustriële samenleving halen wij daarvoor de neus op, maar u moet maar eens kijken in een gereconstrueerde antieke boerderij – denk aan de Archéosite van Aubechies, het Prehistorisch Dorp in Eindhoven of Archeon in Alphen aan den Rijn – om te zien hoe dicht men destijds bij het vee leefde. In elke boerensamenleving zou de gastheer van een overvol gastenverblijf een zwangere vrouw het gebruik hebben aangeboden van de stal.

Meer kerstgerelateerde misverstanden op deze pagina.

[Dit stuk wordt gereblogd op #GrondslagenNet, de groepsblog van archeologen, classici en oudhistorici. Een overzicht van deze reeks is hier.]

11 gedachtes over “Geen plaats in de herberg

  1. Truus Pinkster

    Leuke tekst, Jona. Maar ‘verloskundige’ lijkt me toch een misplaatst woord in dit verband. We hebben daar zo’n prachtig Nederlands woord voor: vroedvrouw

  2. Pingback: Geen plaats in de herberg | apenstaartjeweblog

  3. Arjen Dijkgraaf

    Ineens moet ik nu denken aan Auke Herrema’s strippagina uit de jaren 80 in het tijdschrift Mad, met een reeks repeterende beelden van een os en een voederbak… schrok schrok, herkauw herkauw, schrok schrok, herkauw herkauw, schrok … Os loopt weg, dame met aureooltje begint paniekerig in de bak te graaien en roept uit: Jezus!
    Zulke humor kan nu niet meer.

      1. Ben Spaans

        Een variant is dat Jozef zijn hoofd stoot, uitroept ‘Jezus’ waarop Maria met de baby op schoot opmerkt: ‘dat was een leuke naam geweest voor onze Harry!’
        Zo maken ze die tegenwoordig niet meer…🙄

        1. Arjen Dijkgraaf

          En natuurlijk de strip van Lauzier waarin Maria haar bedpartner uitlegt dat ze Jozef iets heeft wijsgemaakt over een onbevlekte ontvangenis en dat de sukkel het nog geloofde ook. “Maar als het een jongetje wordt noem ik hem Jezus, naar zijn echte vader.”

  4. Willem Visser

    Jesaja 1:3 “Een rund* herkent zijn meester,
    een ezel zijn voederbak,
    maar Israel mist elk inzicht,
    mijn volk leeft in onwetendheid.”
    (In de oude Statenvertaling is sprake van een ‘os’)

    De bedenkers van het Kerststalletje visualiseren deze tekst om de Joden er nog eens fijntjes op te wijzen hoe dom ze wel zijn Christus af te wijzen als hun Meester…

  5. Jacob Krekel

    Er waren nog veel meer dieren in de stal. De schildpad had moeite gehad om op tijd te komen, maar de olifant was er al. Er was ook een struisvogel. Die legde in een hoek van de stal een mooi groot struisvogelei. “Oh”, zei Maria (die itt wat Jona schrijft nog niet de echtgenote van Jozef was), “dat komt goed uit, daar kan ik mooi een omelet van bakken, want morgen is het kerstmis, en dan zijn alle winkels dicht.”

  6. Het plaatje is mooi maar slaat qua Bijbelkennis de plank volledig mis: J&M waren geen vluchtelingen voor wie geen plaats was. Toen ze later naar Egypte moesten vluchten werden ze dat wel, maar blijkbaar was er daar plek genoeg.

    1. Frans Buijs

      Dat niet alleen, de harteloze mensen die hen zogenaamd wegstuurden waren net zo Midden-Oosters als de zogenaamde vluchtelingen.

    2. Gert M. Knepper

      Volgens het bijbelverhaal in Lukas 2 was er wel degelijk geen plaats voor J&M. Vluchtelingen zijn ze in dat verhaal inderdaad niet, maar het ‘seeking refuge’ op het plaatje suggereert dat ook niet noodzakelijkerwijs: ‘seeking refuge’ zal daar betekenen ‘op zoek naar onderdak’. (En dat ze “later naar Egypte moesten vluchten” komt uit de kinderbijbelversie van het kerstverhaal.)

Reacties zijn gesloten.